Column

We moeten gaan nadenken over hoe je geluk exporteert

 

Links: voormalig premier van Bhutan Jigmi Y. Thinley startte het eerste geluksrapport in 2012.Beeld epa

Zwitserland is het gelukkigste land ter wereld en wij zijn gezakt van de vierde naar de zevende plaats. Finland, Canada en IJsland, landen die twee jaar geleden nog minder gelukkig waren dan wij, zijn nu gelukkiger. De komende jaren zullen we Nieuw-Zeeland scherp in de gaten moeten houden, want dat land is met een krachtige opmars bezig en wordt steeds gelukkiger: van 13 naar 9.

Gisteren kwam het derde World Happiness Report uit, 'over de staat van het wereldwijde geluk'. Dat klinkt als een zweverig boekwerk, wat het niet is. Het WHR verschijnt onder auspiciën van de VN en de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, OECD. Er werken beroemde economen als Jeffrey Sachs en Richard Layard aan mee, maar ook neurowetenschappers en psychologen van naam. De gelukswetenschap wordt serieus genomen.

Het eerste geluksrapport kwam in 2012 tot stand op initiatief van toenmalig premier Jigmi Y. Thinley van het kleine boeddhistische koninkrijkje Bhutan, in de Himalaya. Dat is het enige land ter wereld waar ze niet kijken naar het bruto nationaal inkomen als maatstaf voor de levenskwaliteit van de bevolking, maar naar het bruto nationaal geluk. Een beetje noodgedwongen, want het inkomen van Bhutan stelt bedroevend weinig voor, maar dankzij de Bhutanezen zijn nu wel onze ideeën over hoe je levenskwaliteit meet aan het kantelen: zelfs de Britse premier Cameron is om.

De mate van geluk, zeggen de makers van het WHR , is een uitstekend criterium voor het meten van sociale vooruitgang. Niet economische groei, maar geluksgroei zou het uitgangspunt van overheidsbeleid moeten zijn. Die visie wint terrein. Probleem is dat het geluk van de PVV'er het ongeluk van de GroenLinkser kan zijn. Daarom is het nodig objectieve maatstaven voor geluk te formuleren, voor je geluksbevorderend beleid kunt gaan maken. Daar wordt hard aan gewerkt. De ranglijst van het WHR wordt samengesteld op basis van factoren als het gemiddelde inkomen, de levensverwachting en de mate waarin mensen het gevoel hebben over hun eigen leven te kunnen beschikken.

Opvallend is, dat van de tien gelukkigste landen er zeven in West-Europa liggen. Van die zeven is Nederland, gemeten naar aantal inwoners, het grootst. De zes andere hebben allemaal minder dan tien miljoen inwoners, IJsland (het op één na gelukkigste land ter wereld) zelfs maar 320duizend. Je hebt, zo lijkt het, het geluk dus aan je kont hangen als je in een klein West-Europees land woont. Natuurlijk zijn statistieken leugenaars: wanneer je het geluk in de Duitse deelstaten afzonderlijk zou meten, zouden er hoogstwaarschijnlijk wel een paar in de toptien staan. Wat Glück betreft staat Duitsland als geheel op een teleurstellende 26ste plaats.

Leven in een land met weinig inwoners is geen garantie voor geluk, want de tien ongelukkigste landen hebben er gemiddeld ook maar iets meer dan vijftien miljoen. Ze liggen, op Syrië en Afghanistan na, allemaal in Afrika.

In het rapport staat een mooie kaart: 'De Geografie van Geluk'. Daar hoef je maar één seconde naar te kijken om te zien waarom het tegenwoordig zo druk is op de Middellandse Zee. Europa wordt door ongeluk omgeven.

Ze worden wel gelukszoekers genoemd, de bootvluchtelingen, en in zekere zin zijn het dat natuurlijk ook. Gelukkige mensen stappen niet op een wrakke, door misdadigers bestuurde boot: we moeten gaan nadenken over de vraag hoe je geluk exporteert.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden