Weekendschool was de enige veilige plek die Miriam kende als kind

Toine Heijmans in Amsterdam-Zuidoost

Verslaggever Toine Heijmans ontmoet Miriam, het jonge slimme meisje in de verkeerde buurt, dat hij twintig jaar geleden als jonge journalist een gastles gaf op een weekendschool in de Amsterdamse Bijlmer. 'Zestig vierkante meter voor een gezin van vijf - Miriam sliep op de gang. Dat Bijlmerkinderen zo leefden wist ik niet. Dat je zo'n jeugd grandioos kunt overwinnen evenmin.' (+)

Foto de Volkskrant

De Operations Manager E-mobility Nederland a.i. laat me het hoofdkantoor binnen, gaat voor de roltrap op, langs de espressobar en opent dan de priority room. Het is twintig jaar geleden. Miriam was 10. Haar wereld ver verwijderd van de mijne, ook al woonde ze vlakbij.

In het hoofdkantoor werken tweeduizend mensen; het is er licht en corporate. Door het hoge raam van de vergaderzaal is nog net de flat te zien waar ze opgroeide. Zestig vierkante meter voor een gezin van vijf - Miriam sliep op de gang. Dat Bijlmerkinderen zo leefden wist ik niet. Dat je zo'n jeugd grandioos kunt overwinnen evenmin.

Van tevoren mailt ze: 'Ik hoop dat je me vergeeft dat ik je niet meer kan herinneren.'

Ze is 30 nu. Ik was de jonge journalist die een zondag gastles gaf op de IMC Weekendschool in de Bijlmer, zij een slim meisje in de verkeerde buurt. De weekendschool was nieuw. Bijlmerkinderen krijgen er les van artsen, advocaten, rechters, journalisten: figuren weggeplukt uit een ander heelal.

Miriam wist niet wat werken was, als kind, want haar ouders werkten niet. 'Het was een mij onbekend concept.' Haar ouders waren thuis, 'al-tijd thuis', er was een uitkering 'maar soms was er geen eten en af en toe geen stroom.' Een kind van 10 neemt de wereld zoals hij is; de verwondering komt later. 'Ik weet dat mijn ouders hun best deden.'

1998, de weekendschool, een zaaltje in het ziekenhuis. Ik herinner me de ruimte, het rennen en de stemmen in de gang. De aandacht die ze hadden. De kinderen gingen advocaat worden, vertelden ze, dat sprak vanzelf. En anders arts of notaris - de journalistiek was zo-zo. 'Wat verdient het?', vroeg Janice. 'Drieduizend?'

Voor slimme kinderen was er niks in de Bijlmer behalve eenzaamheid en onbegrip. 'Bijlmerkinderen', zei Heleen Terwijn, de psycholoog die de school net was begonnen en nog steeds leidt, 'kunnen heel somber zijn over de eigen mogelijkheden. En vaak terecht.'

In twintig jaar is de school gegroeid naar tien vestigingen, in Nederlands armste wijken. Het werkt. 'Op school deed je dingen omdat het moest', zegt Miriam, 'de weekendschool sprak tot je verbeelding.' In groep zeven was ze een van de twee witte kinderen in de klas, 'al ben ik volgens de definitie allochtoon'. Haar vader een Egyptenaar, haar Nederlandse moeder zijn vierde vrouw. Het was er nooit ontspannen.

De klas van Miriam op de weekendschool, 1998. Foto .

Met Miriam praten is een feestelijke gebeurtenis. Het doet haar elke dag plezier, hier zijn, in dit hoofdkantoor, bezig met haar team en met wat ze noemt haar 'carrièrepad'. Als manager is ze verantwoordelijk voor laadoplossingen ten behoeve van elektrische auto's. Er zijn nu zesduizend laadpalen, zegt ze, 'Als je straks weer buiten bent ga je ze vast overal zien'.

Zelf is ze ook vol energie. En efficiënt. Ze heeft alvast een uitrijkaart geregeld.

Door het raam van de priority room kijkt ze uit op haar jeugd, en noemt de werkelijkheid van toen 'surreal'. 'Het is wat het is', zegt ze vaak. 'Ik wil geen slachtoffer zijn. Ik had geen invloed op de omstandigheden van mijn jeugd. Maar ik bepaal wel hoe ik er mee omga.'

Ik vraag haar of ze gelukkig is. Miriam zegt: 'Al jaren!'

Miriam in 1998. Foto .

Ze deed atheneum, studeerde Engels en werkte in een ander hoofdkantoor op de afdeling klanttevredenheid. Tussen bovenmodaal opgegroeide kantoorgenoten die bij de lunch hun vakanties bespraken. Zij ging niet op vakantie. Het was een ander kader, waarin ze opereerde. Pas op de weekendschool ging ze 'in beroepen denken': dat er zoiets bestond als kantoren waarin mensen werken wist ze niet.

Misschien draagt het bij aan haar gedrevenheid. Ze studeerde ook nog managementwetenschappen en arbeids- en organisatiepsychologie. Leren, kennis vergaren: 'Het is een bevestiging van mezelf'. 'Werken geeft me eigenwaarde.'

Miriam ging drie jaar naar de weekendschool. Ze herinnert zich 'het continue kletsen' met kinderen die net al zij van leren hielden maar er geen kans toe kregen, in die verstikkende Bijlmerbol. Ze herinnert zich de rechter en de officier van justitie, de excursie naar de rechtbank. Het was een raam met uitzicht dat open schoof en lucht binnenliet.

Miriam in 2018. Foto .

Het was niet alleen de kennis die haar gelukkig maakte - het was de veiligheid. De weekendschool was de enige 'veilige plek' die ze kende als kind. Waar ze op waarde werd geschat. We woonden vlakbij elkaar destijds, in de hoogbouw van de H-buurt. Herinneringen aan kogelgaten in de liftdeur, de geur van heroïnedamp. Als ze met haar broer ging buitenspelen, kwam ze terug met spuiten en naalden.

Ze bleef in de Bijlmer. Ze kocht een huis in Reigersbos. Er is zoveel anders nu; de verdomhoek van de stad is zelf een centrum geworden.

Ja, de Bijlmer is veranderd, zegt Miriam. Maar er wonen nog altijd kinderen zoals ik.