Weer even accent op Latijns-Amerika

Dat de belangstelling voor Latijns-Amerikaanse literatuur in Nederland tanende is, zoals nu al een aantal jaren wordt beweerd, valt niet op te maken uit het laatste nummer van De Gids....

Dat is niet zo, weten ingewijden, en je vraagt je dan ook af wat de beweegreden van de Gids-redactie geweest kan zijn om Maarten van Delden, assistant professor Spaans en Vergelijkende Literatuurwetenschap aan New York University, uitgebreid aan het woord te laten over Cortázars Rayuela en het Latijns-Amerikaanse kosmopolitisme en Maarten Steenmeijer over Mario Vargas Llosa als politiek schrijver.

De Gids is een uitgave van Meulenhoff, een bedrijf dat vroegtijdig een aantal groten van het Amerikaanse subcontinent in zijn fonds opnam. Binnenkort verschijnt daar de nieuwe roman van Llosa, De geesten van de Andes, waarvan een paar bladzijden in De Gids worden afgedrukt. Dit fragment en de beschouwing van Maarten Steenmeijer - die laat zien hoe Llosa zich in zijn werk meer en meer van zijn politieke engagement heeft ontdaan - zijn, denk ik, twee manieren om de lezer alvast een beetje warm te maken voor De geesten van de Andes.

Hetzelfde geldt voor Cortázar. Van hem verschijnen in april de Verzamelde verhalen. De beschouwing van Van Delden over Cortázars meesterwerk Rayuela: een hinkelspel - in 1973 door Barber van de Pol vertaald - is interessant genoeg voor de lezer die meer inzicht wil krijgen in de wijze waarop Cortázar zich verhield tot de Europese literatuur, maar misschien was een verhandeling over de verhalen - uit een oogpunt van gerichte voorpubliciteit -nòg beter geweest. Het is me ook niet duidelijk waarom, in de vertaling van Maarten Steenmeijer, een drietal verhalen van de andere genoemde Latijns-Amerikaanse auteurs is opgenomen, tenzij men uit een vaag soort opportunisme dit van buiten aangedragen aanbod maar heeft geaccepteerd.

Uit de koker van de redactie zelf moet het idee gekomen zijn om de rest van het nummer te vullen met wat men lief en poëtisch 'dingetjes' heeft genoemd, een reeks gedichten van Anneke Brassinga met illustraties van Peter Yvon de Vries, tekeningetjes en tekstjes van de Duitse kunstenaar Ulrich Meister - ingeleid door Stefan Hertmans -, een stripje van Tonnus Oosterhoff en een 'poëtisch woordenboek' van Ad Beenackers met versjes als 'Emancipatie': Toen ze het bos inging,/ sloeg ze mij tot wolf,/ zodat de boswachter/ haar moest beschermen.

Frans W. Saris, fysicus en Gids-redacteur, legt prof. dr P. Vinken, bestuursvoorzitter van REED-Elsevier, zijn voor alle partijen lucratieve Science Lease-plan uit en de angliste Christel van Boheemen, die ook zitting heeft in de Gids-redactie, verbaast zich erover dat Paul Claes en Mon Nys voor de Ierse klanken in Joyce's Ulysses het Vlaams geschikter achtten dan het standaard-Nederlands. Zij besluit haar duistere stukje met de woorden: 'Wat mij betreft is de verdienste van de vertaling van Nys en Claes dat zij, zonder dat zij dat zelf onderschrijven, het onmogelijk maken om nog langer bij het horen van standaard-Nederlands aan noord-Nederlands te denken. Ook zuid-Nederlands, hoewel anders, is standaard-Nederlands. Vive la différance.' (Met welk woord ze waarschijnlijk het Franse différence bedoelt, wat verschil betekent).

Hoe moeilijk het is een goed tijdschrift te maken, bewijst niet alleen De Gids. Nog meer tobt De Revisor met dat probleem sinds daar een nieuwe redactie is aangetreden. Het laatste (dubbel)nummer is helemaal aan de poëzie gewijd en dat levert - heel gemakkelijk, als je de goede dichters kiest - een liberale hoeveelheid verzen op, van Maria van Daalen, van Dirk van Bastelaere, van Elma van Haren, van Elly de Waard, van Arjen Duinker en nog vele anderen, die ik niet allemaal zal noemen.

Zo'n bloemlezing kan, voor een lezer die niet al deze dichters kent noch àl hun bundels koopt en die iets bepaalds duidelijk gemaakt wil zien over de poëzie, de moeite waard zijn.

Maar is zij dat ook? Afgaande op de beschouwingen die de redacteuren Jacob Groot, Maria van Daalen - die er overigens per 1 januari mee opgehouden blijkt te zijn - en Kees 't Hart aan de poëzie hebben toegevoegd, moet die vraag ontkennend beantwoord worden. Jacob Groot schrijft over Gorter en Faverey - een combinatie die je ook bij Maria van Daalen aantreft - en Kees 't Hart breekt een lans voor het dichterschap. 'Poëzie dreigt op het ogenblik alleen nog levensbegeleiding te zijn', constateert hij somber, waarop hij wat later, geïnspireerd door Robert Graves en zijn The White Goddess als hij is, laat volgen: 'ik wil poëzie verdedigen, ik wil dichter zijn, geen hulpverlener, geen dominee, geen lezer.' Alleen Jan Kuyper snijdt iets aan dat in dit nummer past: de mogelijkheid of onmogelijkheid van de dichter om de poëzie nog te vernieuwen.

Optima deed, zonder pretenties, maar ook wat mat en zonder risico, een gewoon nummer het licht zien, dat begint met een lang en niet helemaal grijpbaar stuk van Atte Jongstra - die afscheid genomen heeft als redacteur en uitgeluid wordt door Henk Pröpper - over een bezoek aan IJsland, het lezen van Njàls saga, zijn zomerhuis in Zweden en het verband tussen Multatuli's Millioenenstudiën en Njáls saga (?).

Vreemd, maar geestig ingewikkeld is het verhaal dat Nanne Tepper vertelt in 'Een late Kandinsky, een vroege Monet'. Paul Beers zorgde voor een verhaal uit de laatste in Frankrijk verschenen bundel van de Poolse schrijver Marian Pankowski, wiens houding ten opzichte van zijn vrouwelijke personages Beers niet helemaal lekker zit. En Michaël Zeeman ('Zo dartel is geen noorderling. Mijn trein/ rijdt naar een kille zee. De klei/ die aan mijn schoenen plakt wordt korst,/ geen stof, wij drinken zog als jullie wijn.') publiceert een vijftal nieuwe gedichten.

Willem Kuipers

De Gids, januari 1995, nr. 1, ¿ 15,90; De Revisor, 1994, nrs 5 en 6, ¿ 25,-; Optima, 1994, nr. 44, ¿ 12,50.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden