Weg van Bali

Het wordt te druk op Bali. Nieuwe luchthavens moeten toeristen naar andere eilanden lokken. Die zijn exotischer, maar op de markt moet je wel een sterke maag hebben.

Beeld Noël van Bemmel

Het is zo'n dagdroom tijdens een maandagvergadering op kantoor: je loopt door een regenwoud richting het geluid van vallend water. Er dringt steeds meer zonlicht tussen reuzenbladeren en palmtakken door. Plots opent het woud zich en zie je een glimmende rotswand met een waterval. Je werpt al lopend kledingstukken links en rechts in de bosjes en springt joelend in de bruisende poel aan de voet van de waterval.

Niets bijzonders, in Noord-Sulawesi. Dobber op je rug onder de Tunan-waterval en zie hoe het water dertig meter hoger over de rand valt. Links en rechts van de rotswand steken reusachtige vijgenbomen, varens en palmen donker af tegen de blauwe lucht. Groen op groen, onderbroken door inktzwarte schaduwen. Tussen opdwarrelende mistflarden vliegen witte vlinders zo groot als zwaluwen. Ze fladderen hoger en hoger en verdwijnen over de rand.

Snelste route

Singapore Airlines biedt vijf keer per week de snelste route. Via Singapore naar Manado (850 euro) en Lombok (786 euro). Boeken tot 31 januari 2013 (singaporeair.com).

KLM vliegt via Singapore op Bali voor 995 euro, maar niet op Sulawesi of Lombok (klm.com).

Garuda vliegt naar Manado voor 754 euro en naar Lombok voor 670 euro. Wel met tussenlandingen op Abu Dhabi en Jakarta. Daar staat tegenover dat Garuda aansluitend 50 procent korting geeft op binnenlandse vluchten (garuda-indonesia.nl).

toerisme-indonesie.nl

Dit soort plekken moet reizigers naar Indonesië weglokken van vakantie-eiland Bali. Werklieden bouwen nog aan een parkeerplaats en een toiletgebouw. De Tunan-waterval is sinds vorig jaar bereikbaar gemaakt voor toeristen. Naar schatting de helft van de acht miljoen buitenlandse toeristen die jaarlijks Indonesië bezoeken, kiest voor Bali met zijn prettig-tolerante en zeer zichtbare hindoeïstische cultuur. De overige vier miljoen bestaat vooral uit Singaporezen en Maleisiërs die vakantie-eilanden voor hun deur bezoeken. Vaak om daar illegaal te werken. Ook Indonesische toeristen kiezen voor Bali.

'Daar is niet veel ruimte meer', zegt Yoga Andika Satria die tijdens een persreis de plannen van het ministerie van Toerisme toelicht. Het Balinese verbod op hoogbouw heeft volgens hem het nadeel dat hotels en winkelcentra schaarse landbouwgrond opslokken. 'De grote drukte leidt ook tot verkeers- en vuilnisproblemen.'

Beeld Noël van Bemmel

Nieuwe luchthaven

Een nieuwe internationale luchthaven op Noord-Bali moet de druk vanaf volgend jaar beter verdelen. Maar Jakarta wil vooral dat toeristen andere eilanden bezoeken. Satria: 'We moeten voorkomen dat buitenlanders uitgekeken raken op Indonesië, omdat ze al drie keer op Bali zijn geweest.'

Op dus naar de bergen bij Manado. Door de overheid uitverkoren tot toeristisch speerpunt, omdat hier veel te beleven is in een relatief klein gebied. Wat ook meespeelt: Noord-Sulawesi is christelijk, dus minder eng voor Europeanen. De inwoners behoorden tot de trouwste partners van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) en noemen hun eiland glimlachend de twaalfde provincie van Nederland (de laatste herindeling hebben ze gemist).

Scooter

Voor 5 euro per dag huur je een scooter in Indonesië. Dat doen veel toeristen, maar die weten niet dat je daar een internationaal motorrijbewijs voor nodig hebt. De Indische scooter telt minstens 110 cc en haalt 120 kilometer per uur. Wie een ongeluk maakt, wat niet ondenkbaar is, blijkt niet verzekerd. Je kunt een tijdelijk rijbewijs voor bezoekers halen bij de politie, maar dat kost een paar dagen en veel ergernis over bureaucratische rompslomp. Het is verstandiger een taxi of een busje te pakken.

Sinterklaas

Op 5 december rijdt Sinterklaas er door de Jalan Sudirman, niet op een schimmel, maar op een witte pick-uptruck. In de kerk van Manado zingt dominee Frank Sumerah op verzoek een sentimenteel Hollands liedje ('Sonja, lieve Sonja') terwijl zijn kleindochter rolschaatst door het middenpad.

Hier kun je wandelen door het regenwoud van Tangkoko Nationaal Park, waar gidsen palmbladeren op de grond leggen bij een slaapboom van het spookdiertje. Ga zitten en wacht tot deze knuffelige nachtdiertjes met grote ogen uit hun hol kruipen. Hier kun je lunchen bij dampende vulkaanmeren, oeroude graven bezoeken van uitgestorven beschavingen en duiken langs de wereldvermaarde koraalwanden van het eiland Bunaken. En vooral: je kunt er rare dingen eten.

Plasjes bloed

'Wij staan bekend om onze extreme keuken', vertelt een trotse gids. 'We eten alles met vier poten, behalve tafels en stoelen!' Hij gaat voor op de pasar van Tomohon, een bloemrijk stadje aan de voet van een vulkaan. We zigzaggen langs hopen marktafval, eettentjes, fruitverkopers en springen over greppels met vuil water. Plasjes bloed op de grond markeren het hart van de markt: de vleesverkopers. Op stenen tafels liggen rijen varkenskoppen, ribbenkasten, kippenpoten, maar ook verschroeide katten, geblakerde vleermuizen en opengesneden pythons.

In een kleine kooi wachten tien honden op kopers. Drie dollar per kilo. Je moet een sterke maag hebben om te blijven kijken, als een klant een angstig hondje uitzoekt en de slager zijn knuppel heft. Bloed spuit uit de neusgaten. De gasbrander doet het dier kromtrekken in een groteske houding, waarna het beest in stukken wordt gehakt met ingewanden en al. De gids: 'Ja, ik weet dat de hond bij jullie je beste vriend is. Maar wij eten alleen slumdogs, hoor, geen Duitse herders of labradors. Die zijn veel te duur.'

Als we bleekjes teruglopen naar de parkeerplaats, barst de naastgelegen vulkaan uit. Kilometershoog spuwt de Lokon as en rook omhoog. We gaan snel op zoek naar een apotek voor mondkapjes. Noord-Sulawesi is, kortom, een ruige plek. Met rare beesten in het regenwoud en een extreme menukaart. Maar ook met allervriendelijkste bewoners. Zelfs in het heetst van een politieke rally voor drs Jantje (lijst 2), draaien activisten zich om en lachen ons hartelijk toe. We zijn vandaag de enige buitenlanders in de buurt, en meer dan welkom.

Beeld Noël van Bemmel

Houten paalwoningen

Een tweede eiland dat volgens Jakarta meer bezoekers verdient, is Lombok. Dat doet al dienst als overloopgebied van het naastgelegen Bali. Veel vakantiegangers nemen de veerboot naar Lembar en rijden noordwaarts naar de strandresorts van Senggigi en de noordelijke Gili-eilanden.

Vooral Gili Trawangan groeide uit tot feesteiland, met een directe speedbootverbinding naar Bali. Sinds de opening van een internationale luchthaven kun je ook direct op Lombok vliegen via Singapore. Niet toevallig wordt vooral geïnvesteerd in de westkust van Lombok. Daar is de hindoeïstische invloed van Bali sterk, daar reageren ze, zo is de verwachting, toleranter op bikini's dan in het islamitische oosten.

Ga snel, en rij liever zuidwaarts op Lombok. Daar liggen nog twaalf Gili's die voornamelijk onbewoond zijn. De gewone ontwikkeling - bamboehutje, homestay, drie- sterrenhotel, vijfsterrenresort - slaan ze hier over. Komende jaren verrijzen meteen luxueuze resorts.

Rij nu nog langs vissersdorpen en kies een uitvalsbasis op het vaste land zoals Bola Bola Paradise (30 euro per nacht) of het smaakvolle Cocotinos Boutique Beach Resort (130 euro). Op Gili Nanggu staan houten paalwoningen voor 20 euro per nacht (douche en wc bij het restaurant) en op Gili Gede kun je al terecht voor nog minder.

Noord-Sulawesi

Rij via de Tunan-waterval naar Tangkoko National Park. Blijf daar een nacht, zodat je 's avonds op zoek kunt naar spookdiertjes en 's ochtends naar makaken. Tangkoko Dove Villas is een fijne bushlodge (28 euro p.n.). Denk na voordat je de markt in Tomohon bezoekt: zo'n hondenslachting vergeet je niet snel. Op Bunaken zijn niet-duikers gauw uitgekeken. Het Bastianos Diving Resort staat vooraan en vraagt 55 euro per nacht. Veel restaurants verhuren ook kamers, zoals Nelson Cottage dat 30 euro vraagt.

'Het andere Kuta'

Op Zuid-Lombok ligt ook 'het andere Kuta'. Zo moet de naamgenoot op Bali ook begonnen zijn: brede stranden met bamboe eettentjes en een flinke branding die surfers lokt. Hier nog geen kilome- terslange muur om zonaanbidders te verstoppen, geen files en geen winkelcentra met Billabong-surfkleding en karaokebars. En vooral: geen Aussie schoolies, dronken Australische tieners die het einde van hun schooltijd vieren.

Wie hier op zijn scooter met surfplankbeugel stapt, rijdt al langs de G'Day Inn, Shally's Laundry en een enorm Novotel-resort, de eerste van vele die gepland staan. De eettentjes en homestays op het strand moeten dit jaar verhuizen van de overheid, maar dat is geen verslechtering.

Overval

Minder aangenaam is de kans te worden overvallen op de kustweg. 'Een vriend moest laatst nog zijn scooter en tas inleveren', zegt een surfmeisje uit Tsjechië. Dergelijke incidenten baren de plaatselijke ondernemers zorgen. 'We hebben er vanochtend nog over vergaderd', zegt surfleraar Bobby Lukman. Hij waxt een surfplank voor de deur van zijn surfshop. 'We gaan een eigen veiligheidsorganisatie opzetten om de naam van Kuta te beschermen.'

Je merkt ook dat je niet op Bali bent als je een vrouw passeert met een gezichtsbedekkende niqaab. 'Een vrouw maakte een gebaar dat ik mijn hoofd moest bedekken', zegt Charelle Oudeman uit Heerhugowaard wat ontdaan. De 21-jarige hbo-student volgt een deel van haar toerismestudie in Denpasar. 'Nee, dat vond ik niet zo leuk.' Maar verder is ze heel enthousiast over Lombok: geen files, geen smog, geen massatoerisme.

Eén ding hebben alle Indonesische eilanden gemeen: je struikelt er over het zwerfvuil. Vooral in de winter, als de rivieren zwellen door het regenseizoen en alle rotzooi in zee belandt. Vaar naar het wereldberoemde rif van Bunaken en overal zie je slippers, flessen en lege zakken chips ronddrijven.

Beeld Noël van Bemmel

Dagdroom

Ambtenaar Satria van het ministerie van Toerisme: 'Ja, daar klagen wij ook over bij andere ministeries. Maar euh, ze luisteren niet. Misschien helpt het, als u dit duidelijk opschrijft in de krant.' Bij deze.

Ook op Lombok komt een dagdroom binnen handbereik. Charter een bootje bij manager Iwan Sitompul van Cocotinos en laat je met wat eten en drinken afzetten op het onbewoonde Gili Poh. Maak een kampvuur op het strand, slaap onder de sterren en waan je alleen op de wereld.

Voor de minder avontuurlijken: een Sasak-massage in Iwans spa is ook fijn; krachtige vingers rollen huidplooien op en neer, terwijl je luistert naar de branding, twintig meter verderop.

Kan ook op Bali, maar hier is het veel relaxter.

Lombok

Neem wandelschoenen mee en begin met een twee- of driedaagse trektocht naar het kratermeer van de vulkaan Rinjani (3.726 meter). Iemand anders draagt je tent naar de warmwaterwaterval. Vermijd Senggigi en de noordelijke Gili's. Neem liever surfles in Kuta (Mandaline Homestay is aardig), maar verlies je spullen daar niet uit het oog.

Blaas uit in het rustige Cocotinos Boutique Beach Resort in de verlaten zuidwesthoek van het eiland. Nieuwe, smaakvolle villa's met binnen- en buitendouche, koraaltuin om te snorkelen, ambitieus restaurant met huisgemaakte jams en cappuccino uit een Italiaanse machine. Goedkoop alternatief: op 5 minuten varen ligt Gili Nanggu waar spartaanse hutjes te huur zijn (een lampje, ventilator, geen zoet water).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden