Opinie

'Wellicht zit er toch een deal met Iran in'

Komt er oorlog met Iran? Een half jaar geleden zou ik hebben gezegd: 60 procent kans ja, 40 procent kans nee. Nu komt mijn kansberekening - ook wel genaamd Fingerspitzengefühl - uit op 60 procent nee, 40 procent ja. Geen fenomenale ommezwaai, wel een significante kentering, aldus Paul Brill.

De Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Ehud Barak. Beeld reuters

Je zou overigens ook dat laatste niet denken als je het interview met de Israëlische minister van Defensie Barak leest dat afgelopen woensdag in de Volkskrant stond. Niets in dat interview wijst erop dat de Israëlische regering zich minder zorgen maakt over het Iraanse nucleaire programma. Noch dat ze vertrouwen heeft in de nieuwe onderhandelingen tussen Iran en de P5+1 (de vijf leden van de VN-Veiligheidsraad plus Duitsland).

Verontrust
Maar zoals vaak in het Midden-Oosten, moet je hierbij incalculeren dat, om Martinus Nijhoff te parafraseren, er niet staat wat er staat. Natuurlijk blijft Israël zeer verontrust over de mogelijkheid van een Iraans kernwapen. Gezien het wereldbeeld en het machtsstreven van de holocaustontkenners in Teheran is er alle reden om een nucleair bewapend Iran te vrezen. Niettemin heeft Israël besloten de nieuwe onderhandelingsronde een kans te geven. Met nauwelijks verhulde tegenzin en zonder de militaire optie uit te sluiten - maar dat is ook bij uitstek de rol die de Israëli's in deze thriller spelen: in het touwtrekken met Teheran zijn zij de bad cops die er op willen slaan.

Tweede, recente indicatie dat een aanval niet op handen is: de datum voor de vervroegde verkiezingen in Israël. Die zijn op 4 september. Het is onwaarschijnlijk dat er vóór die tijd Israëlische bommenwerpers richting Iran vliegen. Weliswaar vond de Israëlische luchtaanval op de Iraakse kernreactor Osirak in 1981 plaats pal vóór verkiezingen, maar de toenmalige regering van premier Menachem Begin mocht ervan uitgaan dat een noemenswaardige vergeldingsactie zou uitblijven. Dat was inderdaad het geval (en Begin won vervolgens de verkiezingen, zij het nipt).

Maar een aanval op Iran zal beslist niet onbeantwoord blijven - de kans op een grootscheepse oorlog is aanzienlijk. Het zou de uitkomst van verkiezingen onvoorspelbaar maken. Anders dan Barak, wiens rol na de huidige regeerperiode lijkt uitgespeeld, is Netanyahu politicus genoeg om daarmee terdege rekening te houden. Formeren is in Israël een taai ongerief, zodat ook de mogelijkheid van een Israëlische actie tussen 4 september en de Amerikaanse presidentsverkiezingen (om president Obama voor het blok te zetten), beperkt is.

Second thoughts
Heeft men binnen de regering-Netanyahu second thoughts over de mate van urgentie van het Iraanse nucleaire gevaar? Uitlatingen van voormalige hoge figuren in het inlichtingenapparaat en vooral van stafchef Benny Gantz wijzen erop dat bepaald niet iedereen in de hoogste beleidskringen ervan overtuigd is dat een Iraanse kernmacht al aanstaande is (en dat een militaire operatie een resolute streep zal zetten door de nucleaire plannen). Anderzijds kun je redeneren dat de niet-politici hiermee naar buiten komen omdat ze kennelijk menen dat de politieke leiders op ramkoers liggen.

Maar dat afwachten voorlopig het parool is, ligt toch meer voor de hand. Niet eens zozeer omdat de eerste overlegronde redelijk positief is verlopen, maar vooral omdat Iran er duidelijk zwakker voorstaat dan bij eerdere onderhandelingen. De internationale sancties beginnen hun tol te eisen - het bewind heeft de grootste moeite om de economie draaiende te houden en het eigen financiële gewin veilig te stellen. Door de crisis in Syrië dreigt Teheran zijn belangrijkste steunpunt in de Arabische wereld te verliezen. Onder invloed van die crisis hecht Turkije weer wat meer waarde aan zijn relatie met het Westen, met name de Verenigde Staten, zodat Iran van die kant weinig diplomatieke hand- en spandiensten kan verwachten.

En dan is er nog het militaire potentieel dat de VS de afgelopen maanden in betrekkelijke stilte hebben opgebouwd in de Perzische Golf. De precieze omvang is niet bekend, maar vaststaat dat zich drie Amerikaanse vliegdekschepen in de regio bevinden, plus een Frans vliegdekschip. Verder zouden er 50- tot 100 duizend Amerikaanse militairen zijn gedirigeerd naar bases op de eilanden Socotra (Jemen) en Masirah (Oman).

Mond vol tanden
Naar mijn stellige overtuiging is dit een voorzorgsmaatregel: Obama wil in dit verkiezingsjaar niet met de mond vol tanden staan als linksom of rechtsom de Straat van Hormuz wordt afgesloten. Maar ziet Teheran dat ook zo? Hier zou het diepe Iraanse wantrouwen jegens de VS een voordeel kunnen zijn: het ligt voor de hand dat de militaire opbouw wordt opgevat als een dreiging die, net als in 2003, serieus moet worden genomen. In combinatie met het feit dat de Iraniërs menen zelf ook over een stok achter de deur te beschikken (hun voorraad verrijkt uranium), maakt dat de kans op een deal groter dan in het verleden.

Het is een scenario dat ook Netanyahu zou moeten bevallen.

Paul Brill is buitenlandcommentator van de Volkskrant

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden