Column

Wie laat de jongens nu haar fotoarchief zien?

Met de dood van fotografe, moeder en vriendin Jutka Rona verloor de wereld een rots in de branding, en zij verloor de wereld.

Op de filmset van bert haanstra's fanfare Beeld Jutka Rona/MAI

Vorige week overleed fotografe Jutka Rona, in de wandeling Joet. Intiemere koosnaampjes laat ik achterwege; voor je het weet ontaardt zo'n in memoriam in genant gesjijmelemijmel. Al hoort ze mij niet meer, ik hoor haar nog wel. Haar welluidende stem gonst nu al dagen en nachten door mijn hoofd. En ook doemt dat sterke, Oost-Europese gezicht op met ironische rozijnenogen: 'Doe niet zo achterlijk! Zo erg is het niet. Ik ben er gewoon niet meer.'

Jutka was mijn beste vriendin. En niet alleen van mij, getuige haar zinnetje boven onze gezamenlijke rouwadvertentie: 'Jullie raken alleen mij maar kwijt; ik jullie allemaal. Dat is veel erger.'

Toch kennen wij, oude dames, elkáár nauwelijks. Het enige wat ons bond was onze affectie voor die rots in de branding op de Gabriël Metsustraat. Nu bindt ons alleen nog haar nagedachtenis: herinneringen die op elkaar lijken, maar vaak ook niet. Hou je kop, zien we elkaar denken, ik kende haar veel beter!

Verbeeldden we ons in de week van haar zelfgekozen dood even dat we, saamhorig rouwend, dikke maatjes waren, na de begrafenis gaan we ieder ons weegs. Ja, die dekselse Joet hield ons stuk voor stuk lekker voor zichzelf, zoals ze in alles exclusief was. Zonder haar zijn wij op onszelf aangewezen of op een vervangende vriendin. Jutka is onvervangbaar.

Lang geleden leerde ik haar kennen via haar toenmalige wederhelft Dimitri Frenkel Frank. Doordat hij mijn regisseur was in het televisieprogramma Hadimassa, werd ik uitgenodigd op een feestje bij hen thuis. Daar stond de gastvrouw in de deuropening, boven me uittorenend op alle fronten op, toen nog, hoge hakken en in een petite robe noir waaruit stoere schouders en lange armen staken. Zo petite als die jurk, zo groots was Jutka, een vrouw om tegen op te kijken: o, die jukbeenderen, rode mond, dat artistieke, kosmopolitisch ingerichte huis. Het grote leven! De bekende regisseur en de gevierde fotografe hadden nog twee kinderen ook. Olijfkleurig en met stralend witte tandjes.

Dat Jutka, werkende vrouw, dat nageslacht nagenoeg in haar eentje heeft opgevoed was later nóg een van de redenen om tegen haar op te kijken. En dat ben ik onze hele vriendschap blijven doen, ook toen ze de laatste maanden steeds kleiner werd. Niet alleen in centimeters groeiden we naar elkaar toe, ook vielen de paar jaar die we scheelden weg. Hoe langer geestverwant, hoe geringer het leeftijdsverschil. Ik durfde haar zelfs soms tegen te spreken!

Door de jaren heen is er in de familie heel wat getrouwd en weer gescheiden. Maar ook geboren: drie inmiddels uit de kluiten gewassen kleinzonen. Wie gaat hun vertellen hoe oma zich door het leven heeft moeten worstelen, hoe ze als 8-jarige, gescheiden van haar Hongaars-Joodse ouders en zusje, zeven verschillende onderduikadressen heeft 'afgewerkt' ? Wie laat de jongens haar fotoarchief zien, vertelt hun voor zover ze het nog niet wisten, hoe flink en lief hun grootmoeder was?

Ik weet iemand: oom en vader Dimitri junior, die tot het eind als een toegewijde waakhond voor zijn moeder heeft gezorgd: nu de rots in de branding op de Gabriël Metsustraat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden