Werder speelt wedstrijd te veel

Op het ereterras zat Gerhard Mayer-Vorfelder, vice-voorzitter van de Duitse voetbalbond, en naast hem glom de Salatschale, maar Werder Bremen vergat het kleinood af te halen....

Van onze verslaggever

Wybren de Boer

MÜNCHEN

Zelfs Der Otto kon zijn spelers niet uit hun lethargie doen ontwaken. Na 26 minuten in de tweede helft, toen Bestjastnich in kansrijke positie hoog over schoot, besefte Otto Rehhagel dat hij de kampioensschaal niet voor een derde keer naar Bremen zou brengen. 'Zulke kansen krijg je in dit soort wedstrijden maar zelden.' Woedend smeet de trainer een fles water over de tartanbaan en nam met een wegwerpgebaar afscheid van de titel.

Een wandelende vulkaan, noemde Rehhagel zichzelf bij herhaling en daarvan gaf hij zaterdag meermalen blijk. Even gemakkelijk draaide hij na negentig minuten de knop om. Omringd door camera's vluchtte de als altijd in trainingspak gehulde coach met een verbeten gezicht naar de kleedkamer, om er als een vriendelijk lachende gentleman weer uit te voorschijn te komen.

Zij aan zij met Franz Beckenbauer, zijn toekomstige baas, nam de Werder-trainer de wedstrijd nog eens door. 'Voor ons duurde het seizoen een wedstrijd te lang. Wij konden niet meer, de durf was weg en dan verdien je de titel ook niet.' Beckenbauer sprak troostende woorden. 'Over een jaar vieren Otto en ik samen feest.'

Met ingang van volgend seizoen mag Rehhagel proberen Bayern München terug te voeren naar de top van het Europese voetbal. Een missie waarvoor eerder Jupp Heynckes, Sören Lerby, Erich Ribbeck en Giovanni Trapattoni naar Beieren waren geroepen. Geen van hen kon de hooggespannen verwachtingen inlossen. Rehhagel wimpelde tweemaal een aanbod uit Zuid-Duitsland af, in 1976 en 1992, maar zei in februari van dit jaar ja. 'Want een club als Bayern München mag je geen drie keer weigeren.'

Zijn voorgangers botsten niet zelden met de bemoeizuchtige bestuursleden, toevalligerwijs allen een groots voetbalverleden met zich meedragend. In het Olympiastadion kijken voorzitter Beckenbauer, vice-voorzitter Karl-Heinz Rummenigge en manager Uli Hoeness over de schouder van de coach mee. En op het trainingsveld houden de assistenten Augenthaler en Maier een oogje in het zeil.

Volgens Rummenigge is van bemoeizucht geen sprake. De vroegere steraanvaller van Bayern sprak van meedenken met de trainer en zei voorts dat Rehhagel veel tijd wordt gegund. 'Ik denk dat het een voordeel is dat een trainer af en toe met een bestuurslid kan praten die weet hoe topvoetbal in elkaar steekt. Franz, Uli en ik, wij hebben zelf in de top gespeeld, wij weten maar al te goed dat een trainer in rust wil werken en zelf de opstelling maakt.'

Rehhagel hield zich wijselijk op de vlakte omtrent zijn toekomstige werkomgeving. In Bremen weten ze echter maar al te goed dat de 56-jarige coach niet gediend is van pottekijkers. Weliswaar hield geen Bundesliga-huwelijk zo lang stand als dat tussen Der Otto en Werder Bremen, maar in die veertien jaar waren de momenten van haat bijna net zo talrijk als die van liefde.

In de laatste maanden lag de nadruk vooral op het eerste. Rehhagel stoorde zich in hoge mate aan manager Willi Lemke, die de trainer te eigenzinnig gedrag in transferzaken verweet. Eerder dit jaar wist Rehhagel het enfant terrible Effenberg te bewegen naar Bremen te komen, maar de transfer ketste af toen Lemke voor een afrondend gesprek met de speler aan tafel schoof.

Korte tijd later plaatste Lemke vraagtekens bij de positie van Rehhagels zoon Jens, die volgens de manager niet in de A-selectie van Werder thuis hoort. Op zijn beurt concludeerde Rehhagel dat het moment van afscheid na veertien jaar gekomen was en koos voor München. Reactie van Lemke daarop: 'In München zal Otto nog merken wat echte stress is.'

Niettemin heeft Rehhagel zich behalve een eigenzinnig ook een bekwaam coach getoond. Op zijn eerste werkdag in Bremen, 2 april 1981, trof hij een anonieme Bundesligist aan, en veertien jaar later, laat hij een gerespecteerde topclub achter. Een club die onder zijn leiding tweemaal kampioen werd (1988 en 1993), driemaal de titel op doelsaldo verloor, tweemaal de Duitse beker opeiste en in 1992 de Europa Cup II won.

Elftallen zonder franje, maar altijd uitermate solide, kneedde Rehhagel in het Weserstadion. 'Hij gelooft in het collectief. Ook vedetten moeten werken, vindt hij. Hij is als geen ander in staat een team een onverwinnelijk gevoel bij te brengen', prees aanvaller Andreas Herzog zijn trainer.

Dat werd afgelopen seizoen nogmaals bewezen. Vier punten bedroeg na de winterstop de achterstand van Bremen op Dortmund, maar vanaf dat moment vochten de Noordduitsers zich terug. Na de 3-1 winst in het onderlinge duel, begin mei, nam Bremen een punt voorsprong. Op de laatste speeldag ging het toch nog mis, omdat de eeuwige rivaal uit Beieren uitermate geïnspireerd bleek.

Bayerns aanvalsleider Mehmet Scholl won het prestigeduel met zijn toekomstige teamgenoot Herzog en Alexander Zickler, de spits die tot zaterdag slechts zeven maal doel trof, scoorde tweemaal. Hoop koesterde Bremen kortstondig in de eerste helft, toen Basler uit een strafschop gelijk maakte (1-1). Het doelpunt van Zickler twee minuten later was volgens Rehhagel 'de technische knock-out'.

In München staat hem de duurste Bayern-selectie aller tijden ter beschikking. Strunz (Stuttgart), Sforza (Kaiserslautern), Herzog (Bremen) en Klinsmann (Tottenham Hotspur) vertonen in het seizoen 1995/'96 hun kunsten in het Olympiastadion en voor Rehhagel wacht daarmee 'de uitdaging van mijn leven. Ik weet dat het publiek hier gewend is aan succes en dat er niet veel geduld is, maar ik denk dat we volgend jaar een Supermannschaft kunnen hebben.'

In Bremen laat hij een zware erfenis achter voor Aad de Mos. Zonder twijfel zal de Hagenaar opgelucht hebben vastgesteld dat hij niet voor de loodzware taak staat de titel te verdedigen. Met de Argentijn Cardoso en de Braziliaan Baiano mag De Mos proberen de club naar nieuwe successen te voeren.

Een poging om Rehhagel in populariteit voorbij te streven kan hij vermoedelijk beter achterwege laten. In München scandeerden fans van Werder en Bayern zaterdagavond minutenlang de naam van de Meistermacher uit Bremen. Voor Rehhagel is een ding zeker: 'Zoals in Bremen wordt het nooit weer.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.