'We hebben onszelf klem gezet in Syrië'

Speciaal gezant voor Syrië Koos van Dam houdt er maandag mee op. De Volkskrant sprak met hem over de rol die Nederland heeft gespeeld in het oplossen van het Syrische conflict: 'Ik vind dat je met het regime moet praten'.

Rook boven een verwoest Aleppo Beeld ap

Zijn laatste post als ambassadeur was Jakarta en in augustus 2010 leek hij met pensioen te gaan. Maar stilzitten, dat kan Koos van Dam (71) niet. Hij heeft zich altijd met het Midden-Oosten beziggehouden, vooral met Syrië. Hij promoveerde op de complexe situatie in dat land en schreef er in 1979 een wereldwijd vertaald standaardwerk over. Hij bleef na Jakarta lezingen geven op allerlei universiteiten, was gastdocent bij Instituut Clingendael en werd destijds door oud-VN secretaris-generaal en VN-Syrië-gezant Kofi Annan uitgenodigd om met een internationale groep Syrië-experts te brainstormen over mogelijke oplossingen voor de burgeroorlog. Eind 2014 werd hij door minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders gevraagd als speciaal gezant voor Syrië. Per 1 augustus is het echt afgelopen. Zijn opvolger is Gerard Steeghs, ambassadeur in Cairo en daarvoor in Tripoli.

Heeft u eigenlijk ooit geloofd in het slagen van de opstand in Syrië?

Ik ben er nooit optimistisch over geweest. De meeste mensen houden zich bezig met de oppositie in Syrië maar vergeten te kijken naar het regime en in te schatten hoe sterk dat is. Eén van de grote fouten die zijn gemaakt in het begin van de revolutie, is het onderschatten van de sterkte van het bewind. Men dacht dat president Bashar al-Assad wel weg zou gaan nadat Hosni Moebarak in Egypte was afgetreden en Muammar Kadhafi in Libië was afgezet. De mensen hadden natuurlijk hoop, maar ook valse verwachtingen; en die werden aangemoedigd door het Westen. Men hoopte dat er democratie zou komen, maar de wens was vaak de vader van de gedachte.

Uw persoonlijke visie wijkt nogal af van de gangbare opstelling tegen Assad?

Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat ik vind dat je met het regime moet praten. Wil je een conflict oplossen, dan moet je met alle partijen contact hebben. Ik vind dat heel logisch, maar een heleboel anderen blijkbaar niet, omdat die principes hanteren die zogenaamd ethisch zijn. Maar uiteindelijk dus niet, want het gevolg is veel meer doden omdat je niet met zo'n regime wil praten. Ik zeg niet dat er een garantie is voor resultaat en ik kan ook niet voorspellen welk effect het zal hebben, maar het is niet eens geprobeerd. Je gaat onderhandelen waarbij op voorhand het resultaat zou moeten vaststaan dat Assad verdwijnt. Dat kun je wel vinden, maar hij gaat niet weg. Dan moet je dus iets anders verzinnen. Er zit niets anders op dan met hem praten.

Maar die visie botste dan toch met het Nederlandse standpunt dat u moest uitdragen?

Ik heb me natuurlijk altijd gehouden aan het Nederlandse beleid en tegelijkertijd binnen het Ministerie van Buitenlandse Zaken steeds mijn eigen mening kunnen geven over de realiteit in Syrië. Maar het klopt, er is een fundamenteel verschil. De moeder van alle problemen is: de positie van Assad. Daar is bijna iedereen op gefixeerd. Hij moet weg en je impliceert daarmee dat er dan een heleboel zou zijn opgelost. Maar dat is het niet. Ik heb het nog niet eens over wat voor soort regime er dan voor in de plaats zou komen. Gebaseerd op wat ik van Syrië heb gezien in het verleden, is het niet realistisch om op voorhand te eisen: Assad moet weg. Want daarmee blokkeer je iedere onderhandeling. Daarmee is vanaf het begin een kardinale fout gemaakt, een inschattingsfout. Maar daar verschil ik geloof ik met vrijwel iedereen van mening over.

Botste het ook met minister Koenders?

Integendeel. Ik kan hem vertellen wat ik vind en wat ik doe, ik heb met hem ettelijke malen discussies gehad. Wat hij daar dan vervolgens mee doet, dat is natuurlijk aan hem. De minister is daarbij bovendien gebonden aan de Nederlandse binnenlandse politiek, de politiek van de EU, de relatie met de VS. Toch denk ik dat het belangrijk is dat een minister binnen het apparaat een visie krijgt van iemand die ervaring in de problematiek heeft en die hem niet naar de mond praat. Hij heeft zijn visie en die brengt hij naar buiten, ik heb mijn visie en die heb ik als gezant binnen het Ministerie van Buitenlandse Zaken uitgedragen. Toen de burgeroorlog begon, vielen er binnen korte tijd een paar honderd doden en toen zei men: nu kun je niet meer met die man gaan praten. Ik heb steeds gezegd, dat moet je juist wel doen. Nu zijn we een paar honderdduizend doden verder en er is nog steeds geen dialoog.

Zijn er kansen op een dialoog geweest?

Die zijn er geweest, alleen het is nooit serieus geprobeerd. Er bestaat natuurlijk geen enkele garantie dat het succesvol zou zijn, maar de mogelijkheden waren er wel. Alleen kun je dan niet beginnen met onmogelijke voorwaarden of op voorhand stellen wat de uitkomst moet zijn. Men wilde het gegarandeerde vertrek van Assad als voorwaarde voor het begin van de onderhandelingen. Dat werkt natuurlijk niet. Je moet kiezen, of je brengt het regime ten val, of je praat met hem.

Assad lijkt inmiddels zo sterk geworden door de steun van de Russen dat een dialoog toch een gepasseerd station is?

Dat denk ik niet, er zijn nog steeds landen die de oppositie helpen, Saoedie Arabie, Qatar, die hebben veel geld. De VS en andere landen via wapenleveranties, maar onvoldoende om Assad te verslaan. De Amerikanen willen ook niet dat de oppositie hem nu ten val brengt, hun prioriteit ligt bij het verslaan van Islamitische Staat. Ze hadden destijds een trainingsprogramma voor Syrische oppositiemilitairen en die moesten een verklaring ondertekenen dat ze niet zouden vechten tegen Damascus maar alleen tegen IS. Een heleboel hebben dat niet gedaan. Dus de oorlog kan nog eindeloos voortduren door de steun van allerlei landen aan de oppositie en tegelijkertijd heeft Assad zich met steun van de Russen versterkt. Men begint zich nu wel te realiseren, je kunt niet om hem heen. Hij heeft het belangrijkste deel van Syrië onder controle en binnenkort misschien ook nog Aleppo. Maar niks is een gepasseerd station, want Assad heeft natuurlijk ook zwakke punten, zoals de economie en het grote aantal doden in eigen Alawitische kring.

Wat zou er dan wel moeten gebeuren?

We hebben onszelf klem gezet. Wat we zouden moeten doen, is politiek vrijwel onmogelijk gemaakt. We zijn daar weggegaan, alle contacten verbroken met het idee, Assad gaat wel weg. Nu is het voor een minister nog veel moeilijker dan vijf jaar geleden om te zeggen: we gaan daar weer een ambassade openen. Maar langzaam worden er toch weer contacten gelegd door geheime diensten die erheen gaan, de Italianen bijvoorbeeld. Soms is dat om strategische redenen, zoals de strijd tegen het terrorisme. Er zijn in Damascus ook nog steeds Europese ambassades, de Tsjechen en Roemenen hebben hun ambassadeur nooit teruggehaald. Zelfs de EU heeft er een kantoor. Dat is een beetje een contradictie, want over het algemeen is het beleid dat de landen van de EU geen contact hebben met Damascus, maar sommige doen het dus wel. Door de strijd tegen IS is de strijd tegen het regiem van Assad secundair geworden. Het is wel begrijpelijk, want IS is een directe bedreiging voor ons en moet vernietigd worden. Maar de situatie in Syrië los je er niet mee op. Het vluchtelingenprobleem waar we nu mee zitten, komt vooral door de troepen van Assad. Wil je daar iets aan doen dan zul je tot een compromis met ze moeten komen, of je moet ze militair verslaan.

Ziet u eigenlijk wel een oplossing?

De landen die interveniëren in Syrië moeten gaan samenwerken of hun geschillen bijleggen. Het moet tot een nationale verzoening komen en je moet Assad duidelijk maken dat het ook in zijn belang is. Daarbij moet je bereid zijn om een aantal mensen te laten zitten die geen bloed aan hun handen hebben. Maar ik geef toe, het kan nog heel lang duren. Het kan zo nog wel tien jaar aanslepen. De Libanese burgeroorlog heeft vijftien jaar geduurd. En kijk naar Irak, waar de situatie eigenlijk veel simpeler is dan in Syrië. Dertien jaar na het ingrijpen van de Amerikanen is er nog geen enkel zicht op vrede.

Heeft Nederland enige rol van betekenis gespeeld tot nu toe?

Wij hebben via onze contacten met de oppositie zeker invloed. Invloed betekent dat iemand iets doet wat hij anders niet zou hebben gedaan. Dat is natuurlijk moeilijk meetbaar. Maar in het circuit van de Syrische oppositie spelen wij een rol, ze luisteren naar ons. Met name omdat ik ze niet naar de mond praat, maar probeer ze een realistisch beeld te geven.

Bent u tevreden over de rol die u zelf heeft gespeeld?

Ik ben tevreden en ook dankbaar dat ik dit heb mogen doen. Tegelijkertijd ben ik me ook zeer bewust van de beperkingen die de politiek soms oplegt. Maar alles wat ik wilde zeggen, heb ik kunnen zeggen. Ik heb gedaan wat ik kon doen. In de laatste anderhalf jaar heb ik heel intensief contact gehad met de oppositie, zeg maar de mensen in het veld. Dat heeft naar mijn gevoel toch wel zoden aan de dijk gezet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.