Wethouder Pijlman vindt investering van dertig miljoen in onderwijs te weinig Computer mag in klas niet ontbreken

De Nederlandse politiek investeert te laat en te weinig in de introductie van nieuwe media op scholen, vindt H. Pijlman, wethouder van onderwijs in Groningen....

XANDRA VAN GELDER

Van onze verslaggeefster

Xandra van Gelder

RALEIGH

Het kabinet moet veel meer geld uittrekken voor computers en nieuwe media in het onderwijs. Dat concludeert Henk Pijlman, wethouder van onderwijs in de stad Groningen, uit een werkbezoek aan de Verenigde Staten. 'Wij moeten snel aan de slag om de werknemers van de 21ste eeuw vertrouwd te maken met de nieuwe technieken, anders telt ons land straks te veel computeranalfabeten. De dertig miljoen gulden die het ministerie van Onderwijs beschikbaar wil stellen, is echt veel te weinig.'

In de Verenigde Staten is het heel gewoon dat leerlingen op de basisschool dagelijks de computer gebruiken voor hun schoolwerk. In veel klassen staan meerdere computers waar kinderen voortdurend geconcentreerd mee werken. Zesjarigen leren tellen met aantrekkelijke programma's, oudere leerlingen communiceren via een Internet-

achtig netwerk met scholen in de buurt, en leerlingen in het voortgezet onderwijs maken ingewikkelde bouwtekeningen op het scherm.

De computer is in het Amerikaanse onderwijs geen statusverhogend hebbeding dat voor de sier in een hoekje staat, maar een instrument dat gebruikt wordt om leerlingen voor te bereiden op een toekomst waar het gebruik van elektronisch gereedschap normaal is. Pijlman maakte deel uit van een delegatie die afgelopen week onder leiding van staatssecretaris Netelenbos scholen bezocht in de staten New York en North Carolina.

Vooral North Carolina, waar onder leiding van een democratische gouverneur de laatste vier jaar miljarden dollars in onderwijs zijn geïnvesteerd, zou volgens Pijlman een voorbeeld voor Nederland kunnen zijn. 'In North Carolina zien ze investeringen in onderwijs als voorwaarde voor economische groei. Bij ons is het omgekeerd: wij investeren pas in onderwijs als er sprake is van economische groei. Het kabinet trekt de komende jaren miljarden uit voor de verbetering van tunnels, wegen en spoorlijnen, maar de infrastructuur van het onderwijs vindt het kennelijk onbelangrijk. Terwijl datzelfde kabinet zegt dat de elektronische snelweg hét transportmiddel van de toekomst is. Dan moet een leerling toch eerst op school leren hoe je je op die snelweg moet voortbewegen.'

Bewonderend, en een tikje jaloers vertelt Pijlman over de Enloe Gifted and Talented Magnet High School in North Carolina waar de leerlingen in het voortgezet onderwijs beschikken over een professionele tv-studio. Elke morgen maakt een groep leerlingen een live tv-journaal dat op hetzelfde moment in elke klas wordt uitgezonden. De kinderen zijn verantwoordelijk voor de productie, regie, presentatie en opname. Zij bedienen de knoppen, de docent is alleen aanwezig om te helpen als er iets mis gaat.

'Dat is een mooi voorbeeld van integraal leren', vindt Pijlman. 'Voor één vak gebruiken ze taal, wiskunde en techniek om te zorgen dat ze in vijf minuten een boodschap overbrengen, en dan doen ze ook nog iets dat ze ongelofelijk leuk vinden.' De pupillen van Enloe maken ook documentaires, over bijvoorbeeld drugs, die op de nationale tv worden uitgezonden.

Enloe is een school waar zowel de nationale overheid als de federale overheid veel geld aan geeft, maar ook gewonere scholen gebruiken de nieuwe media voor vernieuwingen in het onderwijs. Een high school in Scotia, in de staat New York, is gespecialiseerd in distance learning. Dat leren op afstand houdt in dat twee klassen, op verschillende locaties, een leerkracht delen. In beide lokalen staan camera's en tv's opgesteld. Op één tv is de eigen klas te zien, op de tweede tv een klas die vele kilometers verderop zit, en op de derde tv de aantekeningen die de docent op een elektronisch kladblok maakt.

De wiskundedocent legt met een microfoon in zijn hand ingewikkelde berekeningen uit. Als hij een vraag stelt, ziet hij op een van de tv-schermen of er ergens in een klas een vinger omhoog gaat. Iedereen - op beide locaties - kan een beurt krijgen en meepraten. Netelenbos wil met deze technieken gaan experimenteren om leerlingen op afgelegen plaatsen, zoals de Waddeneilanden, de kans te bieden op hun plaatselijke school alle vakken te volgen.

Pijlman wil met interactief onderwijs en leren op afstand de wankele positie van de grote scholengemeenschappen versterken. Kleine afdelingen op verschillende scholen kunnen door het leren op afstand samenwerken om toch alle leerlingen een hoogwaardig en breed vakkenpakket aan te bieden. 'De politiek heeft de scholen enorm onder druk gezet om brede scholengemeenschappen te vormen. Die brede scholen hebben het niet nu altijd even makkelijk als gevolg van een afnemende belangstelling voor de bovenbouw van de afdelingen van vwo en havo. Juist die scholen zouden erbij gebaat zijn als ze zichzelf aantrekkelijker kunnen maken door gebruik van nieuwe technieken.'

Pijlman spreekt van 'een ereschuld' die de politiek bij de brede scholengemeenschappen heeft. Scholengemeenschappen hebben ook het voordeel dat bij alle onderwijstypen, van voorbereidend beroepsonderwijs tot gymnasium, gekeken kan worden wat de computer kan bijdragen aan beter, moderner en aantrekkelijker onderwijs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden