Wereld wordt al 11 jaar iets armer

De reële particuliere rijkdom in de wereld is het afgelopen jaar gedaald. Het gemiddelde vermogen in handen van particulieren groeide (na aftrek van hun schulden) nog wel met 0,6 procent, maar dat was minder dan de inflatie. Over de hele periode vanaf 2000 heeft het gemiddelde particuliere vermogen de inflatie niet bijgehouden; per jaar smolt er 0,6 procent af.

AMSTERDAM - Dat blijkt uit het Global Wealth Report, een jaarlijkse peiling van de particuliere vermogens in 52 landen, dat dinsdag door het Duitse verzekeringsbedrijf Allianz werd gepubliceerd. Het gaat bij dit onderzoek uitsluitend om financiële bezittingen (geld, beleggingen en verzekeringen), dus onroerend goed is niet meegeteld. In 2009 en 2010 steeg het gemiddelde privévermogen nog met 7,8 en 9,7 procent.

Volgens onderzoeker Michael Heise eisen de lage rentes en de onzekerheid hun tol: 'Spaarders zijn de slachtoffers van het uitblijven van resultaat wat betreft het reorganiseren van de financiële markten en het oplossen van de crisis in de eurozone.'

De brutovermogens (daar moeten de schulden nog af) krompen alleen in Europa. In opkomende regio's zoals Latijns-Amerika, Oost-Europa en Azië (zonder Japan) groeiden die nog razendsnel: met 7 tot 10 procent.

Gek genoeg zijn het de banken die profiteren van de bankencrisis. Vorig jaar was sparen bij de bank opnieuw de sterkst groeiende kapitaalsvorm: 6 procent groei. Voor de val van Lehman Brothers stond 26,3 procent van alle particuliere vermogen bij de bank; nu is dat 32,8 procent.

De ongelijkheid in de wereld neemt snel af. In 2000 bezat een doorsnee bewoner van een rijk land (vermogen boven 26.800 euro) 140 maal zo veel als een bewoner van een arm land (vermogen onder 4.500 euro). Vorig jaar 'nog maar' 38 maal zo veel.

De middenklasse, met een vermogen tussen 4.500 en 26.800 euro, groeit sterk. Eind vorig jaar behoorden 720 miljoen mensen, ofwel 15 procent van de bevolking, tot deze middenklasse, ruimschoots een verdubbeling vergeleken met 2000. Sinds dat jaar is het aantal rijken (een vermogen boven de 26.800 euro) met 4 procent gedaald, ondanks de bevolkingstoename. Het aantal armen daalde met 2 procent. Overigens zeggen deze cijfers niet alles over gelijkheid: de resterende rijken kunnen veel rijker zijn geworden.

De (particuliere) schuldenberg groeide weinig, 2,2 procent. Voordat in 2008 de financiële crises begonnen, groeide de schuldenberg vaak met ruim 8 procent per jaar. Op zijn hoogtepunt was de particuliere schuld gelijk aan 72 procent van het mondiaal inkomen, vorig jaar was dat 67 procent.

De Zwitsers zijn nog altijd het rijkst met een gemiddeld vermogen van 138 duizend euro. Dan volgen Japanners (93 duizend), Amerikanen en Belgen. Nederlanders staan dankzij hun gigantisch pensioenvermogen op de vijfde plek met gemiddeld 61.315 euro, 3,9 procent meer dan eind 2010.

Wie de Grieken een boos hart toedraagt, kan tevreden zijn: de doorsnee-Griek zag zijn vermogen met 9,1 procent dalen tot ruim 21 duizend euro, en als de schulden eraf gaan nog maar 8.830 euro. Ook Spanjaarden, Portugezen en Italianen moesten inleveren: ruim 3 procent. Het snelst groeiden de vermogens van de gemiddelde Indonesiër (25,8 procent), Argentijn (24,4 procent) en Kazach (20 procent). Andere sterke groeiers wonen in India (18,1 procent), Brazilië (12,7 procent) en Rusland (17,9 procent). De doorsnee-Chinees zag zijn vermogen 7,1 procent groeien.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden