Wielerlyriek

MAG IK u wat vragen, vroeg een man zaterdagavond nadat ik mij in het Nijmeegse theater Lux een weg had gestotterd door hoofdstuk 18 van een binnenkort te verschijnen biografie over de oud-wielrenner Johan van der Velde....

Omdat het Nederlands kampioenschap dit weekeinde in Nijmegen werd gehouden en omdat wielrennen de meest poëtische sport zou zijn, was er een avondje voorlezen georganiseerd. Martin Ros bracht Johnny the Selfkicker weer eens tot leven, veel poëtischer kan een avondje voorlezen niet worden.

Ik werd omringd door bevlogenen aan het smalle tafeltje op het podium. Er rolden namen over het tafeltje (Eugène Christophe), waarvan ik tot mijn grote schande nog nooit had gehoord.

Daarom was wellicht het uitgangspunt van deze avond niet als vraag, maar als stelling geponeerd. Wanneer het resultaat maatgevend is, zou ik eerder voetbal of het Amerikaanse honkbal die eer gunnen, maar misschien zijn die boeken wel niet poëtisch genoeg.

Dat is ook tegelijkertijd het vervelende van een hele reeks wielerboeken, dat ze zo enorm poëtisch zijn. Geen sport wordt zo gemythologiseerd als wielrennen. Neem het veelgeprezen boek Tour de France van de Fransman Antoine Blondin. Alleen de titel is eenvoudig gehouden. Je moet bewondering hebben voor de lyriek, maar een dierbaar bezit wordt het niet.

Terwijl de een na de ander zijn liefde voor de wielersport wel kon en moest uitschreeuwen, ging op het tafeltje de nieuwste aanwinst van radiojournalist Jeroen Wielaert rond. Hij had de vorige dag, na lang zoeken, in Clermont-Ferrand een geweldig fotoboek op de kop getikt.

Er stonden foto's in om van te likkebaarden. Poëtischer dan in de fotografie kan wielrennen naar mijn mening niet worden. Dit waren oude prenten, dus extra mooi, maar de vorige week in veel kranten gepubliceerde foto van Konisjev op de besneeuwde Gotthard-pas was toch ook weer van zelden geëvenaarde schoonheid. Wie daarvoor gevoelig is, wil het woord doping nooit meer horen.

Die man uit de eerste zin wilde weten wat het mooiste wielerboek is. Het was eigenlijk een vraag voor de bevlogenen geweest, maar als ik het dan toch een keertje mag zeggen: Alles uit de kast van Frans van Schoonderwalt.

Dat is een encyclopedie waarin je graag wat opzoekt omdat er zulke leuke fotootjes in staan. Elke opzoekvraag leidt altijd weer eventjes naar Montreal, zesdaagse van waarbij een foto staat van tweevoudig winnaar Willy Debosscher, omringd door drie go-go girls.

Christhophe, Eugene: Legendarisch Tourrenner, bijgenaamd Cri-Cri of 'de oude Galliër' vanwege zijn martiale snor. Schreef historie in de Tour van 1913 toen op de Tourmalet (met bijna twintig minuten voorsprong) zijn voorvork brak. Hulp van derden was destijds verboden en hij moest tien kilometer lopen aleer hij in de smidse van Sainte Marie-de-Campan kon gaan repareren. Die reparatie kostte hem nog eens twee uur.

Zalig is de sport die feitelijk al poëtisch is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden