Wetenschap vreest verlies aan inzichten

AMSTERDAM De Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) gooit het kind met het badwater weg. Veel kennis over de multiculturele samenleving zal verloren gaan. Met name het voorstel om het geboorteland van ouders uit de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA) te schrappen, is een brug te ver.

Dit zeggen de hoogleraren Han Entzinger (Migratie- en Integratiestudies) en Jean Tillie (Politicologie). Entzinger en Tillie maken vaak gebruik van etnische gegevens. Tillie, die onder andere radicalisering en politieke participatie van etnische minderheden onderzocht, vindt het huidige registratiesysteem 'prima'.

Tillie snapt wel waar het RMO-initiatief uit voortkomt. 'Ik hoor ook voortdurend op bijeenkomsten: wij zijn geen allochtonen, wij zijn Nederlanders. Dat sentiment moeten we niet negeren.' Toch heeft Tillie moeite met 'de politieke component' van het RMO-advies. 'Het zint de raad niet hoe bepaalde gegevens worden gebruikt, met name op het terrein van de criminaliteit en veiligheid, dus maakt hij ze maar helemaal ontoegankelijk. Zo snijd je de samenleving af van noodzakelijke kennis.'

Conflict

Hij noemt als voorbeeld 'het conflict tussen de eerste en tweede generatie migranten' en welke gevolgen dat heeft. En de noodzaak te weten of minderheden onder- of oververtegenwoordigd zijn in overheidsorganen, of ze voldoende deelnemen aan het politieke proces. 'De RMO zegt dat de overheid neutraal moet zijn. Dan moet je ook het sekseonderscheid niet meer registreren.'

Ook Entzinger verwijst naar vrouwenemancipatie. 'Als je streeft naar een gelijke positie voor mannen en vrouwen, moet je de sekse registreren. Anders weet je niets.' Dat is met migranten precies zo. 'Om inzicht te houden in het integratieproces is het van belang het geboorteland van de ouders te weten. Bij de derde generatie neemt de betekenis daarvan af.'

Entzinger vindt het RMO-advies 'te radicaal', maar is wel blij dat de RMO het verouderde systeem ter discussie stelt. Het onderscheid tussen westerse en niet-westerse migranten moet vervallen. 'Dat is zo'n twintig jaar geleden ingevoerd. Westers stond voor onproblematisch, niet-westers voor problematisch.'

Dat heeft geleid tot 'rariteiten'. 'Japanners zijn westers, Turken (die bij de Europese Unie horen) niet. In Nederland geboren tweede generatie migranten zijn niet-westers. Problematische Polen weer wel.' Dat onderscheid, en überhaupt het begrip allochtoon, is aan buitenlanders niet uit te leggen, zegt ook Afshin Ellian, jurist en hoogleraar sociale cohesie en multiculturaliteit.

Afschaffing

Hij juicht afschaffing van het registratiesysteem toe. 'Het botst met de Grondwet, die etnische categorisering niet toestaat.' Maar anders dan de RMO vindt Ellian etnische gegevens wel van belang voor het criminaliteits- en veiligheidsbeleid. 'We moeten weten waarom Antilliaanse jongens zo gewelddadig zijn. Waar komt dat gedrag vandaan? Ook in de strijd tegen terrorisme is kennis van de etnische achtergrond van belang.'

Die gegevens mogen niet uit de GBA worden getrokken, zoals nu gebeurt, vindt Ellian. 'Pas als je met de politie in aanraking komt, moet je worden opgenomen in een bestand. Die politieregistratie moet wettelijk geregeld worden. Er moeten voldoende waarborgen zijn. Wie niet langer verdacht is, moet onmiddellijk uit het systeem worden verwijderd.'

Principieel tegen het gebruik van etnische gegevens bij criminaliteitsbestrijding is de Marokkaans-Nederlandse onderzoeker Ilias el Hadioui niet. 'Maar als je de statistieken selectief toepast, bij deviant gedrag en overlastgevende jongeren, schiet je je doel voorbij.'

Heftig

El Hadioui verwacht heftige discussies over het RMO-advies. 'Etnische registratie, dat raakt aan '40 - '45, dat ligt heel gevoelig.' Zijn visie is 'een nuchtere'. 'Weeg de voor- en nadelen van het systeem af. Als ik het onderzoeksbelang stel tegenover de onderdrukkende indeling in de hoofden van hele generaties die opgroeien met de scheiding allochtoon-autochtoon, heb ik de keuze snel gemaakt.'

Onderzoekers kunnen ook op andere manieren aan hun gegevens komen, vindt hij. In het kader van zijn promotieonderzoek (naar sociale uitsluiting en identificatie) ondervroeg hij 2.600 Rotterdamse jongeren. Hij gebruikte geen GBA-gegevens. Hij vroeg de jongeren zelf naar hun geboorteplaats en die van hun ouders, en wilde ook weten hoe ze zichzelf zien. 85 procent markeerde het etnische hokje waar de overheid hen in stopt. El Hadioui: '14 procent verkiest een ander label. In het huidige systeem komen die niet tot hun recht.'

Wijst hij het RMO-advies af? El Hadioui: 'Niet per se. Ik besef dat de maatschappij behoefte heeft aan enige vorm van onderscheid. Het is fijn te weten dat eenvijfde van de studenten aan de Erasmusuniversiteit behoort tot bepaalde minderheden.'

Demissionair minister Leers (Immigratie):

'niet stigmatiseren'

'Weliswaar zijn er geen aparte, specifieke geldstromen en regelingen meer, maar beleid (taal, onderwijs, arbeidsmarkt, veiligheid) moet wel effect hebben op specifieke groepen als zij achterstanden hebben (of problemen veroorzaken).

Het gaat nadrukkelijk niet over stigmatisering van mensen met een andere afkomst. Als mensen meedoen aan de samenleving, moeten zij ook een eerlijke kans krijgen en niet continu het 'allochtoon zijn' nagedragen krijgen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden