Water is wapen in Midden-Oosten

Deze week is het vijf jaar geleden dat Israël en Jordanië een vredesverdrag sloten. De verdeling van water blijft een probleem....

Hoe verdeel je een tekort? Zo vat een Jordaanse politicus het probleem samen dat zijn land dit jaar op de rand van een diplomatieke crisis met Israël bracht. Het gaat om water, een schaars goed in het Midden-Oosten, zeker in het droogste jaar van het decennium.

Israël is verplicht Jordanië jaarlijks aan aanzienlijke hoeveelheden water te helpen, krachtens het vredesverdrag van oktober 1994. Begin dit jaar draaide Israël de kraan langzaam dicht. 'We hebben het verdrag niet geschonden', beweert Meir Ben-Meir, de hoogste overheidsfunctionaris op het gebied van waterbeheer en -verdeling. Tegen het einde van de bloedhete zomer kreeg Jordanië van Israël toestemming om water te putten uit de Yarmouk-rivier, die de grens vormt tussen Israël, Syrië en Jordanië.

Het is echter letterlijk een druppel op een gloeiende plaat. Volgens een Jordaanse oud-minister van Water, Haddadeen, heeft zijn land voldoende water voor 1,2 miljoen mensen. Jordanië telt bijna vier maal zoveel inwoners.

Haddadeen en Ben-Meir kruisten onlangs de degens tijdens een symposium in Tel Aviv, gewijd aan het vredesverdrag. Een oorlog om water tussen de buurlanden, zoals die in 1979 dreigde, is volgens Ben-Meir en Haddadeen niet meer denkbaar, maar het vredesverdrag is geen garantie tegen diplomatieke en politieke crises.

Volgens Ben-Meir bestaan in Jordanië 'onrealistische verwachtingen', en wordt het vredesverdrag er 'verkeerd geïnterpreteerd'. Haddadeen beticht de Israëli's ervan weg te lopen voor hun historische 'verantwoordelijkheden'. De stichting van de staat Israël in 1948 en de Zesdaagse Oorlog van 1967 leidden tot een stroom Palestijnse vluchtelingen, die met hun nageslacht nu de meerderheid van de Jordaanse bevolking vormen.

Water is niet alleen een probleem in de betrekkingen tussen Israël en Jordanië, maar ook een van de delicate onderwerpen die Israël en de Palestijnen hebben 'bewaard' voor de slot-onderhandelingen over een vredesregeling. Nog luider dan in Jordanië klinkt onder Palestijnen het verwijt dat Israël zich rijkelijk bedeelt, ten koste van anderen. Israëli's verbruiken per jaar vijf tot tien keer zoveel water als Palestijnen. Die zijn voor hun water vrijwel geheel afhankelijk van Israël.

Israël werpt tegen dat het zelf met een groeiend tekort kampt. De waterleveranties aan boeren werden dit jaar met tientallen procenten beperkt. Een paar weken geleden daalde het peil in het Meer van Galilea voor het eerst beneden de zogeheten 'rode lijn'. Strikt genomen had toen het putten van water uit Israëls grootste reservoir gestaakt moeten worden. Dat gebeurde niet, ondanks waarschuwingen van milieudeskundigen dat de toekomstige voorziening van (drink)water gevaar loopt.

'Watercommissaris' Ben-Meir is zich daarvan bewust, maar ziet nog geen alternatief. Ontzilting van zeewater is kostbaar en biedt op korte termijn geen soelaas. 'We hebben extra water nodig.'

Politici hebben die boodschap begrepen. Premier Ehud Barak sprak deze week tijdens een bezoek aan Turkije over de import van water. Israëli's noemen diverse mogelijkheden om het te vervoeren: per tanker, in enorme plastic containers die door schepen worden voortgesleept, of via een nog aan te leggen pijpleiding in de Middellandse Zee.

En dan is er nog een vierde optie: transport van water over land, via Syrië. Daarvoor heeft Israël een nieuw vredesverdrag nodig, en ondanks optimistische geluiden wijst niets erop dat Barak en de Syrische president Assad elkaar binnenkort de hand drukken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden