Column

Wie komt op voor baby G.?

Waarom verplichte anticonceptie nooit het enige antwoord is.

Baby G. in bed.Beeld Ellen Neve

Over anticonceptie voor 'onmachtige' ouders kan Ellen Neve uit Almere als weinig anderen meepraten. Ze is al twintig jaar pleegmoeder van drie verstandelijk beperkte kinderen van zulke ouders. Ze kwamen als baby en groeiden in haar huis op. Toen werd de middelste pleegdochter (19) zelf zwanger.

Middelste pleegdochter S. kwam zelf ernstig verslaafd ter wereld, ze is meteen bij haar drugsverslaafde moeder weggehaald. S. moest als pasgeborene moederziel alleen afkicken en bleef beschadigd. Ze heeft een IQ van 64, is vaak onhandelbaar, heeft woedeaanvallen. 'Er zit een gat in haar ziel', zegt Ellen.

S. is ook heel mooi, een magneet voor foute vriendjes. Op haar dertiende wordt ze gestrikt door een loverboy. Ellen en haar man kunnen haar onvoldoende beschermen en tegelijk voor de andere pleegkinderen zorgen. S. moet naar een speciale woongroep, in weekends en vakanties komt ze thuis. Ellen neemt S. mee naar de huisarts voor de prikpil. Dat leidt nog tot discussie, de huisarts vindt S. te jong. Maar als Ellen de situatie uitlegt, mag het toch.

Alleen: S. krijgt last van bloedingen en wil daarom weer van de prikpil af. Ze proberen het anticonceptiestaafje implanon, bepleiten tevergeefs sterilisatie, maar S. wil al graag een baby, 'helemaal van mij'. Ook een spiraaltje weigert ze. Ze duldt alleen de anticonceptiepil.

In de eerste woongroep letten de begeleiders nog goed op dat S. die pil iedere dag inneemt. Daar krijgt ze ook haar huidige vriendje, even-eens zwakbegaafd. Hij blowt veel en is net als S. snel woedend. Soms vliegen ze elkaar aan.

Dan moet S. verhuizen naar een tweede woongroep, wegens 'de participatiesamenleving'. S. moet in die nieuwe woongroep 'zelfstandig' leren worden. 'Het moderne toverwoord', snuift Ellen, 'maar er worden eisen bij gesteld waaraan mijn pleegdochter in geen honderd jaar kan voldoen.' Het nemen van rationele beslissingen, bijvoorbeeld: 'Als S. íets niet kan, dan is het de consequenties van haar handelen overzien.'

Bezoek aan het consultatiebureau.Beeld Ellen Neve

De nieuwe woongroep heeft bovendien steeds andere flexwerkers. Die vergeten op te letten of S. haar pil wel slikt.

Als S. zwanger blijkt te zijn, dringen haar pleegouders eerst aan op abortus. Maar het vriendje is tegen. Ook lijdt S. eronder dat ze niet slim is, denkt Ellen Neve. S. krijgt geen Wajong-uitkering, omdat ze moet werken. Maar er is geen werk voor S., omdat ondernemers al gehandicapten in dienst moeten nemen: 'De wereld is voor zwakbegaafde mensen zo ingewikkeld geworden. Wat blijft er dan nog over om je mee te identificeren? Alleen het moederschap.' S. heeft veel zwakbegaafde vriendinnen met baby's. Al die meiden maken elkaar enthousiast via Facebook.

Ellen vergezelt S. naar de eerste echo. Ze ziet een speldeknop met een hartje. 'Fuck, dacht ik toch wel even. Een hártje.'

Baby G. op schoot bij zijn moeder S.Beeld Ellen Neve

Nu S. een kind krijgt, moet ze de woongroep weer uit. S. kan naar een tienermoederhuis. Maar met zulke explosieve ouders, vrezen haar pleegouders, zal de baby daar binnen een paar weken bij S. worden weggehaald. 'Dan creëer je wéér een kind met hechtingsproblemen. Dan herhaalt de geschiedenis zich opnieuw.'

Ellen Neve en haar man besluiten de verantwoordelijkheid op zich te nemen en hun pleegdochter met baby en al terug in huis te halen. De rechter geeft hen volledige voogdij over de pasgeborene. S. wordt onder curatele gesteld. En ze regelen intensieve thuiszorg, gespecialiseerd in het begeleiden van zwakbegaafde gezinnen.

In juli van dit jaar wordt het jongetje geboren. Baby G., zijn volledige naam klinkt als een droom.

De vader is kort na de geboorte door eigen ouders op straat gezet. Die woont nu ook tijdelijk bij hen. En hij maakt veel ruzie.

Ellen Neve doet nu haar best te zien wat er goed gaat. S. is heel lief voor haar kindje. Ze doet hem liefdevol in bad, kleed hem mooi aan. En soms geeft ze hem te weinig eten. Maar ze leert.

Haar echtgenoot Alex ziet vooral wat verkeerd gaat. Hij vindt dat S. nooit alleen voor haar zoon mag zorgen.

Haar man is ook voor het verplicht stellen van anticonceptie, hij vindt dat er meer aandacht moet komen voor de rechten van het kind. Ellen is juist voor de integriteit van ieders lichaam. Zij ziet ook het gewonde pleegkind.

Maar samen zorgen ze, vijftigers intussen, opnieuw in volle overtuiging voor een baby. 'S. groeide op in een web van hulpverlening', zegt Ellen Neve, 'en ze werd toch zwanger'. Wie dan nóg voor een kind opkomt. Dat is de enige vraag die telt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden