Wie zegt u?

K. Schippers, A.L Snijders, Adriaan van Dis, J. Bernlef, Aristide von Bieneveldt, Kluun, Tomas Ross, Anna Enquist, K. Michel, Rutger Kopland... schrijft er eigenlijk nog íemand onder zijn eigen naam? Goed, dat is misschien wat overdreven. Maar er zijn aardig wat auteurs die zich bedienen zich van een pseudoniem. Een nom de plume. Omdat hun eigen naam niet lekker bekt of in hun ogen verkeerde associaties oproept. Of omdat hun naam meer klinkt als die van een accountmanager of een medewerker in de groenvoorziening dan van een schrijver. Er zijn er ook die een ernstig beroep hebben en de boel graag gescheiden houden.


Louis Nanet is geen pseudoniem. Louis Nanet gaat een stapje verder. Louis Nanet is een heteroniem. Een afsplitsing van de schrijver met een eigen biografie en een eigen idioom. Een soort handpop die de schrijver tevoorschijn haalt om dingen te zeggen die hij niet voor zijn eigen rekening wil nemen. Een schrijver kan in principe meerdere heteroniemen hebben en die ook in zijn poppenkast tegen elkaar laten uitvaren.


Misschien is Hugo Brandt Corstius de kampioen van de uitsplitsingen. Of die allemaal verschillend spraken, is de vraag. Maar de taalkundige Battus sloeg zeker een andere toon aan dan de columnist die collega's en hoogleraren worgde, Piet Grijs. En op zijn beurt klonk die weer heel anders dan de cursiefjesschrijfster Maaike Helder. Brandt Corstius had ze allemaal op zak.


Het effectiefst werkt een alter ego als de schrijver erachter een tijdje in nevelen blijft gehuld. In de laatste pakweg tien jaar zijn opvallende voorbeelden langsgekomen. Hun motieven liepen uiteen, maar er zijn zeker overeenkomsten te vinden. Het moderne alter ego bespeelt de sociale media moeiteloos; twittert, blogt en facebookt dat het een aard heeft. En bij elke mystificatie wordt er ten minste éven in de richting van Arnon Grunberg gekeken.


Marek van der Jagt

Het was de periode dat Arnon Grunberg tot alles in staat leek. Publiceren onder één naam en bij één uitgeverij (Nijgh & Van Ditmar) was er in ieder geval niet meer bij. In 2000 verscheen onder de naam Marek van der Jagt bij uitgeverij De Geus De geschiedenis van mijn kaalheid. Het boek sloeg in als een bom. 'Beter dan Grunberg', schreef recensent Max Pam. De genaturaliseerde Oostenrijker Van der Jagt, die niemand nog in het echt had gezien, won er de Anton Wachterprijs mee voor het beste debuut van dat jaar. Een prijs waar hij overigens voor bedankte - de jury kreeg keurig een briefje. Grunberg had de debutantenprijs voor Blauwe maandagen (1994) natuurlijk ook al eens gehad.


Wie zat er achter Marek van der Jagt? - het kon er maar één zijn. En toen er aan zijn volgende roman, Gstaad 95-98 (2002), een persreisje naar Wenen was verbonden, waren die journalisten ook niet heel verbaasd over wie ze daar aantroffen.


In 2005 hief Grunberg zijn heteroniem officieel op. Dat deed hij in een essay over Otto Weininger dat om vragen als kunst en identiteit draaide. Maar de teerling was geworpen. Journalisten en vooral uitgevers zaten met de oortjes gespannen omhoog of er niet ergens een nieuw Grunberg-heteroniem opdook. Bij J.M. Meulenhoff wisten ze het in 2001 zeker: het binnengekomen manuscript Bekentenissen van een stamhouder van Aristide von Bienfeldt was er weer een. De feestvreugde werd dan ook enigszins getemperd toen uiteindelijk een andere bebrilde jongeman het contract kwam tekenen.


Bij auteursnamen en boeken met een luchtje werd er automatisch in de richting van Grunberg gekeken. Eigenlijk altijd onterecht. Voor zover bekend is er eigenlijk nog maar één voorbeeld te vinden - een in de omkeerde richting. Het publiciteitsblog Tirza.nl werd niet door de schrijver zelf maar door een webredacteur van uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, Ramon Stoppelenburg, volgeschreven.


Nadine S.

In het voorjaar van 2005 verschenen ze voor het eerst op het forum van FOK!, de belevenissen van Nadine26 of Nadine S., een kinderoppas die een affaire was begonnen met de vader van de drie bloedjes van kinderen.


Daniël heette de man, een filmbons die het leven vierde zoals het gevierd moest worden, in dure hotels en met heel veel bubbels, tot het natuurlijk misging. De bezoekers van FOK! reageerden ongerust, dachten mee, gaven de jonge Nadine raad... Maar het blog werd een 'blook', een boek, en Nadine S. bleek in werkelijkheid de schrijfster Karin Overmars te zijn. Overmars had het hele verhaallijn van tevoren uitgedacht en langzaam aan de forumbezoekers opgevoerd, als brood aan de eendjes. Zo kreeg ze meteen wat feedback.


In 2006 lag Nadine S. - Dagboekvaneenkindermeisje.com in de winkels. In het boek bleken ook enige goedbedoelde adviezen van FOK-bezoekers te zijn meegenomen. De consternatie was dan groot en dat begreep Overmars weer niet helemaal. FOK! was toch ook de site waar Nico Dijkshoorn onder pseudoniemen als Doordevil en C. Adriaanse lekker zijn gang had kunnen gaan? Maar de opwinding zakte snel en de uitgever hield het tactvol op een 'boeiend internetexperiment'. En dat was het.


Sieger Sloot

Sieger Sloot bestaat. Kijk, dat lucht op. Sieger Sloot is een theater- en filmacteur die in 2006 debuteerde met de roman Stand-in, een verhaal over de toneelspeler Andreas Mahlknecht die als stand-in voor schrijvers fungeerde. Iets van onraad hing er dus al in de lucht. Het thema, de naam van de hoofdfiguur, zelfs de stijl waarin het boek was geschreven wezen in de richting van Arnon Grunberg. Maar de man erachter bleek Ernest van der Kwast te zijn. Van der Kwast, inmiddels doorgebroken met Mama Tandoori (2010), had zo vaak te horen gekregen dat hij een epigoon van Grunberg was, dat hij besloot er dan maar eens echt voor te gaan: één keer een boek helemaal in Grunbergstijl. Sieger Sloot haakte in, daarmee de lezer op een dubbel dwaalspoor zettend.


Van der Kwast bleek sowieso een liefhebber van mystificaties. Als Yusef el Halal had hij met een paar collega's al eens een verhalenbundel afgeleverd: Man zoekt vrouw om hem gelukkig te maken (2003). Zijn claim op de auteursnaam Suzanne Vermeer werd vorig jaar juni definitief gelogenstraft. Toen overleed de echte Suzanne Vermeer, de thrillerauteur Paul Goeken.


Emmanuel Lipp

De schrijver van Chinchilla song (2006) Emmanuel Lipp (1966, Benidorm) groeide op aan de Belgische kust, werkte tot zijn 28ste in een feestzalencomplex in Knokke en zat een gevangenisstraf uit voor moord. Goed, dit allemaal volgens de site van uitgeverij De Geus. In de cel zou hij ook Chinchilla song hebben geschreven. In een ingezonden brief in de Volkskrant, april 2006, mijmert Lipp over zijn motieven: kent een mens zichzelf? Wat brengt iemand tot het plegen van een moord?


De roman werd goed besproken, en tegelijkertijd werd er druk gehengeld naar de identiteit van de schrijver. De naam Arnon Grunberg viel weer bovengemiddeld vaak. In een blog op de site van het Belgische tijdschrift Humo kondigde Lipp aan de zaak snel te zullen ophelderen. Dat gebeurde op 21 november, ook in een Humo-interview. Emmanuel Lipp bleek een tandem: schrijver Oscar van den Boogaard en diens partner Steven van Watermeulen bekenden alles. Nou ja, niet de moord natuurlijk, het boek.


Hendrien Sondervan

Fuchsiaroze vestje, gestroomlijnde bril. Een stralende verschijning op Facebook, deze Hendrien Sondervan. 'Schrijfster van zelfhulpboeken, psychologe, pedagoge', maar vooral 'een lekker gek mens', zoals ze zelf zei. Hendrien strooide gul met allerlei oneliners. 'Liefde is een doos lego, je kunt er iets moois van bouwen en er een puinhoop van maken' bijvoorbeeld. En al snel had ze meer dan duizend Facebookvrienden. Toen in augustus 2011 de roman Liefde is een afspraak van Marieke Groen uitkwam, bleek hoe de vork in de steel zat. Hendrien was de moeder van de hoofdpersoon uit het boek. Een romanfiguur. In samenspraak met de uitgeverij was ze tot leven gewekt - in een moderne publiciteitscampagne gebruik je natuurlijk de sociale media - en schrijfster Mariek Groen had op internet foto's gevonden van een vrouw die heel 'Hendrienig' aan deed. 'Maar op Facebook is ze me een beetje ontsnapt', gaf Groen in een interview toe. 'Ze begon een eigen leven te leiden. De Hendrien uit mijn boek is een leuke, slimme, sterke vrouw - dit werd een beetje een karikatuur.'


Hoe lastig het is om een alter ego uiteindelijk op te doeken, bleek evenzeer uit het interview. 'Ze zweeft nog ergens rond', vertelde de schrijfster. 'Ze blijft vriendschapsverzoeken ontvangen en privéberichten van geïnteresseerde mannen. Op Eerste Kerstdag was ze nog even online, dronken. Typisch Hendrien.'


Flora Vos

Ook Florence ('Flora') Vos twitterde, hyvede en facebookte er vrolijk op los. Dat begon in 2009. De 25-jarige Flora werkte voor het blad Haar verhaal, zo liet ze op Facebook weten, waar ze bij voorkeur over chronisch zieken schreef. Over de primordiale dwerg Mimi bijvoorbeeld. Maar van op de een op de andere dag zat Flora thuis. Wie wilde weten hoe dat zat, moest haar profiel maar in de gaten houden. Daar postte ze verhaaltjes, recepten, make-uptips en YouTube-filmpjes.


Ze postte er ook foto's van plekken in Amsterdam waar ze cadeautjes had verstopt - in de fietsflat tegenover het Amsterdamse Centraal Station bijvoorbeeld. Dat was vlak voordat de thrillerroman Of, hoe waarom? op het punt van verschijnen stond. Florence Vos bleek uit de koker van Volkskrant-journaliste en -columniste Hanna Bervoets te komen - 'Flora' was de hoofdpersoon uit het boek. Net als Hendrien is Flora nog steeds online. Vorige maand, op 10 januari, was ze jarig en werd ze nog van alle kanten hartelijk gefeliciteerd.


Tina Weemoed

Ze schreef een pornografische roman die er niet om loog, Tina Weemoed: Genade (2009). 'Op een rauwe manier opwindend', gaf Marja Pruis van Groene Amsterdammer toe. Een scandaleuze roman die volgens haar raakte aan de vrouwelijke pornoklassieker, L'histoire d'O, van Pauline Réage. De auteur was dus niet van de straat. Sterker nog, het verhaal las als een sleutelroman. Werd met die politiek commentator niet Jan Tromp bedoeld? En herkenden we in die populaire televisiepresentator niet Matthijs van Nieuwkerk? Maar wie was dan Tina Weemoed? Sylvia Witteman, Heleen Mees, Lydia Rood, Ronald Giphart - weer Sylvia Witteman? Joost Zwagerman kwam uit op Parool-journalist Hans van der Beek. Wie o wie?


Prometheus-uitgever Mai Spijkers liet desgevraagd weten liever met twee betonblokken aan zijn benen in de Sloterplas te verdwijnen dan het te vertellen. En daar bleef het bij. Tina Weemoed had nog jaren wulps kunnen voort twitteren en op Facebook kunnen functioneren als de koningin van de lust en de onbetamelijkheid. Louis Nanet had haar met open armen ontvangen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden