interviewsigrid kaag

‘We denken dat we tolerant zijn en vrouwen en mannen gelijk behandelen. Dat is niet zo’

Sigrid Kaag: ‘Vertrouwen in de politiek begint ook dáár – kiezers laten zien dat het geen eenheidsworst is geworden.’ Beeld Rebecca Fertinel
Sigrid Kaag: ‘Vertrouwen in de politiek begint ook dáár – kiezers laten zien dat het geen eenheidsworst is geworden.’Beeld Rebecca Fertinel

D66-leider Sigrid Kaag wil de eerste vrouw in het Torentje worden. Maar vooral wil ze leiderschap tonen: duidelijke keuzen maken en afrekenen met de managerspolitiek van Mark Rutte.

Wat doet u als u op 18 maart wakker wordt en D66 76 zetels heeft?

‘Eerst mezelf knijpen: is dit een slaapdroom of zo? Het tweede wat ik ’s ochtends altijd doe, is een kopje thee maken met melk erin. Dan Rutte een bloemetje sturen, en een biografie van een oude componist. Daarna: zo snel mogelijk gratis kinderopvang invoeren. Dat is ontzettend belangrijk voor de vroege taalontwikkeling van kinderen. Ook biedt het een oplossing voor ouders die willen werken, maar dat nu niet kunnen. Daarnaast is het een concreet antwoord op de toeslagenaffaire.

‘Je ziet dat kinderen in kansarme wijken al vroeg een taalachterstand oplopen. Dat automatisme willen we doorbreken om een gelijkwaardiger samenleving te creëren. Gratis kinderopvang betekent ook indirecte steun voor de economie. Als meer ouders kunnen werken, ook vrouwen, draait de economie beter.’

Welke coalitie heeft uw voorkeur?

‘Zo denk ik niet. Voor mij is een progressief kabinet, vanuit de inhoud gedacht, het meest wenselijk. Als je leest wat in de vorige verkiezingsprogramma’s van VVD en CDA staat over klimaat, zou je nooit verwachten dat dit kabinet zo’n groen klimaatakkoord zou sluiten. CDA en VVD wilden respectievelijk 100- en 200 miljoen euro in onderwijs investeren; dankzij onze inbreng is dat 2 miljard geworden. Ik wil bekijken op welke inhoudelijke keuzen we andere partijen kunnen vinden. We willen regeren!’

GroenLinks wil een stembusakkoord met PvdA en D66, dus vooraf afspreken dat deze drie partijen elkaar vasthouden in de formatie.

‘Dat is sympathiek, maar niet handig. Ik denk dat onze partijen elkaar op een aantal progressieve thema’s vanzelf vinden. Maar ik wil graag progressief Nederland leiden door de liberale VVD’ers naar D66 te halen. Ook de progressieve CDA’ers wil ik duidelijk maken dat de plek voor ambities en idealen bij ons is. Als we voortijdig stembusakkoorden sluiten, kunnen we bepaalde kiezers niet meer voor ons interesseren.’

Kiezers die klimaat en progressieve thema’s belangrijk vinden, zullen nu denken: ik zit veiliger bij Klaver of Ploumen.

‘Een kiezer wil ook weten of je eventueel gaat regeren. Een stem op GL of de PvdA is de vorige keer verloren gegaan. Wij hebben in 2017 een grote verantwoordelijkheid op ons genomen, ook voor het klimaat. Zijn we tevreden over alles wat we sindsdien hebben bereikt? Nee. Als de andere coalitiepartijen eerlijk zijn, zullen ze hetzelfde zeggen, want we sloten compromissen met elkaar.

‘Het compromis is de ultieme manier om respect voor de mening van een ander te tonen. Maar een compromis moet niet de kleinste gemene deler worden. Compromissen moeten niet moeilijke keuzen uit de weg gaan, zoals we nu al een lange periode hebben gezien. Het is blijkbaar makkelijker elkaar als coalitiegenoten een beetje te managen dan om heldere keuzen te maken.’

Had u in de ministerraad het gevoel dat het een managersploeg was?

‘Jazeker.’

Wat heeft u geleerd als coalitiepartner in Rutte III?

‘We moeten weer regeerakkoorden sluiten op basis van strategische hoofdlijnen, in plaats van zo’n gedetailleerde notariële akte op te stellen. Het coalitieoverleg op maandag holt het dualisme tussen kabinet en parlement uit. De rol van de Kamer als controlerend orgaan moet sterker worden.

‘Wij willen daarnaast meer leiderschap. Het gebeurt te vaak dat we commissies om advies vragen, waarna het kabinet dan toch de knoop niet durft door te hakken omdat de voorgestelde oplossing te gevoelig ligt – denk aan de commissie-Remkes over de stikstofaanpak. De politiek kampt met een verantwoordelijkheidsprobleem.’

Alle kabinetsbesluiten worden in het coalitieoverleg voorgekookt. De ministerraad is er slechts om besluiten af te hameren. Hoe wilt u afdwingen dat dit verandert?

‘Je kunt als partij best zeggen: zo willen wij niet meer werken. Ik weet dat andere partijen dit ook niet hebben ervaren als de meest effectieve regeermethode, want je verliest je zichtbaarheid. Je eigen leden en kiezers weten dan soms niet meer waar jij als coalitiegenoot voor hebt gestaan. Wordt het lastiger als we het anders doen? Zeker. Maar het wordt ook transparanter en daardoor eerlijker.’

Dus u wilt het coalitieoverleg afschaffen?

‘Ja. Mark Rutte vindt dat handig, maar ik denk dat je het alleen moet inzetten op crisismomenten. Vertrouwen in de politiek begint ook dáár – kiezers laten zien dat het geen eenheidsworst is geworden. Het is niet goed voor het aanzien van de politiek als mensen het idee krijgen dat alles in achterkamertjes gebeurt.’

U spreekt vaak over politiek leiderschap. Waarom?

‘Waarden moeten weer centraal staan. Dat kunnen waarden in de economie zijn of waarden die bepalen hoe je de samenleving wilt inrichten. In Den Haag is door velen jarenlang over racisme gesproken in de vorm van incidentenpolitiek. Totdat Black Lives Matter opkwam en iedereen een soort aha-erlebnis had.’

Zijn de kabinetten Rutte te veel weggebleven van moreel leiderschap?

‘Angela Merkel vind ik een voorbeeld voor velen. Zij durft draagvlak te creëren waar het niet is. Leiderschap is niet: achter de troepen aanlopen als er draagvlak is. Leiderschap is zeggen: dit is de beste manier. Laat je daar op afrekenen, volg niet alleen de peilingen. Ook premier Jacinda Ardern in Nieuw-Zeeland zegt niet altijd wat iedereen wil horen. En ja, daar kun je als leider om weggestuurd worden. Het gaat niet om aan de macht blijven, het gaat om het verschil maken. Daarvoor ben ik de politiek ingegaan.’

Als lijsttrekker krijgt u kritiek omdat u lang in het buitenland hebt gewoond en weinig voeling zou hebben met de Nederlandse samenleving.

‘Ik kwam elke twee maanden terug, las Nederlandse kranten, mijn kinderen studeren hier. Ik kom in alle wijken en op alle plekken; niet als minister maar als privépersoon. Ik heb familieleden die kapper zijn, die bakker zijn, ik ken mensen die geestelijke problemen hebben. Ik ben een gewoon Nederlands mens. Als mensen mij dat etiketje willen opplakken, ben ik tegenwoordig oud genoeg om te denken: doe maar lekker.’

Bent u verbaasd dat uw huwelijk met een Palestijn een punt van discussie is?

‘Ik had niet verwacht dat men op sociale media, en dan bedoel ik PVV en Forum in het bijzonder, zo stelselmatig zou inzoomen op de associatie ‘Palestijn-slecht-terreur-islam’. Laatst nog zo’n Jack van Gelder die me op Twitter mevrouw Al-Quag noemt, verkeerd gespeld overigens. Ik heb nooit de naam van mijn man aangenomen. In 1993, toen ik trouwde, deden veel vrouwen dat al niet meer. Ik vind het verbazingwekkend dat ik als minister en vrouw met dertig jaar carrière wordt aangesproken op mijn echtgenoot. Dat gebeurt mannelijke politici niet. Tenzij ze er zelf over praten omdat het goed voor hun campagne is, of voor hun profiel.’

‘Nadat ik lijsttrekker was geworden, werd ik tijdens een radio-interview vooral over mijn man bevraagd! De Universiteit Utrecht doet met de Groene Amsterdammer onderzoek naar seksisme op sociale media tegen vrouwelijke politici in Nederland. Dat levert opzienbarende conclusies op over hoe vrouwen met een mening worden weggezet.’

Sigrid Kaag: 'Ik vind het verbazing­wekkend dat ik als minister en vrouw met dertig jaar carrière wordt aangesproken op mijn echtgenoot.’ Beeld Rebecca Fertinel
Sigrid Kaag: 'Ik vind het verbazing­wekkend dat ik als minister en vrouw met dertig jaar carrière wordt aangesproken op mijn echtgenoot.’Beeld Rebecca Fertinel

Vrouwenhaat is geen specifiek Nederlands probleem, waarom verbaast u dit?

‘Het is in Nederland erger als je het vergelijkt met onze zelfperceptie. We denken dat we tolerant zijn en vrouwen en mannen gelijk behandelen. Dat is niet zo. Kijk naar mijn Twitterkanaal, dan kun je zien wat misogynie is. Dit overkomt heel veel vrouwen. Van mannelijke lijsttrekkers wordt voetstoots aangenomen dat ze premier willen worden, terwijl er bij mij verbaasd wordt gereageerd.’

Wat kan een overheid doen tegen de manier waarop vrouwen met ambitie in Nederland nog steeds behandeld worden?

‘Het is sowieso belangrijk dat ook mannen zeggen: ‘Dit is niet oké, dit aanvaarden we niet’ en ander gedrag etaleren. Het tweede is: onderwijs, onderwijs, onderwijs. Maak het bespreekbaar. Een grote rol bij de aanpak van onlinehaat is ook weggelegd voor Google, Facebook en Twitter.’

Iets anders wat u wordt verweten: u zou elitair zijn. U zei in het AD dat u voor een dubbeltje geboren bent. Toch: uw moeder was onderwijzeres en uw vader klassiek pianist. Dat klinkt niet als een arbeidersmilieu.

‘Wat ik bedoelde, is dat mijn ouders niet rijk waren. Ik ben opgegroeid in een huurflat met twee slaapkamers. Ik heb kunnen studeren dankzij studiebeurzen. Ik heb schoongemaakt, was toiletjuffrouw, heb mezelf gemaakt tot wie ik ben. Dat is niet elitair, dat is de kansen benutten die je krijgt.’

Het milieu waarin kinderen opgroeien is belangrijker voor hun kansen dan het inkomen van de ouders. Uw ouders waren goed opgeleid. Die voorsprong heeft u als kind wel gekregen.

‘Klopt. Maar ik heb ook in pleeggezinnen gewoond. Als 13-jarige werd ik bij het sterfbed van mijn moeder geroepen en daarna ging ik bij wildvreemden wonen. Mijn moeder lag een jaar in coma en heeft bijna twee jaar in een revalidatiecentrum gezeten. En mijn vader lag in een sanatorium. Ik gun niemand mijn jeugd.’

Hoe hebben die ervaringen u gevormd?

‘Die maken je vroeg zelfstandig en leren je dat eenieder geraakt wordt door het leven. Daarom strijd ik voor kansengelijkheid in Nederland. Ik weet dat veel talent verloren gaat – juist bij kinderen en jonge mensen – als de maatschappij het niet dusdanig regelt dat iedereen die valt ook weer kan opstaan. Mijn zus en ik hadden onder die omstandigheden heel makkelijk kunnen ontsporen. Maar we hadden beschermende pleeggezinnen en daarna moesten we onszelf herpakken.’

Als u terugdenkt aan dat meisje van 13, wat voor meisje was u?

‘Ik kon gelukkig goed leren. Ik deed veel aan sport, was extravert en noodgedwongen erg zelfredzaam. Ik heb altijd een onafhankelijke geest gehad. Je moet wel de juiste bagage hebben en dat is opleiding.’

U heeft gewerkt in landen waar de strijd om het bestaan aan de oppervlakte ligt. Nederland is daarbij vergeleken goed op orde.

‘Ja en nee. Ook hier zijn een miljoen armen en 260 duizend kinderen die in armoede opgroeien… In een land dat zo welvarend is, moeten we echt inzetten op welzijn. Daarom willen wij een verhoging van het minimumloon.’

In andere landen is aanzienlijk meer te verbeteren. Waarom wilt u zich, met uw ervaring in conflictgebieden, inzetten voor Nederland?

‘Ik wil bouwen aan een Nederland waarin iedereen kan dromen en kan worden wat hij wil. Een Nederland waarin niemand wordt uitgesloten op de arbeidsmarkt. Waarin ook Ahmed en Mustafa een woning kunnen huren en niet geweigerd worden vanwege hun naam. En waar kinderen van arme ouders toch kunnen studeren dankzij de studiebeurs. Dat we de economie echt vergroenen en daarin koploper worden. En dat we weer bij Europa horen als een leidende, stuwende kracht.’

Ondertussen waarderen de kiezers Ruttes managersaanpak, gezien de peilingen. Hij zegt nu: we moeten in de campagne geen beloften doen, maar samen proberen uit deze crisis te komen. Daarmee haalt hij de ideologie uit de verkiezingen. Hoe wilt u dat doorbreken?

‘Campagnevoeren tijdens corona is lastig voor alle partijen behalve één. Het is een politieke keuze van Rutte het niet over de toekomst te willen hebben. Voor Nederland zou dat strategisch gezien een enorme gemiste kans zijn. Als we door blijven kabbelen zoals we de laatste tien jaar deden, neemt de kansenongelijkheid toe, halen we de klimaatambities nooit en zal de rechtsstaat verder verzwakken. Als progressieve partij moeten we schetsen hoe verandering wél mogelijk is, en hoe de politiek daar leiderschap aan kan geven.’

CV

1961 Geboren op 2 november in Rijswijk

Opleiding: o.a. studie Arabisch, Utrecht; internationale betrekkingen, Oxford; Politiek en Economie van het Midden-Oosten, Exeter

1988-1990: analist bij Shell in Londen

1990- 1993: ministerie van Buitenlandse Zaken, afdeling politieke VN-zaken

1994-2017: diverse functies bij de Verenigde Naties, waaronder programmamanager bij United Nations Relief and Works Agency in Jeruzalem, kabinetschef van Unicef in New York en leider van de missie voor de vernietiging van chemische wapens in Syrië

2017: minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

Sigrid Kaag is getrouwd en heeft vier kinderen

Vijf programmapunten

Vier dagen per week gratis kinderopvang voor elk kind

Studiebeurs van 400 euro voor kinderen wier ouders minder dan 70.000 euro per jaar verdienen

Voor 2030 een miljoen woningen bouwen

CO2-uitstoot in Nederland en Europa voor 2030 verminderen met 60 procent en met 75 procent voor 2040

Meer rechters aanstellen en meer geld voor sociale advocatuur

De belangrijkste verhalen en het laatste nieuws over de verkiezingen leest u hier.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden