Wiegende gitaar

'Little Django' noemen ze hem niet meer, al was het alleen omdat hij inmiddels 58 is. Maar de grote Waalse zigeuner Django Reinhardt behoort met zijn Gallische zwierigheid en lyrische melodieën nog altijd tot de muzikale stamboom van zijn landgenoot Philip Catherine, een van de beste jazzgitaristen van Europa....

'Ik sta niet graag met mijn eigen vlag te zwaaien en doe ook liever geen tributes aan bekende artiesten. Aandacht trekken met de naam van een ander vind ik wat oneerlijk.' Ondanks die bescheidenheid is het levenspad van Philip Catherine indrukwekkend. Op zijn zestiende jamde hij al met de Amerikaanse saxofonist Sonny Stitt, in een club waar hij als minderjarige alleen met zijn vader naar binnen mocht. Later werkte hij met Dexter Gordon, Charles Mingus en Chet Baker. Na uitstapjes op fusion-terrein keerde hij altijd terug naar 'de taal van de jazz', al spreekt hij die met een duidelijk Europees accent.

Catherine kocht een gitaar toen hij Georges Brassens had gehoord, de chansonnier die zichzelf op dat instrument begeleidde. Al snel viel hij voor de swing van Django en Wes Montgomery, maar 'als kind heb ik ook veel Chopin gehoord, Debussy en Fauré. Dat is te horen, denk ik: Ik ben dol op mooie pastel-akkoorden, een sierlijke melodie. En op zang: Ik herinner me uit mijn jeugd ook wat 78-toerenplaten van een Russisch koor: alleen maar stemmen, prachtig.'

Hoewel hij bijdragen heeft geleverd aan projecten als New Musette van accordeonist Richard Galliano en fretless van de Turkse gitarist Erkan Ogur, is Catherine zelf niet zo geneigd folkloristische elementen van buiten het Amerikaanse model in zijn spel op te nemen, en volgt hij de 'wereldjazz' nauwelijks. Hij vindt ook dat Reinhardts afkomst te veel wordt benadrukt. 'Er zal wel wat zigeunerachtigs in zijn stijl zitten, maar het gaat erom wat je ermee doet. Hij ging stukken van Ellington uitvoeren, en dezelfde standards als Lester Young. Zo is het met mij ook: mijn achtergrond heeft me gevormd, en nu speel ik mijn eigen soort jazz, omdat dat het natuurlijkst voor me is. '

Tijdens optredens begint Catherine vaak met zijn instrument mee te neuriën, als de geest vaardig wordt. En om de gitaar nog expressiever te laten zingen, schakelt hij geregeld over van tokkelen op lang doorzoemende, elektronisch vervormde klanken. 'Dat is toch weer terug te voeren op Django; die had ook al die uitgesproken sustain. Ik denk dat ik wat toon betreft het meest verwant ben aan hem, vooral als hij elektrisch speelde. Ik hoorde dat hij al vroeg experimenteerde met feedback: de versterker hard zetten en het rondzingen manipuleren.

'Ik merk dat ik anders fraseer en andere noten kies als ik met dat rock-achtige geluid speel. Maar ik doe het alleen als een andere gitaar of een keyboard de basis aangeeft, anders klinkt het me te naakt. Zo speel ik ook liever niet helemaal alleen, dat durf ik gewoon niet. Ik wil een stevig ritme blijven horen, en een harmonische ondergrond om op terug te vallen.'

Toch duiden die twee manier van spelen, ook goed te horen op Catherine's laatste cd Blue Prince, niet op een gespleten persoonlijkheid. Is de gitaar in handen van agressieve lieden vaak een aanvalswapen, bij hem blijft ze lieflijk en uitnodigend klinken. Op het toneel wiegt hij zachtjes heen en weer, als een dansende beer, en wikkelt hij zijn fraai gevormde notenslingers met zorg om de begeleidende figuren, die hij in navolging van Miles Davis graag open en ontspannen houdt. 'Een psychotherapeute heeft me eens gezegd dat de agressie totaal ontbreekt in mijn werk, ja. Alsof er iets aan me mankeerde.'

Catherine blijft vriendelijk en goedlachs, ook als anderen zich laten gaan. Hij haalt bulderend een anecdote op uit de tijd dat hij met het Chet Baker Trio speelde: een optreden in de Amsterdamse Kroeg werd verstoord door basgitarist Jaco Pastorius, die tierend het podium besteeg, door iedereen heen begon te loeien met zijn versterker op tien en het publiek begon uit te vloeken. 'Ik vroeg later aan Chet hoe het nou zat met Jaco. Nu weet je ongetwijfeld dat Chet wel eens wat gebruikte, om het zo maar eens te zeggen. Maar hij zei tegen me, op bezorgde toon: ''Jaco drinkt wel erg veel.'' Ik kan er nu nog de slappe lach van krijgen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden