Opinie

'Wie weet zitten wij volgend jaar gewoon weer met Assad aan tafel'

Negentig jaar geleden vond in Syrië een vergelijkbare opstand plaats als nu. 'Assad en zijn regime hebben het spel uitstekend in de vingers.' Dat betoogt Ruben Gischler, arabist en en programmamaker.

OPINIE - Ruben Gischler
Mensen demonstreren tegen de Syrische president Bashar al-Assad na hevige gevechten met overheidstroepen vlakbij de noordelijke stad Idlib. Beeld reuters
Mensen demonstreren tegen de Syrische president Bashar al-Assad na hevige gevechten met overheidstroepen vlakbij de noordelijke stad Idlib.Beeld reuters

Een kleine 90 jaar geleden in 1925 vond er in Syrië een vergelijkbare opstand plaats. Net als nu begon het allemaal in het zuiden van het land en spreidde het zich als een olievlek uit over het hele land. Net als nu verloor het centrale gezag tijdelijk de controle over steden zoals Hama dat ook toen al een broeinest van islamitisch fanatisme was.

De opstand was gericht tegen de Fransen die een paar jaar daarvoor met moeite het mandaat over Syrië hadden verkregen. Tegengewerkt door de Britten die aanvankelijk afspraken met de Fransen hadden gemaakt over de verdeling van het Ottomaanse Rijk maar die daar later weer op terug wilden komen. Zij deden het voorkomen dat zij de Syriërs graag zelfbestuur gunden, maar in werkelijkheid wilden zij vooral de regio tussen Egypte en India aaneengesloten onder Britse invloed krijgen. Frankrijk was op haar beurt geenszins van plan om zich door de Britten de kaas van de boterham te laten eten en in 1920 bezette zij Syrië en verdreef Faisal die van de Britten tot dan koninkje over Syrië had mogen spelen.

Een paar jaar later kregen de Fransen te maken met de opstand in Djebel Druus, niet ver van Deraa waar nu de opstand begon en net als toen werd die opstand aanvankelijk ingegeven door lokale grieven over ingrepen van het centrale gezag.

Net als het regime van Assad grepen de Fransen ongenadig hard in. Zij schroomden er niet voor om steden als Damascus, Hama en Aleppo te bombarderen. Zelfs de luchtmacht of wat daar destijds voor doorging werd in gezet. En net als nu lieten de opstandelingen zich ook niet onbetuigd. Fawzi ad-Din al-Qawuqji en zijn troep los geslagen bedoeïenen hielden behoorlijk huis in Hama. Even daarvoor was Qawuqji als officier uit het Franse leger gedeserteerd. Ook dat klinkt bekend.

Net als nu was de oppositie tegen de Franse overheersing hopeloos verdeeld. Het was niet meer dan een serie opportunistische gelegenheidscoalities tussen de meest onwaarschijnlijke partners die elkaar het daarop volgende ogenblik net zo makkelijk lieten vallen. Net als nu waren er enkele stedelijke lieden uit de betere kringen die claimden dat de opstand uit naam van hun ideeën plaats vond terwijl er van enig verband weinig of geen sprake was. En net als nu sleepte de opstand zich eindeloos voort. Als de vergelijking echt op zou gaan kunnen wij nog een jaar voort. Zelfs het dodental is vergelijkbaar. In de opstand van 1925-1927 kwamen ongeveer 5000 mensen om. Gezien het bevolkingsaantal in Syrië destijds in verhouding een veel groter deel van de bevolking dan nu.

Verschillen
Verschillen waren er ook natuurlijk en dan heb ik het niet eens over de totaal veranderde internationale verhoudingen. De opstand was geen uitsluitend Soennitische aangelegenheid. Het begon bij de Druzen en snel sloten groepen zoals de Soennieten en Alawieten zich er bij aan. Tegen een buitenlandse overheerser was het voor iedere groep een stuk makkelijker om zich gezamenlijk achter de opstand te scharen. Nu kijken de Druzen en Alawieten wel uit om over de christenen maar te zwijgen.

Daarnaast stond Frankrijk als een buitenstaander in de Syrische verhoudingen, niet zo geïsoleerd als het Syrische regime nu. Hoewel de Britten natuurlijk niets nalieten om de boel zoveel mogelijk te verstieren. Dat deden zij niet openlijk maar via de door hen geïnstalleerde groot-Mufti van Jeruzalem, Haj Amin al Husseini. Hij financierde Qawuqji en zijn mannen zodat zij de opstand in Hama en omstreken zo lang mogelijk konden volhouden.

Nu is er ook sprake van directe en indirecte buitenlandse steun aan de opstandelingen. Libische jihadstrijders zijn al in Syrië gesignaleerd die banden hebben met de CIA, Turkije en Qatar. Ook hierin bewijst het verleden dat het Westen flink haar vingers kan branden met dergelijke steun. De Engelsen hebben later nog flink veel last gekregen van de Groot-Mufti en Qawuqji in Irak en Palestina. Uiteindelijk hebben beiden hun toevlucht gezocht in nazi-Duitsland. Achteraf gezien heeft Haj Amin al Husseini een bepalende invloed gehad op het Arabisch en Islamitisch radicalisme in de twintigste eeuw. En ironisch genoeg zijn zowel het regime van Assad als de Moslimbroeders in zekere zin uitingen van de verschillende elkaar bevechtende stromingen die daar uit voort zijn gekomen.

Hoe is het afgelopen?
Maar hoe is het bijna negentig jaar geleden in Syrië afgelopen? Uiteindelijk hebben de Fransen de opstand weten neer te slaan doordat zij de verdeeldheid onder de oppositie door kregen en de dynamiek begrepen waarmee de verschillende Syrische bevolkingsgroepen in verhouding tot elkaar om invloed streden. Met afzonderlijke oppositieleiders werden afspraken gemaakt. De ene uitgewezen leider werd weer toegelaten en de ander niet. Hoewel zij verslagen waren, loonde voor veel van die leiders deelname aan de opstand doordat zij royale tegemoetkomingen wisten af te dwingen en werden opgenomen in de mandaatregering. Ook nu weer wordt er driftig op een dergelijke deal gezinspeeld. Zij het deftiger geformuleerd.

Assad
Of Assad en zijn regime hiermee wegkomt, is maar zeer de vraag. Maar op zich hebben zij dit spel uitstekend in de vingers. Onlangs hebben zij hiermee prima resultaten in Libanon geboekt. In 2005 was het Syrische regime al bijna afgeschreven toen zij naar aanleiding van de Cederrevolutie en onder druk van de VS en Frankrijk, Libanon moesten verlaten. Maar binnen een paar jaar waren zij weer via de achterdeur terug in Libanon. In 2008 dwong hun Libanese bondgenoot Hezbollah regeringsdeelname af en werd er een pro-Syrische president gekozen.

Frankrijk en de VS lieten het gelaten toe en beloonden dit banditisme met ruime wapenleveranties aan de Libanese regering waarvan nu ook Hezbollah deel uitmaakte. Oude aartsvijanden van wie hun naasten en dierbaren door het Syrische regime waren vermoord, kozen eieren voor hun geld en werden voor het oog van de camera door Assad weer in genade aangenomen. En het Westen wist niet hoe snel zij hun relaties moesten normaliseren. Nog dat zelfde jaar was ieder land inclusief Nederland in Damascus met een uitgebreide culturele delegatie present op de festiviteiten ter ere van de Arabisch culturele hoofdstad van 2008. Dus wie weet met wie wij volgend jaar weer om de tafel zitten.

Ruben Gischler is arabist en documentaire- en programmamaker.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden