Reportage Gokken in Kenia

Wedden op Chelsea als vluchtroute uit de Keniaanse armoede. ‘Arme mensen worden er ingezogen’

Gokken op sportwedstrijden is razend populair geworden in Kenia. Beeld Sven Torfinn

Enorme winsten! Grote kansen! Snelle uitbetaling!’ Heel Nairobi is verslaafd aan gokken op uitslagen in de Britse Premier League. Meestal verliezen de gokkers, maar bedrijven als Everton-sponsor Sportpesa lokken de jongemannen met enorme jackpots en kloppen de allerarmste Kenianen hun laatste shilling uit de broekzak. 

Ryan verdient geld met het bouwen van aquaria én – zegt hij – met het wedden op uitslagen in de Britse ­Premier League. ‘Ik won eens 100 duizend Keniaanse shilling (865 euro, red.), die ­investeerde ik in mijn zaak’, vertelt Ryan in een gokhal met live voetbal op grote flatscreens.

Maar vandaag gaat het – geheel toevallig – niet naar wens. Chelsea doet niet wat de ploeg volgens Ryan (32) zou gaan doen, ziet hij op meer dan 6.000 kilometer van stadion Stamford Bridge in Londen. Ryan is zijn ­inleg van 1.000 shilling kwijt. ‘Ach’, zegt hij, ‘er is altijd weer een volgende keer’.

Ryan is een rekruut in het leger van jonge Keniaanse mannen dat gokt op wedstrijden in de Premier League, de voetbalcompetitie die in delen van Afrika de status geniet van een religie. Satelliet-tv, internet en mobiele ­telefonie brengen Chelsea, Manchester United en Arsenal tot bezuiden de ­Sahara.

Bangkok United of PEC Zwolle

In de gokhal van Ryan in Nairobi, de hoofdstad van Kenia, drommen de mannen samen. Ze kunnen er ook wedden op Bangkok United, FC Luzern of PEC Zwolle. De goklustigen volgen op de digitale schermen rechtstreeks de scores in de Pro League van ­Saoedi-Arabië, de hoogste divisie in Myanmar of van het vrouwenvoetbal in IJsland. Voetbal de klok rond. Maar niets gaat boven de Engelse competitie met zijn attractieve spel en ­glamoureuze uitstraling. Ryan, fan van Manchester United: ‘Als Man-U speelt, kan ik de nacht ervoor niet ­slapen.’

De gokbedrijven voeden de manie. Ze beloven gouden bergen aan arme, ambitieuze Kenianen voor wie geld gelijk staat aan status, voor wie rijke politici en predikanten vaak rolmodellen zijn, of ze nou netjes aan hun geld komen of niet. ‘Gokken is een short cut richting rijkdom, ook voor mij’, zegt Ryan. ‘Onze president, onze vicepresident... Op een dag wil ik zijn zoals zij. Met geld kun je genieten van het leven.’

In de ondernemende miljoenenstad Nairobi zijn de wervende namen van de goktenten overal te zien, op metershoge billboards, op taxibusjes en in kranten. Sportybet. Premierbet. Elitebet. Eazibet. Kwikbet. Powerbets. Safaribet. Betboss (‘Voor de echte ­bazen’).

Weer een andere firma, Betin, ­afficheert zich met de broer van de ­Keniaanse Tottenham-speler Victor Wanyama. De broer is te zien op een groot neonscherm bij het centrale busstation van Nairobi, een heksenketel van reizigers, bars, brommers, steekkarretjes en telefoonwinkels. Uit speakers galmt de advertentieslogan van Betin: ‘Enorme winsten! Grote kansen! Snelle uitbetaling!’

Bottom billion

Dauti Kahura is een Keniaanse journalist. Hij schreef over de gokgekte. ‘Arme mensen worden er ingezogen’, zegt hij, ‘ze denken dat gokken een economische activiteit is. Dat is het ­alleen voor de gokbedrijven: voor hen zijn de armen, de zogenoemde ­bottom billion, waar het geld zit. Een miljoen mensen die allemaal 100 shilling inzetten, leveren bij elkaar een vermogen op.’

Kenia kent geen hulpverlenende instanties tegen gokverslaving. Alcohol- of drugsverslaving, dáártegen kun je wel worden behandeld. Terwijl gokverslaving een groeiend probleem lijkt te zijn. Ryan, de fan van Manchester United: ‘Ik ken verhalen over jongens die blut raakten en zelfmoord pleegden.’

In een gokhal van de firma Betway (‘neem een pauze tussen de aftrappen met blackjack, poker of roulette’) stapt een haveloze jongen die de drug qat kauwt af op de buitenlandse verslaggever en zegt: ‘Mijn vriend, ik ben high, jij hebt geld als Trump, geef mij wat.’ De vieze vloertegels in de hal zijn bezaaid met proppen van gokpapiertjes, als herinneringen aan vervlogen dromen en contanten.

Beeld Sven Torfinn

Shirtsponsor Everton

Het bekendste gokbedrijf in Kenia is Sportpesa. ‘Pesa’ betekent in de Swahili-taal ‘geld’. Sportpesa – van Keniaanse, Bulgaarse en Amerikaanse oprichters en met een registratie ook op het belastingparadijs Isle of Man – deed een meesterzet op het gebied van marketing. Het bedrijf is shirtsponsor van Everton uit de Premier League. Keniaanse fans kijken op tv naar hun favoriete competitie en zien dan, op de velden in voormalig kolonisator Groot-Brittannië, een Keniaanse naam. ‘Dat geeft ons het gevoel dat Kenia het maakt’, zegt Ryan trots, ook al is hij geen Everton-supporter.

Als onderdeel van de sponsordeal speelde Everton vorig jaar – met toen nog Ronald Koeman als coach – een oefenwedstrijd in buurland Tanzania. Wayne Rooney maakte een doelpunt.

Sportpesa sponsort ook Hull City uit de Engelse eerste divisie en de twee topteams in Kenia, AFC Leopards en Gor Mahia. Dat is zoiets als PSV en Ajax met dezelfde sponsor op het shirts, hetgeen vragen oproept over mogelijke belangenverstrengeling. Sportpesa kwam een belofte aan de Volkskrant om vragen te beantwoorden niet na.

Sportpesa onderscheidt zich op nog een manier: het bedrijf opereert louter via een app op de mobiele telefoon. Het runt geen gokhallen. Dit scheelt in de bedrijfskosten en verschaft de firma een modern imago. Advertenties van Sportpesa zie je ook in het inflight magazine van Kenya Airways.

‘Maar Sportpesa betaalt ook snel uit als je wint, je ontvangt je geld meteen op je telefoon’, verklaart Morris Odoyo. De 27-jarige bewaker gebruikt de wifi van de ijssalon in Nairobi waar hij werkt om weddenschappen te plaatsen. Op zijn witte Samsung-telefoon toont Odoyo foto’s van het bakstenen huisje dat hij in zijn geboortedorp liet bouwen voor zijn moeder. ‘Ik had 35.000 shilling gewonnen’, vertelt Odoyo. ‘Ik bid tot God dat ik ook de superjackpot win van 200 miljoen shilling. Als ik win, doneer ik aan mijn kerk.’

Volgens Odoyo geven Kenianen het niet graag toe als ze verliezen. ­‘Mensen schamen zich ervoor.’ Hijzelf staat per saldo op winst in de twee jaar dat hij gokt, bezweert hij. Een ­refrein dat terugkeert in Nairobi.

Rosa zucht. De medewerkster van een drukbezochte gokhal wil best het verhaal over Odoyo’s winst geloven. Winnaars vertellen vaak dat ze hun geld gebruiken voor investeringen in handeltjes of om familie vooruit te helpen, een beetje zoals Afrikaanse migranten doen die overzees geld verdienen. Maar over het algemeen, zegt Rosa, wint bij gokken natuurlijk het huis. ‘Iedereen zegt dat hij wint, maar de meeste deelnemers verliezen. Gokken kan je ruïneren. Ik weet dat, ik zie vaak dezelfde gezichten voorbijkomen.’

Zo’n vaste klant van Rosa is de 20-jarige Alfred Omondi. Hij heeft een bachelordiploma in IT, zegt hij ­tussen tientallen jonge mannen in de gokhal, maar vast werk is voor Alfred moeilijk te vinden. ‘Maar omdat ik een man ben, moet ik financieel zorg dragen voor mijn vrouw en kind – kan ik dan nu mijn weddenschappen plaatsen?’

Excelsior

Omondi plaatst een multibet, hij wedt op zeven voetbalwedstrijden ­tegelijk. Als hij alles goed heeft krijgt hij een flinke bonus. Excelsior uit Rotterdam staat op zijn lijstje want ‘Excelsior, die ken ik, die scoren’. Omondi verliest zijn multibet, waarna hij nog inzet op wat hondenraces, die elke 4 minuten starten en live te volgen zijn op schermen in de drukkend warme gokhal. Omondi haalt een zakdoek tevoorschijn, bijt op zijn lip en ziet opnieuw zijn geld verdampen door honden zoals Snoop Dog en Banana Hammock, ook wel een bijnaam voor een nauwsluitend zwembroekje voor mannen.

Omondi’s geld is op. Hij leent snel nog 150 shilling van een kennis, vergokt ook dat en gaat dan op huis aan. ‘Het eten staat klaar, mijn vrouw heeft gekookt. Ik gok sinds vijf jaar, ik heb in totaal meer gewonnen dan verloren dus volgende keer komt het weer goed.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.