'We mochten niet bang worden'

Buzz Aldrin ( 84 ) is op de maan geweest. Been there, seen that. Nu moeten we verder, zegt hij. Op naar Mars, dat ons tweede huis zou moeten worden.

Buzz Aldrin in 1969. Beeld reuters

'Ik haat de ruimte', mompelt Sandra Bullock in de film Gravity, een thriller met als griezel het oneindige Niets. Zij heeft medeastronaut George Clooney reddeloos zien wegzweven in de diepzwarte stilte. Terug naar de aarde, wil ze. De kijker huivert met haar mee, verenigd in de diepmenselijke angst voor dat ontzagwekkende, onbevattelijke heelal.

Buzz Aldrin is er geweest. Hij zette een kwartier na Neil Armstrong als tweede mens voet op de maan in juli 1969. Als ik maar niet per ongeluk het luik van de maanlander achter me in het slot laat vallen, zodat we buitengesloten worden en een langzame verstikkingsdood sterven, was even door hem heen geschoten. Maar astronauten waren erop getraind verstandelijk om te gaan met angst. 'We mochten niet bang worden. Want dat is een emotie die voorkomt dat je helder denkt', zegt Aldrin in een telefonisch interview.

Zijn paniekbestendigheid werd meteen op de proef gesteld. Hij ontdekte op de vloer van de Eagle een afgebroken onderdeel van het contactslot waarmee ze de motor moesten starten voor hun vertrek van de maan. Iedereen heeft in zijn leven weleens gedacht: zal mijn auto starten? Maar dan is er altijd nog de wegenwacht. Dit was op zo'n 385 duizend kilometer afstand van de aarde. Niet starten betekende niet overleven. Wat deden ze? 'We gingen slapen', zegt Aldrin. 'Of liever dat probeerden we, want het was koud daarbinnen. We waren meer bezig hoe we het warm konden krijgen dan dat we nadachten over hoe we het slot konden repareren.' Armstrong en hij stonden vroeger op om meer tijd te hebben voor het bedenken van een plan. Dat lukte. 'Ik gebruikte een viltstift, stak die in wat over was van het contactslot en de motor sloeg aan. Bang waren we geen moment geweest.'

Harde landing

Toch eiste de ruimte haar tol: Aldrin maakte een harde landing. Hij werd commandant van een school voor testpiloten. Een vreemde wereld voor de voormalig gevechtspiloot. Hij raakte in een depressie. 'Ik erfde van mijn familie een hang naar zelfmoord. Mijn opa benam zich het leven, net als mijn moeder voordat ik naar de maan ging. Ik wist dat het mij ook kon overkomen. Na een jaar gaf ik mijn baan op zonder te weten wat nu verder. Het hielp niet dat ik aan de drank ging om een uitweg te vinden.' Aldrin zocht hulp, kwam er weer overheen, maar zijn echtgenote was hij kwijt, ook vanwege gerommel met andere vrouwen.

Het was niet het enige huwelijk dat mislukte: van de oorspronkelijke dertig astronautenstellen bleven er slechts zeven bij elkaar. De roem, de druk om perfect te zijn, de belegering door de pers - niet iedereen was ertegen bestand. 'Als je denkt dat het moeilijk is om naar de maan te gaan, probeer dan eens thuis te blijven', zei een van de vrouwen.

Aldrin is 84 jaar. En in topconditie. 'Ik ben al 35 jaar van de drank af', zegt hij trots. Dat astronauten als hij ooit grotere helden waren dan The Beatles, blijkt als hij in New York zijn boek Mission to Mars presenteert. Alle generaties verdringen zich om hem in de boekhandel. De man van de historische Apollo 11-missie is een legende, en springlevend bovendien. Een paar jaar terug ging hij nog op de vuist met een moon landing denier, iemand die zegt dat de beelden van de maanlandingen zijn opgenomen in een woestijn in Amerika. Leugenaar en lafaard, zei hij tegen Aldrin. Beng deed Buzz.

Dieper de ruimte in

Wel is de maan voor hem iets wat geweest is. Amerika moet dieper de ruimte in. Te beginnen met het sturen van astronauten naar een asteroide. Zo kan ervaring worden opgedaan met nog verdere ruimtereizen en buitenaardse mijnbouw. Bovendien leven we in een 'kosmische schiettent' met kometen die het menselijk leven op aarde kunnen vernietigen. De kans dat dit in de nabije toekomst gebeurt is klein, zegt Aldrin, toch acht hij het verstandig als we het vermogen verwerven om die bedreigingen bijtijds onschadelijk te maken.

De volgende halte is Phobos, een van de manen van Mars. Zij moet de springplank naar de rode planeet worden, niet slechts om haar te bezoeken maar om haar te koloniseren. Als het aan Aldrin ligt, wordt de menselijke beschaving multiplanetair met Mars als haar tweede huis. Ruimteschepen zullen een soort busdienst onderhouden met de aarde, waarbij de reis afhankelijk van het traject zes tot twintig maanden duurt. De terugkeermogelijkheid zal aanvankelijk beperkt zijn om niet te veel energie te verspillen aan retourtrips. Op Mars kunnen koepels worden gebouwd waar het klimaat op aarde wordt nagebootst voor mensen en planten.

Dertien dagen in het donker

Aldrin is op de maan geweest. Door een gebrek aan herkenningspunten kon je er zomaar verdwalen, zei hij achteraf. Had hij er kunnen leven? 'Nee. De maan is geen goede plek voor een permanent verblijf. De zon gaat op en onder om de dertien, veertien dagen. Zit je dertien, veertien dagen in het donker. Er is geen atmosfeer en de grond bevat niet veel om een basis te ondersteunen.'

Maar ook als dat op Mars anders is, denkt hij echt dat mensen daar voorgoed willen blijven? 'Honderden jaren geleden vertrokken de Pilgrims op het schip de Mayflower naar Noord-Amerika om zich daar te vestigen. Er is niets in de geschiedenis dat doet vermoeden dat ze er maar een beetje rondhingen, wachtend op een retourtje terug naar Europa.'

Is een goed leven mogelijk voor de Mars-kolonisten? 'Nou, een goed leven wil ik niet zeggen. Ik hou van diepzeeduiken. Dat gaat niet lukken op Mars.'

De Pilgrims troffen bossen aan, ze verbouwden er gewassen, hielden vee. 'Zeker, maar gelukkig heb je op Mars geen indianen die met pijlen schieten op nieuwkomers.'

Verlies van privacy

En hoe moeilijk is het om in een klein gezelschap bovenop elkaar te zitten in een niet erg welkome omgeving? ' Onder de eerste mensen op Mars kan dat leiden tot fysieke en geestelijke stress. Er is een verlies van privacy op een plek vele miljoenen kilometers van de aarde. Het isolement, de afstand, laten we zeggen dat het een behoorlijke uitdaging is.'

Eentje die we wel moeten aangaan. Aldrin vertrouwt op ondernemers als Elon Musk. Wat de regering betreft, hoopt hij dat een volgende president in 2019, bij de vijftigste verjaardag van de eerste maanlanding, de verplichting aangaat om in 2035 een begin te maken met een permanent verblijf op Mars. Dat moet het antwoord zijn op die ene belangrijke vraag, schrijft hij aan het slot van zijn boek: 'Amerika, koester je nog grote dromen? Geloof je nog in jezelf?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden