Weg naar dienstbaar bankwezen is lang

Ruim een jaar geleden stuurde een aantal leden van het Sustainable Finance Lab, onder wie ikzelf, een brief naar de woordvoerders Financiën van de Tweede Kamer. We bepleitten daarin de instelling van een commissie die zou onderzoeken welke structurele aanpassingen nodig zijn in de Nederlandse bankensector. Andere landen met een grote bankensector, als het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland, hadden al eigenstandig maatregelen aangekondigd. De Nederlandse minister van Financiën had nationale maatregelen steeds afgewezen.


Vorige week verscheen het rapport Naar een dienstbaar en stabiel bankwezen van een commissie onder leiding van Herman Wijffels, als voorzitter van het Sustainable Finance Lab destijds medeondertekenaar van de brief. Het rapport toont dat het nog een lange weg is naar een dienstbaar en stabiel bankwezen. De commissie legt, net als kortgeleden de SER, de vinger op de zere plek die de te grote financiële sector voor Nederland is. In goede tijden rekenen we ons te rijk, nu het wereldwijd tegenzit gaan we des te harder onderuit.


Vooral de hypotheekschuld is de laatste twintig jaar enorm toegenomen. Banken beconcurreerden elkaar met steeds hogere hypotheken, tot 120 procent van de woningwaarde aan toe. Wijffels cum suis bepleiten een maximum aan de hypotheek van 80 procent van de waarde van het huis. Ruwweg het percentage dat gebruikelijk was toen Herman Wijffels in 1981 begon met bankieren, en dat nog steeds is in Duitsland en veel andere Europese landen.


Overigens vroeg De Nederlandsche Bank in 2000, halverwege onze huizenboom, al om een dergelijk maximum. Toenmalig minister van Financiën Zalm wilde echter niets weten van een beperking van de hypotheekwedloop. Het was volgens de liberaal 'niet aan de overheid' om 'de keuze van de consument en de geldverstrekker te bepalen'. Dat vertrouwen in de zegenende werking van de markt zullen jonge huizenkopers hem nu niet in dank afnemen. Doordat de huizenprijzen met zo'n kwart zijn gedaald, hebben velen een hypotheekschuld die veel hoger is dan de waarde van het huis. Een restschuld van tienduizenden euro's als wrang welkomstgeschenk voor een nieuwe generatie.


Wijffels neemt nog een icoon van het al te naïeve marktgeloof op de korrel. De gedachte dat banken zelf het best de risico's kunnen bepalen van hun leningen, en daarmee de hoeveelheid eigen vermogen die ze nodig hebben om verliezen op te vangen. Deze vrijheid kregen ze begin jaren negentig. Wat volgde was een gestage afname van de gemiddelde risicoinschatting door banken van hun snel in omvang toenemende bezittingen. Dit terwijl we nu weten dat in deze tijd de risico's juist tot ongekende hoogte groeiden. Zo zijn Nederlandse hypotheken van oudsher relatief veilig. Maar dat was voordat buitenlandse beleggers via onze staatsgegarandeerde banken de prijzen tot onhoudbare hoogten opstuwden.


De commissie-Wijffels constateert nu, met het gevoel voor understatement dat een dergelijke brede commisie eigen is, dat de eigen risicomodellen van banken mogelijk 'een misleidend beeld' geven. De aanbeveling is om weer een simpele maat in te voeren: de totale bezittingen, zonder risicoweging. Het percentage eigen vermogen dat banken moeten aanhouden, zou daarbij hoger moeten zijn dan de nu voorgestelde 3 procent. Commissielid Arnoud Boot pleitte eerder voor 15 procent.


De grote winst van het rapport-Wijffels is dat het idee van een zelfregulerende markt voor bancaire dienstverlening definitief op de mestvaalt van de geschiedenis belandt. Probleem is dat de richting weliswaar helder is, soms ook het eindpunt, maar dat de weg daarnaartoe dat niet is. Met een wankelende economie is er nu even geen behoefte aan maatregelen die de huizenprijzen en kredietverlening verder onder druk zetten.


De werkgeversorganisaties constateerden terecht dat het in Nederland ontbreekt aan 'een plan' om de buffers van banken te versterken. Wijffels roept op tot een snelle herkapitalisatie van het Europese bankwezen, maar het is onduidelijk waar het benodigde geld vandaan moet komen. Duizenden Nederlanders verkeren in acute problemen door de combinatie van dalende huizenprijzen en werkloosheid of scheiding. Een grote groep jonge huizenbezitters is op financiële achterstand gezet. Zij snakken naar financiële verlichting.


Aan minister Dijsselbloem de taak om na de zomer ook die weg uit te tekenen. Dat is namelijk de enige weg naar herstel voor de Nederlandse economie, en daarmee naar een werkelijk dienstbaar en stabiel bankwezen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden