We maken een lijstje

Wie: Gideon de SmetFunctie: Eigenaar en inlijster van Go4artErvaring: ‘Nat plakken, droog plakken en assembleren’..

Er zijn niet zo heel veel inlijsters meer die nat kunnen plakken, maar Gideon de Smet kan het nog wel.

1. Nat plakken is:

a. een poster met zuurvrije lijm op karton bevestigen.

b. met een beetje spuug of een anderszins vochtige substantie een plaat precies op z’n plek leggen.

c. een nog niet helemaal droog schilderij van een lijst voorzien.

Hij maakt de achterkant van een poster nat met een spons, waardoor het papier uitzet. Dat kronkelt alle kanten op, maar Gideon is er niet van onder de indruk. ‘Wel moet je wat van de looprichting van het papier weten’, geeft hij te kennen. ‘Want in die richting zet het uit als je het natmaakt.’

Bij het drogen moet het papier onder druk krimpen (hij legt het onder een stapeltje glasplaten), waardoor de afbeelding strak op het karton komt vast te zitten. Morgen ziet hij het resultaat van zijn werk. ‘Altijd een beetje spannend, ondanks twintig jaar ervaring.’

Dan ziet hij ook of de maat nog klopt met die van de lijst (het papier kan door het krimpen en uitzetten van groter of kleiner worden – in dit geval, denkt Gideon, is dat iets groter), daarna snijdt hij de afbeelding schoon, glas erop, lijst erom, klaar.

2. Droog plakken bestaat trouwens ook:

a. ‘helemaal zonder plakmiddel – nadeel: je krijgt het bijna niet recht in de lijst.’

b. ‘met plakfolie – nadeel: je krijgt het niet meer los als er iets verkeerd gaat.’

3. En tegenplakken? Wat is dat dan?

a. ‘De poster vacuüm tegen het glas plakken, voor een extra strak resultaat.’

b. ‘De voorkant van het karton insmeren met lijm, zodat de poster niet nat wordt.’

c. ‘De achterkant van het karton ook voorzien van natgeplakt papier, om kromtrekken tegen te gaan.’

d. ‘Tegenplakken is heel wat anders: wat Loesje doet, op straat.’

‘De afgelopen tien jaar zijn veel inlijsters over de kop gegaan’, vertelt Gideon, terwijl hij zijn handen wast. ‘Dit vak is heel conjunctuurgevoelig. Bovendien hebben veel groothandels in lijstmaterialen een deel van het werk van de inlijster overgenomen.’

Hij hoeft de lengtes bijvoorbeeld niet meer op maat te maken, maar krijgt ze in verstek bezorgd.

4. In verstek, was dat ook alweer?

a. Zonder persoonlijk aanwezig te hoeven zijn.

b. Met schuine, passende hoeken.

c. Op bestelling.

5. Intussen pakt hij een stuk karton van uit de de circa 30 kleuren wit en begint met een naar scherp mesje aan

a. een passepartou.

b. een passe-partou.

c. een passe-partout.

d. een passe-partous.

Nauwkeurig meet hij de in te lijsten foto, legt de liniaal op het karton, zet een aantal minieme streepjes en snijdt een rechthoek uit waarvan de kanten schuin naar binnen aflopen.

6. Zorgvuldig werkt hij een braampje weg met een

a. beenvouwtje.

b. bouwfeentje.

c. foutbeentje.

d. vouwbeentje.

7. ‘Vaak hoef ik alleen te assembleren,

a. een lijst te kleuren.’

b. advies te geven.’

c. een lijst uit elders gemaakte onderdelen in elkaar te zetten.’

‘Het nadeel is dat je het niet binnen een dag af kunt hebben, het voordeel dat je nauwelijks voorraad hebt, dus geen vaste lasten en geen afschrijving.’

Een andere recente ontwikkeling is dat hij via het internet kan werken. Zijn website, go4art.nl, is voorzien van een inlijstprogramma: de klant stuurt een plaatje of foto van het in te lijsten object en Gideon kan hem een ingelijst voorbeeld terugsturen ter beoordeling. Van tevoren vraagt hij of het een werk op papier betreft, op linnen, op hout; of het een foto is of een schilderij, een zeefdruk, een aquarel, of een gouache.

8. Een gouache, zoals u weet,

a. is geschilderd met niet-transparante waterverf (uit het Frans).

b. is geschilderd met transparante waterverf (uit het Spaans).

c. is geschilderd met een mengsel van pigmenten en eigeel (uit het Nederlands).

d. is geschilderd met een ‘koewasje’ (uit het Surinaams).

Verder werkt hij bijna altijd op afspraak, zodat hij met zijn klanten rustig kan overleggen. Die komen veelal uit de buurt: ‘Vaak mensen met een oud schilderijtje, veel geboortekaartjes en andere voorwerpen met emotionele waarde.’

De meeste klandizie gaat via via, niet zelden ook zijn het kunstenaars en fotografen. Kunstenaars vindt Gideon de makkelijkste klanten, omdat ze precies weten wat ze willen hebben: ‘Doe mij even een baklijstje van 82 bij 102 in die ene rooie.’ De baklijst wordt veel gebruikt voor mensen die op doek of op houten panelen schilderen, met ‘die ene rooie’ wordt uiteraard de kleur bedoeld.

8. Wat is een baklijst?

a. Het is een dikke lijst waar het kunstwerk in ligt.

b. Het is een gipsen lijst die door verhitting is gedroogd (gebakken) en daarna geschilderd of gespoten.

c. Het is een lijst van oud hout (ook wel krat- of kistlijst genoemd).

De baklijst is ‘een beetje zijn specialiteit’. ‘Een goeie baklijst vinden is namelijk niet zo makkelijk’, weet Gideon.

9. Laatste vraag: waarom heet hij inlijster en geen lijstenmaker?

a. ‘Een lijstenmaker doet alleen maar schilderijen.’

b. ‘Een lijstenmaker lijst niet in, maar maakt lijsten.’

c. ‘Een lijstenmaker doet alles zelf.’

Carel Helder en Mirjam Bosgraaf

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden