WE LEZEN ALLES TE LAAT EN DUS OP TIJD

Zomaar, bladerend in een boek dat ik al jaren in huis heb, werd ik betrokken bij de dood van Dr Robert Levet....

Then with no throbbing fiery pain,

No cold gradations of decay,

Death broke at once the vital chain,

And freed his soul the nearest way.

Langs de kortste weg gaat de ziel van de dokter uit Samuel Johnsons huis naar de hemel, die hij verdiende met het ene talent dat hij had. Hij vertrok zoals hij was, zonder geruis. Hij was een vermaard zwijger, al die jaren dat hij, die tegenpool van Johnson, bij hem in huis woonde, de leegte met hem delend. Hij was armendokter, onder de kelderbewoners van de slechtste buurten. Hij was onopvallend. Maar Johnson maakte hem groot in zijn kleinheid en zo onsterfelijk in het gedicht 'On the Death of Dr Robert Levet', waarvan de boven geciteerde strofe de laatste is. Het is een schitterend gedicht, van een haast volmaakte harmonie en rust, die het evenwicht van de dokter en de ontreddering waarin Johnson achterbleef aangeven. Natuurlijk zocht ik even naar Levet in de beroemde biografie van Johnson door Walter Jackson Bate. En daar las ik, hoe de twee vaak rond het middaguur in volmaakte stilte samen ontbeten. Het enige geluid moet dat van het theeschenken zijn geweest, een zeer Engels geluid dus. Levet bediende beurtelings Johnson en zichzelf. Het was zijn talent voor anderen te zorgen.

Ik kende het gedicht niet en het lag toch onder handbereik. Maar wat ken ik van Johnson? Ik las even een paar fragmenten uit zijn The Lives of the Poets, en vooral de aforistische afsluitingen van sommige alinea's bekoorden mij zeer. Van zijn gedichten ken ik nu althans dat over Dr Levet (dat overigens zijn beste gedicht heet te zijn). Wat hij over Shakespeare schreef, zou ik willen lezen om zijn opvattingen over literatuur beter te leren kennen. Maar dan begint er een heel lange weg waarvan ik alleen maar stukken ken: die van de Engelse kritiek. Natuurlijk staat hier in de kast Matthew Arnold. Maar ken ik hem goed? En hoe lang is het geleden dat ik het kritische proza van Eliot, met zijn altijd nieuwe ontdekkingen, een beetje grondig las? Een paar weken geleden schreef ik hier over Hoofts 'de deken sacht van de nacht' als een even schitterend als modern beeld. Maar ik werd - door een kenner - herinnerd aan de regels uit Macbeth:

Come, thick night,

And pall thee in the dunnest smoke of hell,

That my keen knife see not the wound it makes.

Nor heaven peep trough de blanket of the dark,

to cry ''Hold, hold''

Daar is de deken van de nacht weer. Het zou als een brutaal beeld ervaren zijn en Johnson - daar is ook hij weer - heeft over die regel geschreven. Naar ik veronderstel niet gunstig, maar ik kan de tekst niet vinden. Ach, ik ken van de 'Preface' bij zijn Shakespeare-editie alleen enkele fragmenten en het gaat hier toch om een van de grote literaire monumenten uit de Engelse taal. En zijn 'Notes' bij de verschillende stukken heb ik nooit gelezen. Wat heb ik eigenlijk uitgevoerd?

Ik blijf, ook in de boekenkast, in de buurt van Johnson. Ik moet er een boekje in terugzetten, een deeltje uit een van de mooiste reeksen uit de boekenwereld: 'The World's Classics' van de The Oxford University Press. Die serie van kleine, gebonden boekjes is helaas dood. (Ik zou ze allemaal willen hebben.) Het heet Autobiography of Edward Gibbon. Mijn exemplaar is verder geweest dan ik: in Napels. Ik had het iemand geleend die naar Napels moest, want er staat één mooie halve zin in over die stad, 'waarvan de wellustige bewoners zich schijnen op te houden op de grens van paradijs en hellevuur'. Dat geldt ook voor Rome - zie Fellini's film over die stad. Een pagina verder staat de beroemdst geworden medeling uit het boek: 'Het was in Rome, op de vijftiende oktober 1764, toen ik zat te mijmeren tussen de ruïnes op het Capitool, terwijl de blotevoeten-paters (Franciscanen) de Vespers zongen in de tempel van Jupiter, dat de gedachte om de neergang en ondergang van de stad te schrijven, voor het eerst in mijn geest opkwam.' Ik heb het resultaat van die Roomse inval, History of the Decline and Fall of the Roman Empire nooit helemaal gelezen, denk ik, terwijl ik het boekje terugzet in de kast. Omdat ik een beetje een hekel heb aan die religieuze mallemolen die Gibbon ook was. Maar hij schrijft natuurlijk prachtig. En er is niets mooiers dan over neergangen lezen. (Alleen al Decline and Fall van Waugh of diens biografie, die onder de titel van zijn romandebuut had kunnen verschijnen).

Ik kijk op de planken erboven en eronder. Wat heb ik allemaal niet of half gelezen, vooral veel 'half'. Alle boeken die ik cadeau zou willen krijgen en dus zou willen lezen, heb ik al. En dat zal met de meesten van ons het geval zijn. We hoeven niets meer. Deze hele bijlage is overbodig.

Maar daar is die Johnson weer, die over alles een ontnuchterende mening heeft. In de biografie door Bate lees ik, zojuist, heel toevallig, want bladerend, dat Johnson zich erop liet voorstaan, bijna nooit een boek uit te lezen. Tegen de geliefde Mrs Thrale zei hij: 'Helaas, hoe weinig boeken zijn er waarvan je mogelijk de laatste pagina haalt.' En tegenover een groot literatuurliefhebber verklaarde hij: 'Ik heb weinig boeken uitgelezen; de meeste zijn zo afstotend dat ik het niet kan.' En dat kwam uit de mond van de meest belezen man van zijn tijd, merkt Bate op. Die bijna alles wat hij had gelezen, nog uit zijn hoofd kende ook.

We lezen, gelukkig, alles te laat. En dat is op tijd. (Voor het luisteren naar muziek geldt hetzelfde. De beslissende tonen klinken altijd op het juiste moment). Moet ik gaan lezen met terugwerkende kracht? Daar heb ik eigenlijk geen tijd meer voor. Het beste is gewoon door te gaan met half lezen. Ik begin morgen met De dubbele vlam van de grote Octavio Paz. 'Over liefde en erotiek'. Ik zal het uitlezen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden