Reportage Verantwoordingsdebat

Welzijn is meer dan geld, maar de Tweede Kamer had het vooral over koopkracht

De Tweede Kamer kon het kabinetsbeleid woensdag voor het eerst beoordelen aan de hand van de Brede Monitor Welvaart. Welzijn is meer dan geld, maar desondanks ging het vooral over het koopkrachtplaatje.

Premier Mark Rutte en minister Wopke Hoekstra van Financiën in de Tweede Kamer tijdens het verantwoordingsdebat over het jaar 2017.

De nieuwe meetlat voor het kabinetsbeleid ligt de Tweede Kamer nog niet echt lekker in de hand. Voor het eerst kon de Kamer de prestaties van het kabinet woensdag beoordelen aan de hand van de Monitor Brede Welvaart, die in kaart brengt hoe het land erbij ligt op milieugebied, gezondheid, onderwijs en maatschappelijke ongelijkheid. Toch ging het tijdens het Verantwoordingsdebat weer vooral over de tegenvallende koopkrachtplaatjes.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft de Monitor Brede Welvaart (MBW) opgesteld op verzoek van de Kamer zelf. Deze nieuwe, niet-financiële welvaartsgraadmeter moest de Kamer in staat stellen het kabinetsbeleid op meer beleidsterreinen te toetsen dan alleen dat van de harde financiën. De cijfers over de economische groei, de koopkracht en de staatsschuld geven een te eenzijdig beeld, vindt de Kamer. Welvaart is immers niet alleen in geld uit te drukken. Ook gezondheid, veiligheid en een prettige woon-en leefomgeving zijn essentieel voor het geluk en welzijn van de burger.

Vandaar de wens van de Kamer om het gevoerde kabinetsbeleid ook op die aspecten af te rekenen. Alleen blijkt het in de praktijk vaak lastig om dergelijke ‘softe punten’ (dixit minister Hoekstra van Financiën) in een hard, meetbaar beleidsdoel om te zetten. Dat is ook de reden dat alternatieven voor het bruto binnenlands product, waaronder de World Happiness Index, nooit echt voet aan de grond krijgen.

Tijdens het Kamerdebat hadden de financieel woordvoerders gisteren veel weg van vaders en moeders die verwoed proberen hun minst aantrekkelijke dochter aan de man te brengen. De potentiële vrijer, in de persoon van premier Rutte, benadrukte beleefd dat de aangeprezen deerne beslist over veel kwaliteiten beschikt. De huwelijkskandidaat zag nog wel wat praktische probleempjes die een snelle trouwerij in de weg staan, maar hij zei hard aan een oplossing te gaan werken. Elke ouder zonder bord voor de kop weet dan genoeg: dit wordt ’m niet.

Premier Mark Rutte en minister Wopke Hoekstra van Financiën in de Tweede Kamer tijdens het verantwoordingsdebat over het jaar 2017.

Dooddoener

De premier prees de MBW als een ‘goede ontwikkeling’, die ‘inzicht geeft’ en een ‘bijdrage levert aan het debat dat wij vandaag voeren’. Een dooddoener, vond Denk-Kamerlid Farid Azarkan: ‘Wat is nou de samenhang tussen de MBW en het kabinetsbeleid, wat gaat u er nou mee doen?’ Rutte verwees naar het regeerakkoord: het kabinet heeft daarin klimaatdoelen vastgelegd, presenteerde gisteren een plan voor de woningmarkt en heeft ook beleid geformuleerd om de positie van achterstandsgroepen te verbeteren. ‘Als nog een keer voorlezen wat er in het regeerakkoord staat uw enige reactie is op de MBW, schieten we er weinig mee op’, riposteerde PvdA-Kamerlid Henk Nijboer geïrriteerd. Rutte: ‘Ik ben er maar beperkt van overtuigd dat wij als politiek wat kunnen doen voor het geluk van mensen. Geluk is van veel factoren afhankelijk.’

Critici die vinden dat een breed welvaartsbegrip een grabbelton is die uitnodigt tot selectieve interpretatie (elke belanghebbende pikt eruit wat in zijn of haar straatje past) konden tijdens het Kamerdebat hun gelijk halen. Het CDA sloeg aan op de achteruitgang van het vrijwilligerswerk en woningmarkt-woordvoerder Nijboer pleitte voor het terugdraaien van de bezuinigingen op de huurtoeslag. Lammert van Raan van de Partij van de Dieren miste een oordeel over het dierenwelzijn in de MBW. De nieuwe graadmeter was in zijn ogen ‘te mensgericht’. Dus of het CBS in de MBW van volgend jaar misschien ook een indicator voor het welzijn van ‘andere soorten’ kan opnemen? CDA’er Evert-Jan Slootweg merkte daarna, met een schuin oog naar Van Raan, op dat ‘we moeten oppassen dat de MBW niet te veel indicatoren gaat bevatten, want dan wordt het zelfrijzend bakmeel.’ Slootweg vroeg Rutte en Hoekstra de MBW met ‘net wat meer serieusheid’ te behandelen. ‘Deze Monitor is een eerste foto, maar volgend jaar willen we toch iets meer terugkoppeling zien van het kabinet.’

Verwarring

Over één ding waren alle deelnemers aan het Verantwoordingsdebat het gisteren eens, Hoekstra en Rutte incluis: de koopkrachtontwikkeling viel in 2017 erg tegen. De koopkrachtplaatjes in de verantwoordingsstukken van het kabinet scheptennogal wat verwarring bij de Kamerleden. In het jaarverslag van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid lag een bommetje verstopt. Op pagina 162 presenteerde minister Koolmees vorige week een tabel met explosieve koopkrachtcijfers. Daaruit bleek dat de koopkracht van de meeste huishoudens er in economisch jubeljaar 2017 niet verbeterde, maar achteruit kachelde. Van de achttien voorbeeldhuishoudens zouden er dertien koopkracht hebben ingeleverd.

Twee verschillende tabellen

Het ministerie van Financiën stelde daar dinsdag een andere koopkrachttabel tegenover, waarin stond dat 63procent van de huishoudens vorig jaar wél meer te besteden had. ‘Hoe kan het kabinet twee zulke verschillende tabellen presenteren?’, wilde de Kamer weten. Welnu: in de sombere koopkrachttabel van minister Koolmees (Sociale Zaken) waren de koopkrachtverbeterende effecten van de kinderopvangtoeslag, de huurtoeslag en de hypotheekrenteaftrek niet meegenomen, legde minister Hoekstra uit.

Die koopkrachtstijging was door de bank genomen alleen wel veel lager dan het kabinet bij de presentatie van de Miljoenennota 2017 (in september 2016) had voorspeld, namelijk ‘slechts’ 0,3procent in plaats van de voorgespiegelde 1,0 procent. Bovendien had het kabinet in 2016 beloofd dat ‘iedereen’ er in 2017 op vooruit zou gaan.

Oorzaken van de koopkrachttegenvaller: de hoger dan geraamde inflatie en zorgpremies, zo legde Hoekstra gisteren in de Kamer uit. Factoren die het kabinet niet in de hand heeft, zei hij er meteen bij. Gaat het dit jaar dan wel lukken met de koopkrachtverbetering? De voortekenen zien er goed uit, was alles wat Hoekstra daarover durfde te zeggen.