Interview

Wethouder Esmah Lahlah leefde een maand van de bijstand: ‘Het is geen leven, alleen maar overleven’

Esmah Lahlah is wethouder van arbeidsparticipatie en bestaanszekerheid in Tilburg. Beeld Jiri Büller / de Volkskrant
Esmah Lahlah is wethouder van arbeidsparticipatie en bestaanszekerheid in Tilburg.Beeld Jiri Büller / de Volkskrant

De Tilburgse wethouder van arbeid Esmah Lahlah leefde dit jaar een maand van de bijstand. In haar gemeente zijn de regels voor bijstandsgerechtigden verzacht, maar aan het wantrouwende mensbeeld van de overheid is nog veel te verbeteren, meent Lahlah.

Jonathan Witteman

De Tilburgse wethouder Esmah Lahlah (42) lag zo vaak wakker van de verhalen die bijstandsgerechtigden haar toevertrouwden, dat ze begin dit jaar de proef op de som nam: hoe zou het zijn om zelf een tijdje op bijstandsniveau te leven?

‘Mensen vertelden me dat ze soms eten uit de vuilnisbak van de McDonald’s haalden op dagen dat de kinderen niet bij hen waren, zodat ze geld overhielden om later in de week iets extra’s voor hun kinderen te kunnen kopen’, zegt Lahlah. ‘Ze deden in de winter de verwarming niet aan om de energiekosten te drukken, of hoopten stiekem dat hun kinderen niet voor verjaardagsfeestjes werden uitgenodigd, want ja, cadeautjes kosten geld. Daar lag ik wakker van, omdat meedoen in de samenleving iets vanzelfsprekends lijkt, wat het voor deze mensen niet is.’

Lahlahs experiment om een maand lang als bijstandsgerechtigde te leven, paste in een jaar waarin de toeslagenaffaire wederom niet uit de Kamernotulen en krantenkolommen was weg te slaan, en de woorden ‘nieuwe bestuurscultuur’ politici in de mond bestorven lagen.

Een jaar ook dat begon met beroering over de Wijdemeerse ‘boodschappenboete’ – een bijstandsgerechtigde moest 7.000 euro boete betalen omdat ze boodschappen van haar ouders had gekregen – en eindigde met een regeerakkoord waarin voor het eerst in jaren geen strengere, maar iets soepelere regels voor bijstandsgerechtigden stonden aangekondigd. Liefst zeven keer prijkt het woord ‘bestaanszekerheid’ in het akkoord, zeven keer meer dan in de vorige drie regeerakkoorden samen. Terwijl het woord ‘fraude’ vrijwel uit het document is verdwenen, op een zin als ‘Het mag niet zo zijn dat mensen die onbedoeld een fout maken, direct als fraudeur worden bestempeld’ na dan.

Lahlah, een op de relatie tussen kindermishandeling en jeugdcriminaliteit gepromoveerde kinderpsycholoog, verruilde drie jaar geleden de collegezalen van de Universiteit van Tilburg voor het college van B en W van de gemeente Tilburg. Het college van D66, GroenLinks, VVD en CDA zocht nog een zesde, partij-onafhankelijke wethouder met onder meer arbeidsparticipatie en bestaanszekerheid als portefeuilles, een functie waar Lahlah met succes op solliciteerde.

In maart leefde Lahlah een maand lang van 250 euro. Ze baseerde het bedrag op het ‘niet-veel-maar-toereikend-criterium’ van het Nibud: 40 euro per week voor haarzelf, plus elk 10 euro extra voor haar zoon (17) en dochter (11), over wie ze het ouderschap deelt met haar ex-man. Lahlahs vaste lasten liepen gewoon door – ze kon moeilijk een maand lang haar hypotheek opzeggen, zoals ze wel deed met haar Netflix- en sportschoolabonnement. Maar voor alle andere uitgaven – boodschappen, de apk-keuring, een nieuwe broek voor haar dochter – moest ze het zien te rooien met 250 euro leefgeld.

Natuurlijk, haast ze zich te zeggen, ze was slechts een toerist in de bijstand. ‘Het was maar voor een maand, ik wist dat het daarna zou ophouden.’ Ook zij kreeg weliswaar te maken met onverwachte tegenvallers – het koffiezetapparaat ging bijvoorbeeld stuk – maar haar auto, haar huis en haar spullen verkeren niet in aftandse staat, dus de kans dat onmisbare dingen er de brui aan zouden geven, was klein. Bovendien is ze gelukkig in goede gezondheid, waardoor ze niet, zoals de vele chronisch zieken in de bijstand, een deel van haar uitkering zag opgaan aan het eigen risico in de zorgverzekering. ‘Hoe het echt is om in de bijstand te zitten, kon ik dus nooit helemaal ervaren.’

Toch durft ze na 31 dagen op bijstandsniveau wel één conclusie te trekken: ‘De uitkering is gewoon veel te laag. Het is niet veel, en ook niet toereikend. Het is ook helemaal niet gezond wanneer je continu moet stressen om aan het eind van de maand nog een miniem beetje geld over te houden. Dat is geen leven, alleen maar overleven.’

Zitten er paprikachips in uw kerstpakket dit jaar?

‘Ja, zowel in het kerstpakket dat ik krijg als het kerstpakket dat ik geef zit een zak paprikachips. Ik moet bekennen dat ik ze niet meer kan zien.’

Hoe vaak bestond uw avondeten in maart uit een zak paprikachips van 58 cent?

‘In de tweede week een paar avonden achter elkaar, en ook tijdens de laatste dagen van de maand, toen had ik gewoon niks anders meer in huis. Op de dagen dat de kinderen bij me waren, heb ik mijn best gedaan om voor gezonde maaltijden te zorgen, met verse groenten en vers fruit. Maar als de kinderen er niet waren, was het all bets are off. Dan probeerde ik in te halen wat ik op andere dagen te veel had uitgegeven. Dus dan at ik zo min mogelijk, of hield ik het bij een zak paprikachips of een diepvriespizza van een euro. Je merkt dan eens te meer hoeveel goedkoper het is om ongezond te eten.’

Al op dag 1 van haar maand in de bijstand had Lahlah een eerste tegenvaller: de apk-keuring viel duurder uit. ‘Ik had gezocht naar de allergoedkoopste garage en er eentje gevonden die het voor 25 euro kon doen. Vervolgens bleken er twee lampen te moeten worden vervangen, dus het werd 50 euro. Dat was wel even slikken, want daar ging dus mijn hele weekbudget.’

‘Het was de hele maand alsof ik een puzzel aan het leggen was waarvan de stukjes continu veranderden. Het vergt ontzettend veel energie en stress om de hele tijd, bij alles wat je doet, met geld bezig te zijn. Ik wist op elk moment in de maand tot op de cent nauwkeurig hoeveel geld ik nog overhad, want ik controleerde honderd keer per dag mijn rekening.’

De laatste dagen van maart had ze nog 5 cent op haar rekening staan. Een week voor het eind had ze nog één keer bij de Lidl boodschappen gedaan, voor de lieve som van 23 euro – het pakje tomatenpuree voor de tajine met wortel, broccoli en vlees moest ze teruggeven bij de kassa, die kon ze niet meer betalen.

‘De kinderen zouden tot zondag bij mij blijven, daarna gingen ze naar hun vader. Dus ik dacht: ik hoef alleen nog maar maandag, dinsdag en woensdag door te komen in m’n eentje, daar sla ik me wel doorheen met een zak chips, of door hier en daar een maaltijd over te slaan. Totdat mijn zoon maandag opeens voor mijn neus stond en zei dat-ie toch liever bij mij bleef. In een flits van een seconde dacht ik – en dat vond ik zó pijnlijk: o nee, ik kan jou er nu echt niet bij hebben. Natuurlijk was ik blij om mijn zoon extra te kunnen zien, maar ik kon gewoon niet meer schakelen, ik had nog maar 5 cent!’

Hoe heeft u dat opgelost?

‘Met ongezond eten. Ik had nog wat friet uitgespaard en ik heb gevraagd of mijn zoon een keer bij een vriendje kon blijven eten. Een collega zei nog: zal ik je anders wat geld lenen? Hartstikke lief, maar dat was natuurlijk niet de bedoeling.’

Esmah Lahlah Beeld Jiri Büller / de Volkskrant
Esmah LahlahBeeld Jiri Büller / de Volkskrant

U kreeg enkele keren boodschappen tijdens uw experiment. Als de sociale dienst voor uw deur had staan posten, had u ook een boete kunnen krijgen, gezien wat in Wijdemeren is gebeurd.

‘In Tilburg kan het op zich wel, boodschappen ontvangen als dat echt nodig is. Net zo goed als dat bijstandsgerechtigden tot op zekere hoogte ook giften mogen krijgen, als ze die maar opgeven. Maar dit is natuurlijk wel het schrijnende aan de participatiewet, waar de bijstand onder valt. Wie langdurig in de bijstand zit, teert volledig in op zijn reserves. In plaats van dat we er als overheid blij mee zijn dat deze mensen in elk geval nog een beetje op hun netwerk kunnen terugvallen, vullen we minder uitkering aan en straffen we ze dus eigenlijk.’

Wat zei het jaar 2021 over de bestuurscultuur in ons land?

‘Je ziet wel dat er verandering op gang is gekomen. De boodschappenaffaire in Wijdemeren en de toeslagenaffaire zijn in veel gemeenten aanleiding geweest om het gesprek aan te gaan over de participatiewet. De menselijke maat moet terug, steeds meer gemeenten geven dit signaal ook door aan het Rijk.

‘De participatiewet is te veel one size fits all. Dat werkt misschien prima voor mensen die werkloos raken en daarna kort in de bijstand zitten voordat ze weer een baan vinden. Maar mensen die langdurig in de bijstand zitten, bijvoorbeeld omdat ze chronisch ziek zijn maar geen arbeidsongeschiktheidsuitkering krijgen, zijn de dupe van de wet.’

Tilburg is een van de gemeenten waar de regels voor bijstandsgerechtigden de afgelopen tijd zijn verzacht. Zo gaat Tilburg soepeler om met de onder bijstandsgerechtigden gehate ‘kostendelersnorm’, die er tot nu toe voor zorgde dat veel kinderen op hun 21ste noodgedwongen het huis uit moeten – wat voor een telg uit een arm gezin geen sinecure is op een krappe woningmarkt – omdat hun ouder(s) anders een flink deel van de uitkering moet(en) inleveren. In het regeerakkoord heeft het nieuwe kabinet de leeftijdsgrens voor de kostendelersnorm verhoogd van 21 naar 27 jaar.

Ook mogen Tilburgse bijstandsgerechtigden sinds kort een halfjaar samenwonen zonder dat ze meteen hun uitkering moeten inleveren. Wie gaat ‘hokken’ met een werkende geliefde, verliest volgens de regels van de participatiewet normaal gesproken meteen zijn of haar uitkering. Sociale diensten controleren hier streng op – denk bijvoorbeeld aan de gevreesde ‘tandenborstelcontroles’, waarbij rechercheurs tandenborstels of ondergoed komen tellen om stiekeme samenwoners te betrappen. Lahlah: ‘Het resultaat is dat veel bijstandsgerechtigden dan maar geen relatie aangaan, want dan maken ze zich financieel afhankelijk van hun nieuwe partner.’

Tilburgse bijstandsgerechtigden kunnen een halfjaar straffeloos aan het samenwonen proeven, een lotgenoot uit pak ’m beet Biest-Houtakker niet. Hoe wenselijk is deze rechtsongelijkheid?

‘Ik snap dat mensen bang zijn voor willekeur wanneer gemeenten maatwerk bieden. Maar laten we een stap teruggaan: de essentie van de decentralisatie, waarbij gemeenten taken overnamen van de Rijksoverheid, was dat lokale overheden veel dichter bij hun burgers staan, en dus veel beter weten wat zij nodig hebben. Dan kan het niet zo zijn dat je als Rijk wel de verantwoordelijkheid bij gemeenten legt, maar ze niet de bevoegdheden geeft om te doen wat het beste is voor hun inwoners.’

Wat moet er in uw ogen veranderen aan de participatiewet?

‘Dat is een heel lijstje. Wat mij betreft moet de bijstandsuitkering omhoog, net als het minimumloon. En we moeten af van de vele flexcontracten op de arbeidsmarkt, meer ruimte bieden aan bijstandsgerechtigden om geld bij te verdienen of giften te ontvangen, en mensen niet meteen als fraudeur bestempelen wanneer ze een keer een vinkje vergeten te zetten.’

Haar grootste grief tegen de bejegening van bijstandsgerechtigden is het wantrouwende mensbeeld van de overheid, zegt Lahlah. ‘In de wet wordt de bijstandsgerechtigde gezien als een potentiële fraudeur. Als we maar zoveel mogelijk van ze eisen, en het zo lastig mogelijk maken om rond te komen, dan stromen mensen vanzelf wel uit de bijstand, lijkt soms de gedachte. Terwijl we het hier hebben over inwoners die onze hulp vragen. Denk bijvoorbeeld aan al die zzp’ers die een goedlopend bedrijfje hadden, maar door corona in de bijstand raakten. Armoede kan iedereen overkomen – door een scheiding, werkloosheid of een andere ingrijpende gebeurtenis. Dan is het fijn wanneer de overheid naast je gaat staan en je probeert te helpen, in plaats van je alleen maar met argwaan te benaderen.’

Als voorbeeld noemt ze de lotgevallen van de Tilburgse bijstandsgerechtigde Hanny Heuvelink, een vrouw die tot wel vijftig uur per week vrijwilligerswerk doet – koken in het buurtrestaurant, koffie serveren aan arme stadgenoten – maar van de sociale dienst het predikaat ‘onbemiddelbaar’ heeft gekregen. Als 55-plusser zou ze namelijk te oud en laagopgeleid zijn voor een baan. ‘Ik vind dat echt afschuwelijk’, zegt Lahlah, ‘ik wil niet meer dat we zo over onze inwoners spreken. Het probleem is ook dat we als samenleving de talenten van mensen zoals Hanny, die hartstikke waardevol is met haar vrijwilligerswerk, onvoldoende weten te waarderen.’

Op een dag ging Heuvelinks stofzuiger stuk. Ze vroeg bijzondere bijstand aan in de hoop een nieuwe te krijgen. ‘U kunt toch ook vegen?’, was de aanvankelijke reactie. Heuvelink bleef aandringen, waarop ze gesommeerd werd om met haar stofzuiger naar de sociale dienst te komen. Eerst hield de beveiliger haar nog tegen – met haar huishoudelijk apparaat onder de arm vormde Heuvelink een wat curieuze verschijning – waarna ze moest toezien hoe een medewerker van de sociale dienst de stekker van de stofzuiger in het stopcontact stak. ‘Hij doet het niet’, was zijn deskundigenoordeel. ‘Tja, dat had ik u door de telefoon ook wel kunnen laten horen’, tekende het Brabants Dagblad op uit haar mond. ‘Echt, je gaat door de grond’, zei Heuvelink, die huilend naar huis ging.

‘Natuurlijk, als iemand drie keer in het jaar een nieuwe stofzuiger aanvraagt, dan is het een ander verhaal’, zegt Lahlah over Heuvelink, die uiteindelijk wel met een brief van de sociale dienst naar de elektronicawinkel mocht om een nieuwe stofzuiger te kopen. ‘Maar ik vind echt dat we in zijn algemeenheid meer van vertrouwen moeten uitgaan.’

Sommige Tilburgers zullen misschien zeggen: fijn dat u uitgaat van vertrouwen, maar er zullen ook bijstandsgerechtigden zijn die daar misbruik van zullen maken.

‘Ik zeg ook niet dat we blind moeten zijn voor mensen die willens en wetens de boel belazeren. Maar dan heb je het over een kleine groep. Uit onderzoeken van onder meer het ministerie van Sociale Zaken blijkt dat niet meer dan 5 procent van de bijstandsgerechtigden moedwillig misbruik maakt van de uitkering. Moet je dan je hele beleid afstemmen op die 5 procent, zoals nu in de participatiewet gebeurt? Het gaat mij er niet om dat het beleid streng of soepel moet zijn, het gaat mij erom dat het beleid menswaardig moet zijn, met meer respect en vertrouwen dan bijstandsgerechtigden nu ten deel valt.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden