Werkstudenten lopen volgens onderzoek evenveel vertraging op als collega's zonder werk Aantal studenten met bijbaantje groeit snel

Het aantal studenten dat zijn toevlucht neemt tot een baan van minder dan twaalf uur per week om in de kosten voor levensonderhoud te voorzien, neemt in rap tempo toe....

Van onze verslaggever

Jan 't Hart

AMSTERDAM

De horeca, de postorderbedrijven en de koekjesfabrieken kunnen tevreden zijn: het kan voor studenten ook geen kwaad om er een baantje naast de studie op na te houden, zo blijkt uit onderzoek van het Amsterdamse SCO/Kohnstamm Instituut. Werkstudenten lopen gemiddeld evenveel vertraging op als hun collega's die zich volledig op de studie hebben gestort.

Na 1983 is er een opvallende stijging van het aantal studenten met een betaalde baan. In het cohort 1982 (de studenten die toen aan de studie begonnen) werkte in het tweede studiejaar 27,2 procent van de studenten. Bij het cohort 1986 was dat al 36,8 procent, en bij het cohort 1991 is dat al gestegen tot 48,3 procent. Van de derdejaars studenten die in 1991 zijn begonnen, werkt 55 procent. De nieuwste cijfers wijzen uit dat in 1994 68 procent van de studenten een baan heeft naast de studie.

Studenten die in hun eerste jaar naast hun studie werken, studeren evenwel aanmerkelijk langzamer dan hun evenknieën die geen betaalde arbeid verrichten, zegt het SCO. In de daarop volgende jaren maakt dat weinig meer uit. Niet alleen gaan dan meer studenten werken, ook denkt het instituut dat 'studenten die pas in het tweede studiejaar gaan werken zich in het eerste studiejaar goed in hun studie hebben genesteld waardoor een kleine baan naast de studie geen vertraging oplevert'.

Sinds de introductie van de basisbeurs in 1986 zijn de studiebeurzen met 30 procent verlaagd), leningen zijn opgeschroefd, en de druk van het ministerie van Onderwijs om de studie snel af te ronden, is toegenomen. Een beurs is er na vier jaar studie niet meer te bemachtigen. Daarna rest slechts de bijbaan of de lening. Studenten kiezen steeds vaker eieren voor hun geld.

Minister Ritzen van Onderwijs zei het nog maar eens bij de opening van het academisch jaar, begin september: studenten werken minder dan dertig uur aan de studie, en dat kost de samenleving meer dan een miljard gulden per jaar. Studenten kunnen er wel eens wat harder aan trekken, was de boodschap. Recent onderzoek van de Amsterdamse psychologe H. Terwijn wijst uit dat studenten 26 uur aan de studie besteden. Het onderzoek van SCO voegt daaraan toe dat studenten gemiddeld 12,3 uur per week bijklussen. Derhalve werken studenten niet meer of minder dan andere werkenden: 38,3 uur per week. Maar de student kan lenen en hoeft niet erbij te werken, vindt Ritzen.

Studenten daarentegen verafschuwen het lenen. Zij zijn niet gaan studeren om een wissel op de toekomst te trekken, maar juist om een beter perspectief te bemachtigen, bewijst ook het onderzoek van Terwijn. Hoe lager de beurs, hoe eerder de student erbij gaat werken. Het verschil vult hij dus niet op door meer te lenen, ondanks de soepele terugbetalingsregeling.

Opdrachtgever van het onderzoek van SCO is de Stichting Onderlinge Studentensteun Kriterion, in Amsterdamse studentenkringen kortweg bekend als Kriterion. De stichting verschaft studenten een studietoelage in ruil voor werk bij een van de werkprojecten van Kriterion. De stichting beheert onder andere een benzinestation en een oppascentrale. In 1982 splitste de veel bekendere bioscoop zich af, maar behield de naam 'Kriterion'. De stichting bestaat vijftig jaar. Ze wilde wel eens weten hoe het zit met werkende studenten en liet daarom het onderzoek doen. Vandaag worden tijdens een symposium de resultaten gepresenteerd.

Kriterion heeft de resultaten aangegrepen om universiteiten en hogescholen te bewijzen dat de hedendaagse student een andere is dan tien jaar geleden. De student van tegenwoordig werkt, en strakke, vierjarige studieprogramma's die bijna alleen overdag kunnen worden gevolgd, horen daar niet bij.

Stichtingsvoorzitter V. Rutgers vindt dat universiteiten en hogescholen nog niet doordrongen zijn van de verandering van de studentenpopulatie. De moderne student wil onderwijs op maat, denkt Rutgers, die ook beleidsambtenaar is aan de Rijksuniversiteit Leiden. 'De instellingen moeten veel meer duale programma's (werken-leren) aanbieden', vindt hij. 'De bibliotheken moeten de openingstijden verruimen, en het zou handig zijn als er meer onderwijs in de avonduren wordt gegeven.'

Werkstudent F. Molenaar bij de bioscoop Kriterion weet dat het steeds zwaarder wordt voor studenten om aan de hogere temponormen te voldoen - studenten moeten per jaar 50 procent van hun studiepunten halen, willen ze hun beurs behouden - en tegelijk voldoende geld binnen te halen om van te leven. 'Studenten studeren oppervlakkiger, ze moeten ook andere dingen doen. Het is onmiskenbaar dat het aantal studenten dat slechts studeert, zienderogen afneemt.'

Molenaar werkt nu zestien uur per week bij Kriterion. Omdat hij de leeftijd van 27 jaar is gepasseerd, kan hij fluiten naar studiefinanciering. Zijn loon is voldoende om van te leven, en zo kan hij zijn studie politicologie aan de Universiteit van Amsterdam afmaken.

Rutgers hekelt de nieuwste plannen van Ritzen om studenten nog sneller te laten studeren in een steeds kortere periode. 'Ritzen wil de werkelijkheid naar zijn hand zetten. Door zijn plannen in het Hoger Onderwijs en Onderzoek Plan worden studenten gedwongen in één ruk door de studie heen te gaan. Dat staat op gespannen voet met de werkelijkheid. Studenten willen hun jaren spreiden, onder andere om erbij te werken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden