'We willen dat de liefde goed is'

Ze vonden elkaar al langer heel leuk. En nu maakten ze samen de voorstelling Was will das Weib, over hoe vrouwen de liefde beleven. Actrice Els Dottermans zingt, Connie Palmen schreef de verbindende teksten. 'Els en ik, we zijn heel erg bezig met hoe we liefhebben. '

Karin Veraart

Ze liggen op de bank, schouder aan schouder, de hoofden naar elkaar toegebogen. 'Waar kijk jij naar?' vraag Connie Palmen aan Els Dottermans. 'Ik kijk recht in de lens', zegt die. 'Misschien moet ik gewoon een beetje voor me uitstaren', mijmert Palmen. Tegen Dottermans: 'Starende meisjes zijn verliefd, toch?' Pauzeert even: 'Of in de rouw.'


De fotograaf herschikt een kussentje, schiet nog een paar foto's, en klaar is de sessie. Connie Palmen, schrijfster, en Els Dottermans, actrice, komen overeind. Op deze namiddag in haar huis aan een Amsterdamse gracht schenkt Palmen even later een glaasje van de fijne champagne die Dottermans meenam, uit haar woonplaats Antwerpen.


Op de liefde. Want daar hebben we het over.


Oftewel: Was will das Weib, de nieuwste muzikale theatershow van Dottermans, vrij naar Freud, met de meest uiteenlopende, lieve, flauwe, vuige, malle en aangrijpende liedjes over dat eeuwige fenomeen dat we vaak zo goed menen te kennen, maar nooit echt weten te doorgronden. Geen medley-achtige vertoning maar een heuse solo met verbindende teksten van Connie Palmen, die daarmee 'debuteert' in het theater.


'Neem een vrouw haar lijden niet af, want dat is het enige waar ze groots in kan zijn', las Dottermans in Palmens roman Lucifer. Eerst moest ze vreselijk lachen, en toen kwam al snel het besef dat ze er iets mee wilde doen: de (vooral) vrouwelijke beleving van de liefde. Het lijden. De leeftijd en het lijden. Vanuit je tenen. Zo is het gekomen. Na een vliegende Vlaamse start begin dit jaar volgt nu de Nederlandse tournee van Was will das Weib.


Palmen (St-Odiliënberg, 1955): 'We vónden elkaar al heel leuk'. Dottermans (Leuven, 1964): 'Ja, al lang.' Ze zaten in 1996 naast elkaar op het huwelijk van de Vlaamse auteur Tom Lanoye. 'Door Tom zijn we voorts regelmatig aan dezelfde tafel beland. Maar ik herinner me dat ik haar eerste boeken las, De wetten en daarna De vriendschap.' Fluisterend: 'Ik dacht: hèhè. Het wordt benoemd, ik hoor het, ik lees het, er is iemand die kan opschrijven wat ik denk. Ik denk dat heel veel vrouwen dat toen hadden. Je hebt mij dingen geleerd ook, inzicht gegeven.'


'Iemand is mij dan direct vertrouwd. Dan is het alsof we al een gesprek gehad hebben. Dan heb ik geen schroom om op iemand toe te stappen.' Dottermans woelt met haar handen door het donkere haar, een charmant gewoontegebaar.


'Enfin, met die liedjes, ik had eerst het idee om aan Connie te vragen er tegenín te gaan. Tégen de meligheid, de sentimentaliteit, en de clichés van de liefde.'


Palmen: 'Ik heb je toen nog heel veel meer liedjes laten horen'.


Dottermans: 'O, ja! We zaten gelijk als twee bakvissen naar al die muziek te luisteren, bij jou thuis. 'Hoor dit! Hoor dat!' En jij hebt mij er toen ook nog een paar verkocht, bedenk ik nu!


Palmen: 'Roy Orbison, K.D. Lang¿'


Dottermans: 'Dat was ik helemaal vergeten schat!' Terzijde: 'Er zitten ook liedjes van haar in!'


Vervolgt: 'En waarom vindt iemand iets mooi? Ik moest met handen en voeten aan Connie zien uit te leggen waarom ik sommige dingen zo prachtig vind. Daar sta je dan, tegenover de tweede koningin van het land.'


Die grinnikt, en duikt wat meer weg in haar dikke trui.


Rocky ik was toch nog nooit zo verliefd, ik weet niet wat er gebeurt;


want d'r komt toch wel meer bij kijken dan wat kussen en een flirt.


Ik zei toen: kop op meisje vertrouw op mij, onze liefde is echt.


En als je mij een beetje helpt, komt alles wel terecht.


Ja hoor. Don Merecedes' hit uit 1976, hij staat er gewoon tussen: Rocky. En Dottermans doet 'm op toneel vol overgave, zoals ze even daarvoor opende met een fel flamenconummer, gevolgd door een meeslepend Back on the Chain Gang van The Pretenders. Losjes loopt er een rode draad door het programma: van de onhandige kalvergevoelens van Rocky via allerhande stadia van de liefde in een mensenleven - Orbisons Crying in een fantastische vertaling/bewerking en Brels tranentrekkende Ne me quitte pas onder handen genomen door Peter Verhelst - tot, uiteindelijk de meest volwassen beleving ervan. Of: wat ervoor doorgaat.


Zestien songs in totaal. Daarmee kwam ze, na selectie met haar chef d'orchestre, terug bij Palmen.


'Ik ben eerst in De wetten en in De vriendschap gedoken, voor het 'jeugddeel', zegt die. 'Daarin staat een aantal dingen die ik per se in het programma wilde hebben, en waarvan ik vind dat ik ze niet beter kan zeggen dan ik daar al deed. Vervolgens ben ik me gaan richten op de liedteksten die Els me eerst in het origineel en later ook deels in vertaling had gegeven. En ik kon daar wel wat mee. Ik kan altijd wel iets met clichés en dooddoeners.'


Dottermans: 'Zo mooi, wat ze hier schrijft: 'Als je iets moet leren in je leven dan is het de liefde, zodat je weet hebt van haar valkuilen, zodat je haar slinkse spelletjes doorziet, zodat je de drakerige clichés doorprikt waarmee ze vermomd de wereld in wordt gestuurd.' Dáártoe moeten we de liefde leren! Ja!'


Palmen: 'Clichés zijn niet voor niets clichés. Het zijn altijd ook schatkamers, soms van een bepaalde wijsheid; en soms van een waanwijsheid. En er bestaan nergens zoveel waanwijsheden over als over de liefde.


'Je móet wel onderkennen dat de specifieke literatuur, de liedjes, de muziek, de manier waarop 'verliefde' mensen over straat lopen zelfs, dat dat alles een enorme invloed heeft op hoe je zelf over de liefde denkt. En dat beïnvloedt dan weer de manier waarop je haar ervaart, voelt. Mensen schrijven zichzelf zo gevoelens voor, trappen in valkuilen. Denken: dit is hartstocht. Zo ziet gevoeligheid eruit. En dan 'spelen' ze - nou noem eens een draak, een nepvrouw? Mia Farrow. Verliefd op haar eigen zachtheid, moederschap, goedheid.'


'En soms bestaat iemands grootste talent in de keuze van zijn partner. Ik denk bijvoorbeeld dat Beatrix veel aan populariteit heeft gewonnen door haar keuze voor Claus. En die was oprecht. Je ziet het direct als mensen van elkaar houden. Seks hebben. Ik zie het altijd. Ik ken heel veel liefdeloze paren. Zonde voor allebei. Maar ze houden het vol omdat ze er allebei belang bij hebben. Wat dat betreft ben ik Darwinistisch genoeg. Vrouwen kunnen denken: als ik maar een andere man had dan zou m'n echte aard - die namelijk hartstochtelijk is, gepassioneerd - wel bovenkomen. Ze kunnen een zelfbeeld volhouden dat veel gunstiger is dan ze in werkelijkheid verdienen.


'En die man doet dat omgekeerd ook: als ik een vrouw had die me beter begreep, had ik wel dat boek kunnen schrijven. Was ik wel beroemd geworden. En omdat ze beiden zo onzeker zijn over hun eigen kansen op de liefdesmarkt, krijg je redeneringen als: Ok, 't is een trut van het zuiverste water, maar wie anders zou mij willen. En tsja, 't is een lul, maar ikzelf ben eigenlijk ook niks.'


Ze schrijft in Was will das Weib:


goddank,


ken ik ook vrouwen met een tong zo scherp als een scheermes,


met de moed van een kamikazepiloot,


net zo sarcastisch als Randy Newman,


zo zelfverwoestend als Kurt Cobain,


zo rauw als Serge Gainsbourg,


zo androgyn als Antony


en doorhuiverd met de oneindige melancholie van een Jacques Brel, een Roy Orbison, een Leonard Cohen.


En ze hebben één ding gemeen: ze lachen erom.


Ze lachen om zichzelf, ze lachen om hem en ze lachen om dat hele schitterende gedoe


Dottermans, fluisterend: 'Connie, schrijf hier toch eens een televisieserie over. Begin er eens aan.'


Palmen, lachend: 'Kijk, je moet wel nieuwsgierig zijn. Niet per se naar bepaalde personen in het bijzonder, maar naar de liefde. Els en ik, we zijn heel erg bezig met hoe we liefhebben. Hoe. Waarom. Wat er beter kan. We willen dat de liefde goed is. Dat wist ik vanaf het eerste moment dat ik 'r zag.'


Dottermans: 'Ik houd van mensen die kijken. Ik houd van mensen die zien. Liefde begint bij kijken en gezien worden. Heel veel mensen zijn daar niet toe in staat.'


Palmen: 'Dat was ook mijn uitgangspunt bij de voorstelling. En in het dagelijks leven: ik zoek de mensen erop uit. Op hun kijken.'


Connie Palmen keek voor het eerst naar Els Dottermans in de hoedanigheid van Daniëlle in de film Antonia, een prachtrol, zegt ze. En ook: 'Jij hebt zo een betoverend ander gezicht dan alle andere mensen die ik ken. En je kunt gecast worden voor haast iedere nationaliteit, van Spaanse tot Vlaamse.'


Dottermans speelde allerlei uiteenlopende rollen, vaak ook die van de enigszins getroebleerde vrouw. Maar het muziektheater had haar liefde al sinds ze schitterde als Vivi V. in Wilde Lea bij de Blauwe Maandag Compagnie (en daarvoor een Theo d'Or kreeg).


Palmen kijkt vragend, Dottermans: 'We speelden een amateurgezelschap dat een heel oud, verschrikkelijk stuk deed en dat probeerde op te leuken met Vlaamse schlagers. Dat was toen - begin jaren negentig - echt wel wat. We waren een heel serieus gezelschap en dan kwamen we met zoiets! Twee jaar lang speelden we foute acteurs met nog veel foutere muziek. Er werd soms gevochten om de kaartjes.


'Daarmee is het wel begonnen, ja. Kijk, ik heb geen geschoolde stem, hè. Ik lees geen noten, ik maak fouten. Maar ik heb er een passie voor, die kennelijk werkt.'


Pas bij NTGent kwam het er weer van aan iets te beginnen als Ik val ¿ Val in mij armen, samen met Wim Opbrouck. Vorig seizoen was dat. Countryliedjes. Johnny Cash en June Carter, dat werk.


Palmen: 'Nou ja, dan heb je me ook.'


Dottermans: 'Alles gaat bij mij zo in fasen. Toen kon ik me nog een beetje achter Wim verstoppen, zo. Letterlijk en figuurlijk. Nu niet meer. Ik stierf van de zenuwen bij Das Weib. 's Middags op m'n hotelkamer zag ik de tennisfinale tussen Kim Clijsters en Justine Henin. En ik bedacht: als Kim wint, wordt het een goede avond. Ze hebben drie sets moeten spelen en het werd beslist met een tie break. Je moet niet vragen hoe ik daar heb gezeten. Maar ze heeft wel gewonnen. En dat heb ik toen verteld, op de première. Dat brak het ijs - ook voor mij.'


Palmen: 'Ik heb je van te voren expres niet meer gebeld. Gelukkig dat ik wel een beetje weet hoe ik met acteurs om moet gaan - ik heb veel acteurs in m'n vriendenkring. Ik houd blijkbaar van de persoonlijkheid van de acteur. Spelers zijn empathisch, om dat lelijke woord maar te gebruiken. Ik zie dat ze heel ver kunnen gaan voor hun regisseur, voor mede-acteurs, voor hun publiek. Ze zijn dienend, maar binnen dat dienen, binnen een rol, kunnen ze helemaal hun eigen aard tonen.


'En dat is voor mij de essentie van leven: je toont je eigen aard binnen een rol. Er zijn nu eenmaal voorschriften in het leven, meer dan de meesten denken. Of het nu door de manier is waarop je moeder zich gedroeg, of de vriendenclub waarmee je je pubertijd doorbracht, of het de boeken zijn die je las, de gedichten die je wel of niet goed vond, reclame: op allerlei manieren wordt je gedrag bepaald en beïnvloed. Acteurs weten dat. Beter dan diegenen die maar poneren o, zo authentiek en origineel te zijn. Ik heb een hekel aan die waan van originaliteit en authenticiteit. Acteurs weten beter, en ze gaan op een geestige manier met die wetenschap om. Geestig zijn ze, vaak ja. En onderhoudend, in gezelschap.'


Dottermans: 'Mijn vak gaat over overgave en vertrouwen. Dat zijn sleutelwoorden in mijn leven. Toewijding, over en weer. Aan de regisseur. De schrijfster. Bij Connie en mij is het woordeloos gegaan. Die tekst van haar kun je verneuken, ik kan je zo laten horen hoe! Ze moet mij ook vertrouwen. Ik durf een risico wel aan. Maar je moet op de juiste mensen varen. En ik geloof dat ik daar zo langzamerhand wel een goed gevoel op begin te krijgen.'


Was will das Weib kwam nog tot stand onder regisseur Johan Simons, iemand die Dottermans het zelfvertrouwen gaf om haar plan te verwezenlijken. Teleurgesteld over zijn vertrek bij NTGent zong ze geheel in stijl van de voorstelling: 'Je loog tegen mij¿'


Nu, lachend: 'Ik vond het jammer, ik vond dat we nog niet waren uitgewerkt samen. Maar goed. Ikzelf ben iemand die uit loyaliteit soms ook te lang ergens kan blijven plakken. Kom op, je ne regrette rien.'


Palmen: 'We kennen onze klassiekers.'


Dottermans: 'En nu ernaar leven, hè. Ik ben een volgende fase ingegaan. Ik kan dit nu alleen. Solo.'


Palmen: 'Daar ben je nu ook oud genoeg voor, schat.'


Dottermans: 'Ja. Eindelijk. Enfín.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden