Wereldtoneel heeft weer twee polen

Hoe de bipolaire relatie tussen VS en China zich ontwikkelt zal voor langere tijd de hoofdfilm zijn in het theater van de wereldpolitiek.

Een Amerikaanse columnist haalde deze week een - bijna weemoedige - herinnering op aan het bezoek van Deng Xiaoping aan de Verenigde Staten in 1979. Een van de beroemdheden die hij ontmoette, was actrice Shirley MacLaine, bekend om haar linkse sympathieën. Zij vertelde hem dat ze China had bezocht tijdens de Culturele Revolutie en bij die gelegenheid een wetenschapper had ontmoet die voor straf naar het platteland was gestuurd, maar vol geestdrift had gesproken over de vreugde van het werken met zijn handen en over alles wat hij leerde van de boeren. Toen het verhaal uit was, bromde Deng slechts: ‘De man loog.’

Onomwonden
Tja, een dergelijk onomwonden commentaar valt niet te verwachten van de huidige Chinese leider, president Hu Jintao, die de afgelopen dagen met veel fanfare werd ontvangen in de VS. Elke spontaniteit lijkt hem vreemd.

Kenmerkend was de gezamenlijke persconferentie met president Obama. Tijdens diens bezoek aan China, in november 2009, wist Hu te voorkomen dat hij samen met zijn gast voor de pers moest verschijnen: het programma voorzag er domweg niet in. Maar in Washington kon hij er niet onderuit. En moest hij dus rekening houden met de mogelijkheid dat hem zomaar een vraag zou worden gesteld over Tibet of de mensenrechten. Hetgeen prompt gebeurde. Maar hij had er iets op bedacht. Nadat Obama als eerste had geantwoord, keek Hu naar een Chinese televisieverslaggeefster, die hem ijlings een hapklare vraag stelde over de grote waarde van ‘vriendschap en wederzijds respect’. Mede dankzij de vertraging vanwege de vertaling (die van de Chinezen niet simultaan mocht zijn) werd de nodige tijdwinst geboekt.

Kousenvoeten

De herinnering aan Deng is voor veel Amerikanen (en Europeanen) des te dierbaarder omdat China in die tijd een ander gezicht toonde aan de wereld. Ook toen werd het land al gezien als een ‘ontwakende reus’, maar dan wel een reus die het liefst op kousenvoeten rondging. Deng gaf absolute prioriteit aan de economische modernisering en koos welbewust voor een low profile in de buitenlandse politiek. Het leek wel of het begrip ‘strategisch belang’ niet in het Chinese vocabulaire voorkwam.

Met name in Europa bracht dat sommigen tot rooskleurige bespiegelingen over de evolutie naar een multipolaire internationale constellatie, waarin de VS, het verenigde Europa, het Sovjetblok, China en Japan min of meer als gelijkwaardigen de wereld zouden bestieren. Dat is een tikkeltje anders gelopen. Het Sovjetblok viel uiteen en Rusland is alleen een factor van betekenis als kernmacht en energieleverancier. De opkomst van Japan stokte.

Pendant
China’s krachtige economische ontwikkeling bleek wel degelijk een strategische pendant te hebben. Peking speurde actief naar grondstoffen en afzetmarkten. In de eigen regio wierp het zich steeds meer op als de leidende mogendheid, die wenst dat rivaliserende machten - lees: Amerika - passende afstand bewaren, vooral in de Oost-Chinese en Zuid-Chinese Zee. Het afgelopen jaar heeft die aanspraak een nog dwingender karakter gekregen en zich ook vertaald in een harde lijn bij territoriale disputen met een reeks van buurlanden. Dat die buurlanden van de weeromstuit weer dichter tegen de VS aankruipen, lijken de Chinezen op de koop toe te nemen.

Onheilspellend
De assertiviteit regeert in Peking. Soms zelfs met een onheilspellend aplomb. Zo liet men twee weken geleden de eerste testvlucht van een nieuw, voor radar onzichtbaar gevechtsvliegtuig onverdroten samenvallen met het langverwachte bezoek van de Amerikaanse minister van Defensie Gates. Desgevraagd liet Hu aan zijn Amerikaanse gast weten dat deze samenloop van omstandigheden voor hemzelf ook als een verrassing kwam, wat ofwel een onwaarheid is ofwel aangeeft dat de hoogste politieke leiders het Chinese Volksleger niet volledig in de hand hebben; het laatste zou alleen maar nog meer reden voor bezorgdheid zijn.

De controle over de Oost- en Zuid-Chinese Zee, het militaire machtsevenwicht in Oost-Azië, de strategische allianties die lopen van India tot Australië - dat is een speelveld waarop het nog altijd veelkoppige en militair onbetekenende Europa weinig in de melk heeft te brokkelen. De Europese Unie is een prominente speler, maar geen macht met een mondiaal strategisch bereik.

Die multipolaire wereld komt er misschien ooit, maar voorlopig niet. Niet alleen economisch, maar ook geopolitiek is China de nummer twee in de wereld geworden. De achterstand op de VS is nog groot, maar de Chinese leiders zijn er onmiskenbaar van overtuigd dat nummer één op zijn retour is. Hoe die bipolaire relatie, die naast rivaliteit ook interdependentie kent, zich verder ontwikkelt - dat zal voor langere tijd de hoofdfilm zijn in het theater van de wereldpolitiek. In de Chinese versie van die film zal Peking weinig verschil zien tussen democratisch gekozen Europeanen en Derde Wereldpotentaten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden