'We willen onze kieskaart. Wij, de nieuwe generatie'

Zaterdag is het zover: de eerste ronde van de Afghaanse verkiezingen voor een opvolger van president Karzai. Waarin verschillen de kandidaten eigenlijk?

KABUL - Beminnelijk glimlachend wijst Abdullah Abdullah met zijn rechterhand over de menigte beneden hem naar ginder, waar we de toekomst van Afghanistan kunnen vermoeden. Zijn baard is grijzer dan vijf jaar geleden, toen hij ook deelnam aan de presidentsverkiezingen. 'Mijn grootste vijand is fraude', luidt zijn boodschap.


Abdullah spreekt de woorden niet uit, ze staan in witte letters op de blauwe reuzenposter die op talloze plekken in Kabul langs de weg hangt. In levenden lijve was de kandidaat woensdag te zien in Herat, in het zuidwesten. Ook zijn tegenspelers hebben in de laatste campagneweek de regio opgezocht.


Maar dat de Afghanen zaterdag verkiezingen hebben, kan ook in de hoofdstad niemand ontgaan. Hoofden domineren het straatbeeld in Kabul. Overal kijken ze de voorbijganger aan, met vertrouwenwekkende blik. Eén hoofd op de kleine posters van de kandidaten (veel vrouwen!) voor de provinciale raden. Drie hoofden op de grote posters: een presidentskandidaat met twee running mates.


De Afghanen beleven hun herhalingsoefening in democratie met enthousiasme. Verkiezingsbijeenkomsten worden goed bezocht, de tv-zenders waren verzot op debatten en geen enkele Afghaan die de afgelopen twee weken door de Volkskrant op straat werd gepolst over de politiek haalde onverschillig de schouders op. 'Natuurlijk ga ik stemmen', was het doorsnee antwoord. 'Voor de vrede. Voor de toekomst van het land.'


Voor het eerst hebben de Afghanen echt het gevoel dat ze iets te kiezen hebben. Anders dan in 2009, toen de zittende president Hamid Karzai de gedoodverfde winnaar was en inderdaad een tweede termijn bemachtigde.


Dat leek hem aanvankelijk al meteen in de eerste ronde te lukken, maar de kiescommissie stelde zo'n adembenemende fraude vast (een derde van de stemmen voor Karzai bleek vals), dat hij net onder de 50 procent zakte. De overwinning viel hem alsnog toe doordat de nummer twee, Abdullah, zijn knopen telde en zich terugtrok.


'Ballot stuffing' was toen in Afghanistan het woord van het jaar: het volproppen van stemboxen. Net als nu hadden de Taliban gedreigd de stembusgang met geweld te verstoren. In inkt gedoopte vingers zouden worden afgehakt. Vooral in het zuiden, Taliban-gebied, zat de schrik er in. In menig stembureau kwam geen hond opdagen. Maar op miraculeuze wijze werden in Kabul wel honderden volle dozen met stembiljetten afgeleverd - alle met een kruisje bij 'Hamid Karzai'.


Vlek op het blazoen

Het gesjoemel werd een vlek op het toch al niet hagelwitte blazoen van de president en het zet de toon voor de strijd om zijn opvolging, die zaterdag haar eerste ronde beleeft met een veld van acht kandidaten. Dat Abdullah fraude 'mijn grootste vijand' noemt, is daarom méér dan retoriek.


En hardop zeggen kan hij het niet, maar daarbij denkt hij ongetwijfeld vooral aan de strapatsen die het Karzai-kamp kan uithalen om de man in het zadel te helpen die alom wordt gezien als de vertrouweling van de zittende president, Zalmai Rassoul.


Zo heeft iedereen zijn lessen getrokken uit het debacle van 2009. De Onafhankelijke Kiescommissie (IEC) lijkt zijn zaakjes inmiddels beter op orde te hebben, ook al blijft stemmen in het van infrastructuur verstoken Afghanistan een herculische onderneming. Opnieuw zullen ezels door de bergen sjokken met stemboxen op hun rug.


Daardoor is onduidelijk wanneer het resultaat van de eerste ronde (laat staan van de tweede) bekend zal zijn. Uiterlijk half mei, maar warschijnlijk ruim voor die tijd, zullen deeluitslagen binnendruppelen. De teams van de kandidaten zullen al snel na zaterdag met hun eigen exit polls komen: uiteraard gunstig voor henzelf, zodat tegenvallende cijfers daarná kunnen worden geweten aan gesjoemel.


Dat is het verraderlijke gif van de fraude: niet of het in enigerlei mate zal gebeuren (dat staat vast), maar of het de geloofwaardigheid van de winnaar gaat ondermijnen. Afghanistan is na tien jaar Karzai, en met het vertrek van de buitenlandse troepen in het verschiet, hard toe aan een president met een breder draagvlak dan zijn eigen kliek en zijn eigen etnische groep.


Dus doet 'transparantie' een wanhopige gooi naar de titel 'woord van het jaar 2014'. Er zullen minder buitenlandse waarnemers zijn dan de vorige keer (ook door de reeks aanslagen van de afgelopen weken), maar meer Afghaanse. De Stichting voor Vrije en Onafhankelijke Verkiezingen (FEFA) brengt ruim 10 duizend verkenners op de been.


'Ik heb er vertrouwen in dat het betere verkiezingen worden dan de vorige keer', zegt Nader Nadery, FEFA-directeur en mensenrechtenactivist. 'Vooral de participatie van vrouwelijke kiezers geeft hoop. Daarin hebben we enorme vooruitgang geboekt.'


Een voorproefje daarvan is dinsdag te zien bij de Abdul Ali Mustaqhni High School in de wijk Karte Seh, waar kiezers zich op de valreep nog kunnen registreren. Als was het pupillenvoetbal, zo verdringen zeker honderd vrouwen, de meesten in blauwe boerka, zich voor de deur van het kantoor. Groot gekrakeel, de vrouwen zijn verontwaardigd.


Vriendjespolitiek

'Wasta!', roepen ze met schrille stem op de vraag wat er aan de hand is. Dat betekent zoiets als vriendjespolitiek. Wasta hoort voor de Afghanen bij het leven als de regen. Dit keer houdt het in dat sommige vrouwen de wachtenden passeren en direct aan de beurt zijn.


'Die hebben connecties', zegt de 24-jarige Fatma Jawad boos. 'Ik sta hier al voor de derde dag, zonder eten. Ik kom van buiten de stad.' Want stemmen wil ze hoe dan ook, 'voor de toekomst van het land'.


Een opmerkelijk verschil bij het kantoor voor de mannen: geen pupillenkluit hier, maar een keurige rij waarin het wachten lijdzaam wordt aanvaard. Elke keer als iemand langszij de sliert naar binnen schicht, stijgt een plichtmatig gejoel op. 'Wasta!', wordt er gebromd, ook hier.


En ook hier worden lange uren gemaakt. 'We willen per se onze kieskaart hebben', zegt Zaki Nadry (22), marketingspecialist aan de Kardan Universiteit. Het gaat hem om 'de nieuwe generatie van Afghanistan'. Samen met zijn vriend Zabiullah Madad (28), werkzaam bij een handelsfirma, staat Zaki hier al twee dagen.


Met z'n tweeën belichamen zij de trend onder jonge, stedelijke kiezers, die meer kijken naar inhoud en minder letten op etnische of tribale afkomst. 'Ik ben Pathaan, maar ik stem op een Tadjiek, Abdullah', zegt Zaki. 'En Zabiullah is een Tadjiek, maar hij stemt op een Pathaan, Ashraf Ghani.'


Ah, daar komt het hoofd van het registratiekantoor aanlopen. We trekken hem aan zijn taas over de wasta. Hoe zit dat? 'Dat zijn militairen en politieagenten', legt de 24-jarige Niaz Mohammed uit. 'Met het oog op de veiligheid hoeven zij niet te wachten.'


Voor die reden hebben de twee vrienden alle begrip. Maar als we even later een groepje 'militairen' aanschieten die het kantoor verlaten, vertellen ze doodleuk dat ze ambtenaren zijn op het ministerie van Onderwijs, dus te onmisbaar om uren in de rij te staan. Zaki en Zabiullah snuiven. 'Ambtenaren! Hebben wij niet net zo goed ons werk?'


Zo verontreinigen kleine wasta en grote corruptie het politieke leven in Afghanistan. Het kleeft president Karzai aan als tweecomponentenlijm en misschien nog meer dan de Taliban vormt het op termijn een bedreiging voor het politieke systeem.


'Daarom hebben de mensen het helemaal gehad met Karzai', zegt Mirwais Wardak, directeur van de denktank PTRO. 'Ook in het zuiden. De corruptie, de patronagenetwerken. Vooral de jeugd heeft er schoon genoeg van.'


Toch is corruptie voor de meeste kiezers niet de topkwestie. In een recente peiling van FEFA staat 'vrede en veiligheid' bovenaan in het lijstje prioriteiten. Dat komt overeen met de indruk die de Volkskrant kreeg in gesprekjes met tal van inwoners van Kabul. 'De vrede', daarom gaat het bij de verkiezingen zaterdag.


Daarna komen volgens FEFA het onderwijs, de economie en het rechtssysteem. Het gaat de kiezer kennelijk om de inhoud. Maar wat zeggen de programma's van de kandidaten (partijen bestaan in Afghanistan nauwelijks) daar eigenlijk over?


Hm, daar zeggen we zo wat.


Op een perslunch dinsdag met vier westerse diplomaten passeerden alle bovenstaande onderwerpen de revue: het etnisch stemmen, de fraude, de ezels. Tot een pientere journalist na een uur de vraag stelde: 'Wat zijn volgens u eigenlijk de inhoudelijke verschillen tussen de drie belangrijkste kandidaten?'


Het gesprek viel even stil. Men keek elkaar veelbetekenend aan. Een lach vloog over de Afghaanse vlaai met kersenijs. Na enig nadenken kwam men dan toch tot: Ashraf Ghani zal de corruptie het hardst aanpakken.


Het goede nieuws is dat er, als de kruitdampen van de verkiezingen eenmaal zijn opgetrokken, inhoudelijk geen enkele belemmering is voor het vormen van de brede coalitie die Afghanistan zo hard nodig heeft.


Drie kandidaten maken een kans, de andere vijf nauwelijks


Abdullah Abdullah (53) is half Pathaan, maar wordt algemeen gezien als een noordelijke Tadjiek. Hij was minister van Buitenlandse Zaken (2001-2005) en nam het in de presidentsverkiezingen van 2009 op tegen Hamid Karzai. Naar verwachting gaan hij en Ashraf Ghani door naar de tweede ronde.


Ashraf Ghani Ahmadzai (64), een Pathaan, is een capabele technocraat, oud-medewerker van de Wereldbank. In 2009 deed hij het slecht, mede door zijn westerse profiel. Nu is hij sterker geworteld in Afghaanse bodem, ook qua kleding. Hij trekt stemmen onder stedelingen, jongeren en vrouwen.


De vijf andere kandidaten lijken geen kans te hebben. Opmerkelijk is de deelname van enkele oude warlords, zoals Abdul Rasul Sayyaf (67). Hij nam volop deel aan de strijd tegen de Russen en aan de onderlinge burgeroorlog tussen mujahedingroepen (1992-1996). Zijn verkiezingsretoriek is betrekkelijk gematigd.


De arts Zalmai Rassoul (70) bekleedde diverse posten onder zijn oude kompaan Hamid Karzai. Als corrupt wordt hij niet gezien, maar evenmin als een krachtig bestuurder. Als de Karzai-machinerie fraudeert, zal dat ten gunste van Rassoul zijn. Minpunt: hij is vrijgezel, wat in Afghanistan nogal suspect is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden