Column

Wie schendt nu de EU-regels?

De kwestie

 

Het is inmiddels een even rituele dans geworden als een opgewonden standje van Pechtold in de Tweede Kamer. Jeroen Dijsselbloem zegt het 'treuzelen en traineren van de Grieken meer dan zat te zijn', waarna Bild en De Telegraaf in chocoladeletters eisen dat Athene dit keer echt zal bloeden.

Maar de Nederlandse minister en voorzitter van de eurogroep zou bij wijze van uitzondering beter een keer de hand in eigen boezem kunnen steken door het getreuzel in eigen land en dat van Duitsland aan de kaak te stellen. Dat zou veel meer bijdragen aan een oplossing van een nu onoplosbaar lijkend probleem.

Nederland had in 2014 een overschot op de lopende rekening van de betalingsbalans van 9 procent van het bbp. In Duitsland was dat 7,5 procent. Dit betekent dat beide landen veel meer verdienen dan opmaken. Of ze consumeren en investeren veel te weinig in eigen land. In beide landen stagneert al jaren de binnenlandse vraag. Daarnaast stijgen de lonen nauwelijks. In zowel Nederland als Duitsland is het reële loonpeil net zo hoog als in 1998, het laatste jaar voor de invoering van de euro.

Nederland heeft nog een klein tekort op de begroting van 2 procent, Duitsland heeft al een begrotingsoverschot. Ondanks de dalende vraag halen de bedrijven in die twee landen recordwinsten, wat te danken is aan buitenlandse vraag, bijvoorbeeld die van Griekenland.

Dit is een grote onevenwichtigheid die net zo goed de crisis in de eurozone in stand houdt als de tekorten van landen als Griekenland. Het is ook even kwalijk. Nederland en Duitsland overtreden hiermee de zogenoemde 'onevenwichtigheidsprocedure' van de EU die stelt dat het overschot op de lopende rekening van landen niet boven de 6 procent mag komen en het tekort niet boven de 4 procent. Het schenden van deze zogenoemde 'anti-bubbelregel' is net zo kwalijk als die van het Groei- en Stabiliteitspact.

De EU heeft Nederland en Duitsland hiervoor al een gele kaart gegeven. Zij zijn veel gemakkelijker in staat orde op zaken te stellen dan het kapot bezuinigde en verarmde Griekenland. Het is eigenlijk een voorrecht de vraag te mogen opvoeren door burgers en bedrijven te dwingen minder geld op te potten en meer uit te geven, bijvoorbeeld door grootschalig te investeren in de infrastructuur, de ambtenarensalarissen (onderwijs en zorg) te verhogen, de btw flink te verlagen en de belastingen op bedrijfswinsten en vermogen te verhogen.

De uitkomst daarvan is niet alleen dat het overschot afneemt maar dat ook andere landen in de eurozone lagere tekorten krijgen. Daarnaast zou hierdoor de inkomensongelijkheid in het eigen land verminderen. Kortom, een blauwdruk voor een programma van de SPD of Dijsselbloems eigen PvdA.

Als de regering in Nederland en de coalitie in Berlijn talmen en treuzelen, kan de Grieken niet kwalijk worden genomen de boel te traineren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.