VERDIEPING

Welkom in Refugee Republic

Wonen, werken en leven in een noodoplossing

Ze komen allemaal berooid aan bij de poorten van het kamp. Ze krijgen allemaal hetzelfde basishulppakket en ze denken allemaal weer snel weg te zijn. Maar de meesten blijven. Weken, maanden, jaren. Hier bouwen ze een leven op, in een stad met eigen wetten en regels.

Beeld Jan Rothuizen

In het vluchtelingenkamp Domiz in Noord-Irak wonen bijna 60 duizend Syrische Koerden die de oorlog in Syrië zijn ontvlucht. Velen van hen hebben werk gevonden, zijn druk met het verbeteren van hun tentwoningen, hebben mobiel internet en maken gebruik van een semi-geprivatiseerd openbaarvervoersysteem om naar de drogist of uit eten te gaan. Afgelopen lente gaven tachtig stellen elkaar het ja-woord, op één dag.

Volgens de UNHCR zijn er voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog wereldwijd meer dan 50 miljoen vluchtelingen. Velen van hen verblijven in honderden vluchtelingenkampen ergens op de wereld. Hoewel ingericht als tijdelijke noodoplossing, wonen ze hier vaak jaren.

Kampen als Domiz groeien in hoog tempo uit tot steden met vluchtelingen als burgers, en hulporganisaties en lokale machten als overheid. De vluchtelingburgers navigeren tussen de kansen en risico's van de vrijemarkteconomie in het kamp en de meestal behulpzame, maar ook weer bemoeizuchtige kampoverheid.

Je zou vluchtelingenkampen kunnen zien als kleine verzorgingsstaatjes in gebieden waar de voorzieningen doorgaans schraal of afwezig zijn. Dat roept veel vragen op. Is er een kampdemocratie of eerder een humanitaire dictatuur? En hoe zit het met economische vrijheden: mensen krijgen voedselbonnen, maar wordt er ook belasting betaald? Hoe is de naschoolse opvang geregeld? Hoe kijken omwonenden naar een kamp - misschien verlangen ze wel naar een vluchtelingenstatus, of kijken ze juist op de vluchtelingen neer?

Multimedia

Dit artikel is een voorproefje van de interactieve documentaire die in zijn geheel te zien is op: volkskrant.nl/refugee-republic.

Anatomische schets

Refugee Republic is een interactieve documentaire op internet die je meeneemt naar de wereld achter de posters van hulporganisaties. Fotograaf Dirk-Jan Visser, kunstenaar Jan Rothuizen en multimediajournalist Martijn van Tol bezochten het vluchtelingenkamp Domiz in Noord-Irak en maakten een anatomische schets van het dagelijks leven.

Via een interactieve kaart verken je zelf het kamp, en word je tijdens een van de vier uitgezette wandelingen ondergedompeld in tekening, fotografie, video, tekst en geluid.

Tijdens de wandelingen kom je inwoners tegen zoals dichter Alan (26), die in het Singles Quarter woont en met een tent vol vrienden de voetbalwedstrijd Bayern München-Chelsea kijkt. Je haalt een broodje bij de kantoorman Shareef Sulaiman (47), die in het kamp een bakkerij begon. En je loopt de kans in het Nederlands te worden aangesproken door een 29-jarige man die in Arnhem woont en op vakantie ging naar het kamp, waar hij en passant trouwde en nu niet meer weg kan. Je ontmoet ook veel jongeren zoals Ahmad Ramadan (13), die spijbelt van de vluchtelingenschool omdat hij een vogelwinkeltje is begonnen en je hoort de zuivere klanken van Fatma Gül (16), die hoopt door te breken als zangeres op YouTube.

Feiten & cijfers

Kamp Domiz is een stad.

3.027.317 Syriërs staan geregistreerd bij de VN-vluchtelingenorganisatie.

223.923 daarvan worden opgevangen in kampen in Irak.

57.953 Syrische Koerden staan geregistreerd in het Domiz kamp.

Het kamp is verdeeld in twaalf wijken. Aan tien hoofdstraten en 99 zijstraten staan twee ziekenhuizen en zeven scholen. Vier families doen samen met een douche en een toilet. Per dag maken gemiddeld 324 personen gebruik van de faciliteiten voor de primaire gezondheidszorg en worden er 2,6 kinderen geboren.

Beeld Jan Rothuizen
Beeld Jan Rothuizen

De spijbelaar: Ahmad zit liever tussen de vogels dan in de schoolbanken

Ahmad Ramadan (13) kun je niet missen. Hij staat met zijn vogelstalletje strategisch gepositioneerd langs de hoofdweg van het kamp, Barzan Street. Hij verkoopt drie tot vier vogeltjes per dag à 7.500 Iraakse dinar (bijna 5 euro) per stuk. Zijn favoriete vogel is het puttertje, omdat die het mooist zingt. Zijn vader komt zo nu en dan even kijken.

Ahmad woonde met zijn familie in een schuur op een boerderij in Syrië. Zijn vader verzorgde de kippen voor de boer en als hobby hield hij vogeltjes. Ahmad bracht zijn jeugd door tussen de appel- en perenbomen op het erf, waar hij zijn vader hielp met de kippen. Bij het uitbreken van de oorlog, was hij 11 jaar; hij was nog maar een paar maanden naar school geweest. Toen de oorlog voortduurde, kon de boer Ahmads vader niet meer betalen. Het gezin vluchtte, via de bergen in het noorden van Syrië, naar Irak. In kamp Domiz kregen ze een plek toegewezen en een grote doos met daarin een tent en huisgerei. Om geld bij te verdienen, verkochten Ahmad en zijn vader flesjes water en sigaretten aan andere kampbewoners. Nadat Ahmads vader door zijn rug was gegaan, besloot hij een vogelstalletje te beginnen. Koerden zijn gek op vogels. Ahmad regelt de dagelijkse verkoop.

Als Ahmad zijn ogen dichtdoet, is hij terug in Syrië en hoort hij de kippen, de patrijzen en het geblaf van de boerderijhond. Geregeld komt een medewerker van de hulporganisaties vragen waarom hij niet naar school komt. Ahmed antwoordt dan dat hij de enige is die zijn vader kan helpen met de vogels. Hij vindt het werk niet leuk, hij moet vroeg op en krijgt weinig geld. Toch verkoopt hij liever vogeltjes dan dat hij naar school gaat. Ahmad droomt van een echte vogelwinkel, van steen, in een echte winkelstraat.

Beeld Jan Rothuizen
Ahmad (13) Ramadan (tweede van rechts) tussen de vogelkooitjes. Beeld Dirk-Jan Visser
Ahmad Ramadan (rechts) tussen de vogelkooitjes. Beeld Dirk-Jan Visser
Twee vogeltjes van Ahmad (13). Beeld Dirk-Jan Visser
Ahmad (13) tussen de vogelkooitjes. Beeld Dirk-Jan Visser

De besnijdenisman: armen rekent Shixmous niets, rijken zo'n 13 euro

Shixmous Kalil (60) heeft alleen de basisschool afgerond, maar in dertig jaar tijd 'veel ervaring' opgedaan. Hij heeft de afgelopen twee jaar in kamp Domiz honderden jongetjes besneden. Deze vrijdag heeft hij tien besnijdenissen gepland.

Lazgin is vier maanden oud. Nadat Shixmous' mes in zijn piemeltje is gegaan, schreeuwt hij het uit. Arme mensen rekent Shixmous niets, rijke mensen rond de 13 euro. Van de familie van Lazgin krijgt hij een grote hand snoep. Het afgesneden stukje huid begraaft hij in de aarde tussen de tenten.

Veel mensen in het kamp kennen Shixmous. Zo was hij te gast op de bruiloft van Ahmet Pashew (29, niet zijn echte naam). Ahmet woont in Arnhem en besloot 'op vakantie' te gaan bij zijn familie in kamp Domiz. Hij was dertien jaar geleden Koerdistan ontvlucht en had in Nederland succesvol asiel aangevraagd. Zijn familie had een plan: een bruid vinden voor Ahmet. Vijf maanden moest hij wachten op zijn bruid. De meeste meisjes uit het kamp vond hij 'te onbekend' of 'niet mooi genoeg'. Dus liet de familie een nichtje overkomen uit Syrië. De ochtend van de bruiloft ging zijn aanstaande naar de bruidswinkel om een jurk uit te zoeken, daarna naar de make-upwinkel en de schoonheidssalon. Allemaal in het kamp. Ahmet huurde intussen een grote jeep om zijn bruid op te halen.

Ahmet wil zijn vrouw, die inmiddels zwanger is, meenemen naar Nederland en daar een kapperszaak openen. Maar op basis van zijn verblijfsvergunning alleen mag dat niet. Inmiddels is zijn uitkering stopgezet en wordt hij gebeld door de Nederlandse politie, die wil controleren of hij geen jihadist is geworden. Ahmet denkt erover geld te lenen van zijn zwager om haar via Bulgarije naar Nederland te smokkelen.

Lazgin is vier maanden oud, hij is het 3e kind van de het gezin en wordt door Shixmous Kalil (60) besneden. Beeld Dirk-Jan Visser
Shixmous Kalil bij baby'tje Lazgin. Beeld Dirk-Jan Visser
Baby Lazgin met zijn moeder. Beeld Dirk-Jan Visser

De dichter: de regenboog is geen wonder, leert Alan zijn klas

Er zijn zeven scholen in het kamp, lagere en middelbare. De westerse hulporganisaties werken graag met lokale krachten, en zo werden jonge mannen en vrouwen uit het kamp leraar op de vluchtelingenschool. Veel kampbewoners komen van het Syrische platteland, maar leraar Alan (26) komt uit Damascus. Hij is dichter en schrijver. Vandaag heeft hij de scholieren geleerd dat de regenboog geen wonder is, maar het resultaat van de breking en weerkaatsing van zonlicht in waterdruppels. De school waar Alan werkt, heeft achttien lokalen. De leraren verdienen 600 dollar (480 euro) per maand. 400 van de Iraakse overheid, 200 van de UNHCR. In de lerarenkamer wordt iemand heel erg boos, want ze hebben al vier maanden geen salaris gehad.

Scholiere Fatma Gül (16) zit bij Alan in de klas. Fatma heeft haar schooluniform zo aangepast dat ze er modieus uitziet, ook draagt ze make-up. Op weg naar huis zal ze die make-up verwijderen. Ze wil heel graag weg zegt ze, naar Europa. Ze heeft gezongen in drie muziekvideo's op YouTube.

Alan woont in het Singles Quarter, een wijk voor alleenstaande jonge mannen. Er zijn geen zelfstandig wonende single vrouwen in het kamp, jonge vrouwen leven als dochters of nichtjes bij familie. Met vier andere sing­les deelt Alan een tent, met zeven anderen deelt hij keuken en badkamer. Vanavond heeft hij vrienden uitgenodigd om de voetbalwedstrijd Bayern München-Chelsea te kijken. Veel single jongeren gaan er wel­eens op uit naar de dichtsbijzijnde Iraakse stad Duhok, maar Alan heeft het gevoel dat de lokale bevolking op de vluchtelingen neerkijkt. 'Mensen in de stad herkennen ons aan de modder op onze broekspijpen.' Alan is inmiddels weer terug in Syrië.

Alan (26) geeft les. Beeld Dirk-Jan Visser
Alan (26) tussen de tenten in het vluchtelingenkamp. Beeld Dirk-Jan Visser
Alans schoenen en die van zijn vrienden. Beeld Dirk-Jan Visser
Fatma heeft haar school-uniform zo aangepast dat ze er modieus uitziet. Op weg naar huis zal ze haar make-up verwijderen. Beeld Dirk-Jan Visser

De doe-het-zelver: wie een uitbouw wil, gaat langs bij de bouwmarkt van Firas

Firas (56) verdient goed geld als handelaar In Syrië tot de oorlog uitbreekt. Hij meldt zich als vrijwilliger bij de peshmerga, de Koerdische strijdkrachten, maar na twee weken trainingskamp wordt hij te oud bevonden voor de strijd. Hij wisselt zijn geld in voor goud en reist naar Irak. In kamp Domiz zet hij zijn tent op tussen die van andere vluchtelingen.

De oorlog verhevigt en er ontstaat een tekort aan tenten. Firas ziet dat er soms twee of drie families in een tent moeten wonen. Hij laat een grote vrachtwagen komen met houten latten en zeil. In een mum van tijd verkoopt hij alles en beginnen mensen hun tentwoningen te verbouwen.

Firas begint een bouwmarktje, maar wordt al snel het kamp uitgezet. Volgens hem omdat de hulporganisaties zijn succes schadelijk vinden voor hun reputatie. Zij konden de vraag naar behuizing immers niet aan.

Firas heropent zijn bouwmarkt op het niemandsland vlak bij de ingang van het kamp. Met een vrachtwagen rijdt hij spullen het kamp in. Inmiddels kopen mensen ook stenen en cement bij hem, bijvoorbeeld om een kamertje aan te bouwen. Soms geeft de kamporganisatie toestemming voor een uitbreiding van de tentwoning, soms niet.

Er hangt iets van een aftroefsfeer in het kamp: iemand legt een tuintje aan, de buurman plaatst een stalen deur ­- met deurbel - en verderop staat naast een hutje een auto geparkeerd onder een overspanning. Een man metselt een woning voor zijn buurvrouw. Zij kwam drie maanden geleden aan en heeft besloten de 'tentfase' over te slaan. Tot het huisje klaar is, huurt ze een appartement in de stad.

Refugee Republic, a Submarine Channel Production

Firas (56) tussen de bouwmaterialen in zijn winkel net buiten het kamp. Beeld Dirk-Jan Visser
Firas (56) tussen de bouwmaterialen in zijn winkel net buiten het kamp. Beeld Dirk-Jan Visser
Een werknemer van Firas. Beeld Dirk-Jan Visser
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.