Wereldtop en spannende producties

Het Holland Festival 2011 had plaats in een maand waarin de kunstwereld vol was van de aankomende forse bezuinigingen. Dat daarover in het festival zelf geen onvertogen woord viel, is opmerkelijk. Juist bij grote HF-premières zoals die van Toneelgroep Amsterdam en het Nationale Ballet, waren de bobo's uit de kunstwereld, politici en beleidsmakers in groten getale aanwezig.


Iedereen had het over die bezuinigingen, vaak meer nog dan over de voorstellingen zelf, maar niemand deed iets. Geen actievoerder die het podium beklom, geen wanklank, geen dissonant, geen enkel debat. Alleen hier en daar een strooifoldertje met klaagzang. En de koningin schijnt na afloop van de openingsvoorstelling Mea Culpa (waarin de dirigent in een lege orkestbak afdaalde) staatssecretaris van Cultuur Halbe Zijlstra te hebben toegevoegd dat dit de toekomst van de kunst is als hij zo doorgaat.


Het Holland Festival zelf blijft trouwens grotendeels gevrijwaard van bezuinigingen. Als enige festival blijft het opgenomen in de basisinfrastructuur en aldus verzekerd van iets minder maar wel structurele subsidie. Terecht, zo bewijst ook deze editie die vooral wat betreft de muziek, het muziektheater en de dans van hoge kwaliteit was.


Met de programmering in Het Muziektheater verstevigde het festival de aansluiting bij de wereldtop. De internationale operapers kwam opdraven voor Dionysos van Wolfgang Rihm, in regie van festivaldirecteur Pierre Audi, en voor Jevgeni Onjegin van Tsjaikovski, een debuut van de Noor Stefan Herheim. Pers en publiek hoorden een magisch Concertgebouworkest, en Mariss Jansons bewees dat zijn orkest ook in een wat problematischer akoestiek dan die van het eigen Concertgebouw onaards mooi kon klinken.


In het muziekprogramma had het HF ook dit jaar een gelukkige hand van kiezen; een aantal over de wereld zwervende producties imponeerden. Zo kon het festivalpubliek kennis nemen van The Rape of Lucretia, de kameropera van Britten. Zeer geslaagd ook waren de componistenportretten van Thomas Adès en Iannis Xenakis. Het betrekken van de Arabische wereld bij het festival gebeurde dit jaar opnieuw. De Senegalese zanger Thione Seck haalde Egyptische en Indiase banden aan in zijn geslaagde project Orientation, maar groots spektakel haalde Audi naar zijn festival met een uniek en historisch optreden van de Libanese zangeres Fairouz in Carré.


De dansprogrammering was spannend, met internationaal werk dat hier anders nooit te zien is, zoals het bedwelmende Birds with Skymirrors van Lemi Ponifasio (Nieuw Zeeland) en Nya van Abou Lagraa (Algerije). Ook waren de grote namen uit de Europese eigentijdse dans aanwezig, met Sacha Waltz, Jerôme Bel en Sidi Larbi Cherkaoui. De kans om onder de vlag van het HF iets bijzonders te doen, werd door Het Nationale Ballet met beide handen aangegrepen: Cherkaoui/Dawson bestond uit twee nieuwe balletten. Risicovol, want het is nogal wat om de primair klassieke dansers met iemand als Cherkaoui aan de slag te laten gaan. Het pakte goed uit.


Overigens had Het Nationale Ballet dit programma ook zonder het HF kunnen maken, evenals Toneelgroep Amsterdam ook zonder het HF-etiket De Russen had uitgebracht. Dat Audi aan de vorig jaar overleden theatermaker Christoph Schlingensief veel aandacht schonk (Mea Culpa, Via Intolleranza II) valt te respecteren. Maar een duidelijke lijn in de theaterprogrammering viel niet te ontdekken; die varieerde van het Engelse hogeschool-acteren in The School for Scandal en de musical Fela! in Carré tot allerlei onbekends in theater Frascati (Japans, Hongaars, Zwitsers, Litouws). De Woostergroup raakte met Vieux Carré drie avonden uitverkocht, maar van dat gezelschap lijkt de houdbaarheidsdatum nu toch echt verstreken. Wat de kleinere producties betreft kan het Holland Festival in de toekomst zijn geld beter besteden aan Nederlandse theatermakers, die het straks hard nodig zullen hebben.


Grote verrassing was Before I sleep, het installatietheater van Thristan Sharps, gebaseerd op Tsjechovs De Kersentuin en ondergebracht in een kantoorpand aan de Amsterdamse kantorenwijk Zuidas. De adembenemende aanblik van een kersenboom in bloei had een enorme impact. In diezelfde voorstelling werd de wereld getoond als verschroeide aarde met omgehakte bomen. Zoals veel kunstenaars hun toekomst zien, maar daarvan geen gewag maakten in het Holland Festival 2011.


Somberheid

Het Holland Festival trok dit jaar in 26 dagen tijd en met meer dan 150 voorstellingen in totaal ruim 86 duizend bezoekers. Dat is 23 procent meer dan vorig jaar, toen 69 duizend bezoekers naar het festival kwamen. Maar 'een festival van deze omvang en variëteit zal met de voorgenomen bezuinigingen in de komende jaren waarschijnlijk niet meer te realiseren zijn', aldus het festival. Niet alleen moet het Holland Festival zelf iets inleveren, ook zullen veel organisaties waarmee wordt samengewerkt of gecoproduceerd door de bezuinigingen zwaar worden getroffen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden