Wat was nu eigenlijk nieuw in het nieuws?

Voorstel: een wekelijks overzicht waarin de redactie de berichtgeving..

uit en over de Bijlmer-enquête tegen het licht houdt en aangeeft wat nu echt een onthulling is en wat al bekend was. Een lezer uit Heelsum

lijkt dat wel wat.

Het moet deze lezer van het hart dat hij na anderhalve week parlementaire enquête door de bomen het bos niet meer ziet. Zo'n overzicht kan nog wel eens extra nuttig blijken, denkt hij, nu er ook

kritiek doorklinkt op de sensationele manier waarop de enquêtecommissie soms te werk gaat.

De chef van de verslaggeverij kan zich wel voorstellen dat lezers in verwarring raken. Al is het alleen maar door de vele media die ieder op een eigen manier en met eigen accenten verslag doen van deze parlementaire enquête. En al die media willen daaraan ook weer zelf als eerste nieuwe gegevens, ontwikkelingen, vondsten en analyses toevoegen. 'Scoren' heet dat in het journalistieke jargon.

En - of ze het willen of niet - al die media beïnvloeden ook nog elkaar. Dat maakt het knap lastig om de eigen lijn te blijven volgen die een redactie zich voorneemt bij het uitzoeken van een kwestie.

Ook voor journalisten blijkt het een helse klus om vast te stellen of

de berichtgeving uit de commissie of van de concurrentie nieuw is of niet. Grondige dossierkennis is dan eigenlijk een voorwaarde, maar ik

weet dat maar weinig journalisten toekomen aan het doorspitten van complete, omvangrijke en complexe dossiers als dat van de Bijlmerramp.

Hét belangrijkste nieuws, zegt een van de verslaggevers, terugkijkend

op de eerste weken van de enquête, was 'de onthulling': het verzwegen

telefoontje dat later niet echt verzwegen zou blijken. Voor de redactie drong zich de vraag op wie die man bij El Al was die de verkeersleiding had gebeld, en of hij wist waarover hij het had.

De verslaggever had namelijk het rapport van de commissie-Hoekstra doorgenomen, die afgelopen zomer een onderzoek had ingesteld naar de lading van de Boeing. Die commissie was nagegaan wat er op de avond van de ramp precies was gebeurd en had gerapporteerd dat al om half negen 's avonds de ladingspapieren, inclusief de lijst met gevaarlijke stoffen voor de gezagvoerder, langs officiële kanalen aan

de politie was doorgegeven.

Op grond van deze kennis rees bij de redactie twijfel of de complot-achtige impact van de ondervraging door commissielid Augusteijn wel terecht was. Daaruit was immers de suggestie naar voren gekomen dat willens en wetens hulpverleners waren blootgesteld aan gevaarlijke stoffen. Deze twijfel werd - naast de verslaggeving over de enquêtezittingen zelf - de leidraad in de redactionele aanpak.

De politieke commotie die volgde op de onthulling was een nieuw feit en de krant heeft er vanzelfsprekend over bericht. Alle twijfels hadden het niet eens kúnnen verhinderen. De verslaggever: 'Journalisten worden op zo'n moment door reacties overspoeld. Die eerste 24 uur worden ze bedolven onder meningen. Tijdgebrek gaat dan een rol spelen.'

Nog dezelfde week kreeg de redactie de transcriptie in handen van de band van het verzwegen telefoontje. Daaruit kwam een ander beeld te voorschijn van wat in luchtvaartkringen onder gif en explosieven kan worden verstaan. En wat een uitdrukkelijk verzoek van El Al om geheimhouding zou zijn geweest, lijkt vooral een 'onder de pet houden' om voorlichtingstechnische redenen, waar geen El Al'er aan te

pas kwam.

Hoe beter de redactie vasthoudt aan de eigen onderzoekslijn en zich niet door anderen van de wijs laat brengen, des te sneller wordt het mogelijk om vast te stellen wat klopt en niet klopt. Dat is vooral van belang op cruciale momenten, als er weinig tijd is wegens de deadline, zegt de verslaggever. Maar de journalist moet wel ook zijn eigen keuze durven te maken. Desnoods tegen de heersende opvattingen en golven van emotie in. Dat zal nooit voor honderd procent lukken, maar hoe hoger hij op die schaal zit, des te helderder de informatie voor de lezer zal zijn, verwacht hij.

Tijd blijkt telkens weer een lastige factor voor goed journalistiek werk, terwijl 'snel, snel, snel' toch het vertrouwde beeld is van het

vak. Inderdaad. Nederlandse journalistiek is veelal meningen-journalistiek. Het 'wat ging er door u heen' overheerst, terwijl het om onderzoek van feiten zou moeten gaan. Maar het kost nu

eenmaal tijd om de feiten goed boven tafel te krijgen en ze dus te scheiden van geruchten en verdichtsel.

Alles moet tegenwoordig snel, tot en met de eerste onderzoeken naar de Bijlmerramp en de recente 'zuiverende' maatregelen van het kabinet

toe. Die praktijk pakt niet steeds goed uit. Wat de journalistiek betreft moet de lezer er toch op kunnen rekenen dat snel en zorgvuldig geen contradictio is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden