Wie maakt Afrika? Ga kijken in de Kunsthal

Dit is een beweging. Die gedachte blijft rondspoken bij een rondgang over de bonte expositie Making Africa in de Kunsthal in Rotterdam. Een nieuwe generatie kunstenaars, designers en andere creatievelingen leeft zich uit op allerlei plekken.

The Prophesy #1 Beeld Fabrice Monteiro

Ze vormen een plaatselijke subcultuur - in Nairobi, in Lagos, in Accra, In Johannesburg, in Dakar - maar ze staan tegelijkertijd elke minuut in contact met geestverwanten elders op het continent en de rest van de wereld. Door internet, inderdaad, de sociale media. Een digitale beweging.

De hand van de Nigeriaanse master-curator Okwui Enwezor is overal voelbaar. Hij leidt de bezoekers altijd het liefst van de ene verbazing naar de andere; niet te veel uitleggen, eerst de verwondering, maar daarna komt ook de harde politieke lading. Bij binnenkomst op de expositie staart een man met een sculptuurbril van Cyrus Kabiru (Kenia) je aan; vanaf drie hoog gehangen schermen slingeren Afrikaanse denkers en schrijvers vragen en stellingen naar de bezoekers: is Afrika wel wat u denkt dat het is? Vast niet!

Enwezor zelf is een van hen. Hij is ook de belangrijkste adviseur van de Duitse samenstellers van het Vitra Design Museum in Weil am Rhein (bij de Zwitserse grens en Basel). Enwezor is nu directeur van het museum Haus der Kunst in München - hij werd beroemd als curator van een Venetiaanse Biënnale (2015), een biënnale in Zuid-Korea (2008), vele exposities in de Verenigde Staten (zijn tweede vaderland) en in Amsterdam met de fototentoonstelling Snap Judgments (2008).

Zijn slogan: 'The future belongs to Africa.'

De expositie Making Africa duurt tot 15 januari 2017. In de Volkskrant schreef Jeroen Junte er een enthousiste recensie over.

Er zijn veel nieuwe werken te zien, de internetkunst en games die al langer in Afrikaanse metropolen populair zijn, zijn hier nog obscuur. Er is ook veel bekender werk, van de afgelopen jaar of dertig. Dat zijn grote namen in de internationale kunstwereld. El Anatsui met zijn immense kleden gemaakt van kroonkurken kom je tegen in belangrijke musea en nog niet zo lang geleden hing er een in de wind bij het Hilton Hotel in Amsterdam (in 2013 op ArtZuid).

Positieve recensies
Voor een westers publiek valt misschien nog het meest op dat Afrikaans design, en beeldende kunst in bredere zin, toch heel iets anders is dan de toeristenkunst die zo bekend is - onder toeristen vooral. De (positieve) recensies in Nederland stipten dit aspect steeds aan. Voor een Afrikaans publiek is dat erg oud nieuws.

En eerlijk gezegd is de teneur 'er komt best echte kunst uit Afrika' al een jaar of dertig dominant op exposities met moderne Afrikaanse kunst in Nederland en elders in Europa. Enwezor en deze rijke expositie in de Kunsthal zijn dat stadium al heel lang en heel ver voorbij.

Cyrus Kabiru, Caribbean Sun, 2012,'bril' uit de serie C-Stunners Beeld Carl de Souza/Vitra
Cheick Diallo: twee draadstoelen. Beeld Cheick Diallo

De dikke catalogus bij de expositie Making Africa is ook een pamflet voor de zelfbewuste, eigengereide kunstenaars en intellectuelen uit Afrika, die de betuttelende welwillende belangstelling voor hun kunsten meer dan zat zijn. De Duitse samenstelster van de tentoonstelling, Amelie Klein, trok flink veel tijd uit om met hen te spreken, zeventig in totaal gedurende twee jaar van reizen langs de design hotspots op het immense continent. De weerslag van die gesprekken vind je volop in de catalogus, ook de weerzin bij veel ontwerpers en kunstenaars bij het hele idee van een expositie over design uit Afrika.

Op vragen op een vragenlijst reageerden heel wat van hen geprikkeld omdat 'Afrika' volgens hen niet bestaat. Het zijn 54 landen, er worden zeker tweeduizend talen gesproken, er wonen meer dan een miljard mensen, landen liggen soms net zo ver van elkaar als Rusland en Frankrijk en hun culturen verschillen minstens evenveel als de Franse en Russische.

Africa is a country
Er bestaat al een paar jaar een soms hilarische website en Twitteraccount die deze benadering op de hak neemt met de ironisch bedoelde naam 'Africa is a country'. Klein en Enwezor hebben die smalende kritiek handig ingekapseld door dat soort sites een plekje te geven op de expositie - volkomen terecht natuurlijk. Ze zijn duidelijke exponenten van een mentaliteit.

Het laat ook zien dat het verzet tegen het westerse clichébeeld van Afrika paradoxaal is: die bijtende opmerkingen komen uit alle delen van het continent. Juist in deze groep creatievelingen is een panafrikaans levensgevoel een bindende kracht; deze Afrikanen vormen ook een levendig onderdeel van de informele gemeenschap van kosmopolieten (vooral te vinden onder liefhebbers van beeldende kunst, muziek, literatuur en media).

De titel van de expositie, Making Africa, wordt door de ondervraagden vaak gehekeld. Niet alleen om dat ongedefinieerde 'Africa' maar ook wegens dat 'Making'. Wat bedoelt Klein daarmee: dat Afrika nog in de maak is? Het eerst bewoonde continent op aarde, nota bene? En als je bedoelt dat het maken eeuwig doorgaat, waarom moet dat dan bij Afrika speciaal worden opgemerkt? In die goedbedoelde bewondering zit ook een nare ontkenning van de eeuwenoude kunst, traditie en vernieuwingen in al die Afrikaanse culturen, vinden sommige respondenten.

Inderdaad is de veralgemenisering over Afrika stuitend als je erop let. En ook de zogenaamd nieuwe trends die steeds worden herontdekt. Eigenlijk zijn de Afrikaanse landen sinds hun bevrijding van het koloniale juk rond 1960 al getypeerd als het 'opkomende continent'. Tentoonstellingen hebben het al decennia steevast over nieuwe ontdekkingen in de moderne kunst uit Afrika. Het is het gevoel voor exotiek in een eigentijds jasje.

In de Kunsthal ligt ook het prachtige standaardwerk van kunstboekenuitgever Gestalten over design, mode en architectuur uit Afrika te koop aangeprezen, met de titel: Africa Rising.

Camera omdraaien
Maar ook in de titel van de expositie zit een leuk addertje onder het gras. Enwezor draait de camera graag om, naar de smaakmakers en kijkers in het Westen. Zij maken hun versie van Afrika.

Kritiek op de westerse framing van alles wat er in Afrika gebeurt is een rode draad op de expositie. Making Africa kun je niet alleen als actieve vorm lezen maar ook als lijdende vorm: 'Hoe Afrika wordt gemaakt'. Het doet mij denken aan het beroemde boek van Walter Rodney, How Europe Underdeveloped Africa': Afrika is niet onderontwikkeld, het werd actief onderontwikkeld door slavenhandel en (neo-koloniale) uitbuiting door Europa. Een inzicht uit 1972.

De nieuwe lichting kunstenaars is de zucht naar erkenning al lang voorbij en zit midden in de fase van de kritiek op de dominante kunstwereld. De kapitalistische wereldmarkt die de waarde van kunst bepaalt. De toonaangevende musea die allemaal in de rijke wereld staan. Die kritiek is te zien in veel werken, soms scherp, vaak erg humoristisch.

De catalogus bij de expositie. Beeld Vitra Museum
Drie 'architectuurpruiken'van Meshac Gaba voor de tentoonstelling in het Wereldmuseum in Rotterdam, in het kader van Afrika 010. Om ze te zien moet je wel helemaal doorlopen naar het eind van de expositie met een overzicht van de banden van Rotterdammers met Afrika sinds de 19de eeuw en oude Afrikaanse beelden uit de collectie. Die tentoonstelling duurt tot en met 8 januari 2017. Beeld Wereldmuseum Rotterdan / Krijn van Noordwijk

En ook op dit vlak tonen de curatoren de paradox: juist het afzetten tegen de Westen is een levenselixer voor bruisende kunst uit allerlei hoeken van het continent. De kunstenaars claimen hun eigenheid en plaatselijke identiteit en juist dat verenigt hen weer als een mysterieuze kracht.

Koyo Kouoh curator uit Dakar zegt het zo in de catalogus: 'There is a new generation of smart and bold people who couldn't care less about other people's prejudice and ignorance about Africa.'

Klein en Enwezor willen vooral de enorme variëteit laten zien, maar het moet geen overzichtstentoonstelling worden van wat er allemaal uit Afrika aan design komt. De curatoren keren zich tegen de clichés. Vroeger de folklore in Afrikaanse kunst: die leuke tourist art, handnijverheid, 'traditionele' (zeg maar liever ouderwetse) arts and crafts, de kleuren, patronen en bouwstijlen. Nu vinden ze bijvoorbeeld recycling al een cliché geworden (hoewel daarvan toch heel wat te zien is op deze expositie).

Erkenning wordt steeds sneller een nieuwe vorm van cliché. En bevestigt weer een of ander vooroordeel over Afrika en de Afrikanen, als je de boeiende catalogus leest. De Mozambikaan Gonzalo Mabunda laste kapot gezaagde kalasjnikovs aan elkaar tot stoelen en andere voorwerpen. Komt alweer als erg bekend over.

De recycling-trend zie je in nieuwe meubels. Een poef van autobanden (Amadou Fatoumata Ba), terrazzo-achtige zitmeubels en tafels van plastic afval. Zoals flessen en tasjes(Bibi Seck), en prachtige draadstoelen omwonden met vissersgaren. (Cheick Diallo).

Knipogen
Er zijn knipogen naar de traditionele kunst en de westerse etnografische voorliefde daarvoor. Van de beroemdheid Shonibare staan er een paar pumps met Vlisco-stof.(zie ook dit artikel over Vlisco). Soms is het spel met traditie en handnijverheid bijna satirisch zoals de pruiken van Meshac Gaba uit 2006: hij liet zijn ontwerpen in de vorm van beroemde gebouwen in Parijs (Tour le Défense) met gekleurd touw vlechten door ervaren kapsters in Benin. Voor het Wereldmuseum, vlak bij in Rotterdam, maakte Gaba een nieuwe serie met Rotterdamse gebouwen.

Mário Macilau, Alito. Beeld Mário Macilau, Kunsthal

Er wordt op Making Africa ook een oprechte ode gebracht aan de voorgangers: jonge portretfotografen verwijzen naar de beroemde stijl van de oude meesters Sidibé en Keita, ruim een halve eeuw geleden. De ontdekkingen van die fotografie, veelal in simpele studio's met doeken als achtergrond en met attributen die de klanten belangrijk vonden, door westerse kunstkenners maakte van deze plaatselijke bekendheden wereldsterren. De vorm lijkt door al die aandacht al weer afgezaagd, maar de jonge fotografen vinden verassende manieren voor actualiseringen.

De Mozambikaanse fotograaf Mário Macilau fotografeerde jongeren in de hoofdstad Maputo op zondagen, als ze zich hebben opgedoft om uit te gaan. Hij zette hen voor doeken met bloemenpatronen, maar de foto's publiceert hij in zwart-wit, zoals zijn idolen uit Bamako (Mali) een halve eeuw voor hem en 9.600 kilometers naar het noordwesten.

Omar Victor Diop portretteerde daarentegen in knallende kleuren medekunstenaars en modeontwerpers (m/v) in Dakar (1.350 kilometer naar het westen vanuit Bamako), tegen een achtergrond van doeken met bijpassende, soms overvloeiende patronen. Een update van Keita's werk naar 2014.

Waxprint prison
Jean-Baptiste Belley voert de variatie verder door en kleedt zich in pseudo-westerse kleding uit de 17de en 18de eeuw voor studioportretten, maar met voetbalschoenen en voetbal. Zohra Opoku (Ghana/Duitsland) fotografeerde in zwart-wit een vrouw voor een lap in een jurkje van dezelde stof, titel: Waxprint Prison. Leonce Raphael Agbodjelou (Benin) zette drie mannen met blote basten van bodybuilders in fleurige broeken tegen bloempatroon-lappen.

Zo is er in alle geëxposeerde design en kunst een eerbetoon aan de eigen voorgangers te vinden, gekoppeld aan kritiek op de westerse manier om naar Afrika te kijken. Of het mode is, architectuur of videospelletjes.

De fotografie leent zich het best voor dit verdekte engagement. Zoals het project Invisible borders, fotografen op ontdekkingstocht door eigen continent. Bij volken die ze niet kunnen verstaan, culturen die net zo nieuw voor hen zijn als voor een Nederlander. Ze leggen de gewone taferelen vast, die in de westerse nieuwsfotografie volgens hen grotendeels ongezien blijven.


Ponte City van Mikhail Subotzky en Patrick Waterhouse laat alle ramen en alle deuren van dit flatgebouw in Johannesburg zien. Het was ooit een luxueus onderkomen, maar nu een verticale slum. Van een afstandje doet het werk denken aan de gebouwen van de Duitse sterfotograaf Andreas Gursky maar wie beter kijkt, ziet dat er iets anders aan de hand is. Links staan de ramen in een van de drie grote lichtbakken, rechts alle deuren en in het midden staan de 528 televisietoestellen. Dit is de binnenwereld, het leven van de bewoners wordt beheerst door de virtuele wereld van soaps.

Andere fotografen zetten de werkelijkheid eerst naar hun hand, met foto's van in scène gezette taferelen, of met bewerkte beelden. Tahir Carl Karmali (Kenia) maakte fotomontages van de mensen die op straat spullen repareren voor voorbijgangers, gecombineerd met details van afgedankte elektronica onderdelen, waarmee hij bizarre kostuums vormt. Fabrice Monteiro (vader uit Benin, Belgische moeder, groeide op in Benin) fotografeerde in scene gezette taferelen in Senegal, in samenwerking met de Senegalese kledingontwerper Doulsy (Jah Gal). De wonderlijke kostuums zijn samengesteld van afval; bij de tweede blik zie je de smerigheid pas goed. Het werk uit 2013 heet The Prophesy.

De samenstellers van Making Africa zien design niet als leuke hebbedingetjes of prestigieuze gebruiksvoorwerpen, maar als activistische, kritische, probleem oplossende inspanningen.


Een bezoeker kijkt naar het werk Ponte City. Beeld Kunsthal

Westerse kijk

Twee citaten van de toonaangevende Nigeriaanse curator Azu Nwagbogu, directeur van de African Artists' Foundation in Lagos, over hoe de dominante westerse kijk op 'Afrika' doorwerkt zeggen het helemaal:

'Africans have come to accept this insidious representation and have become accustomed to seeing themselves - when not suffering and smiling, under difficult circumstances - only in a certain way, as an endangered species: in trouble, hungry, under duress, and in danger.'

'Making Afrika is essentially an exhibition about critical design, and demonstrates how design moves beyond problem solving by proactively challenging commonly held views and received wisdom on Africa.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden