Analyse Iran-akkoord

Wat voelen Nederlandse bedrijven in Iran van terugtrekken VS uit atoomdeal?

Tweeënhalf jaar lang konden Nederlandse bedrijven sanctieloos zakendoen in Iran. Wat heeft dit opgeleverd en wat betekent Trumps besluit om zich terug te trekken uit de atoomdeal?

Hans Nijkamp (links), vice-president bij Shell, schudt de hand van Nouredin Shahnazizadeh, directeur van de Iranian Petroleum Engineering and Development Company (PEDEC) in 2016 Foto EPA

De vruchtbare economische gronden van Iran lagen na de atoomdeal uit 2015 plotseling klaar om bewerkt te worden. De toenmalige ministers Koenders, Schultz en Kamp reisden meermalen af om het ruwe wingebied in wording alvast te effenen. De Nederlandse bedrijven hoefden slechts nog te zaaien en oogsten in het hoogopgeleide land vol olie, gas en een schreeuwend tekort aan water en efficiënte landbouwmethoden.

‘Er lagen allerlei kansen’, zegt Angélique Heijl van VNO-NCW verwijzend naar de Nederlandse agrarische-, water- en energie-expertise. ‘En dus gingen we kijken.’ Vooruitlopend op het opheffen van de sancties begin 2016 was de ondernemingsorganisatie al met minister Henk Kamp (Economische Zaken) mee naar Iran. Tientallen Nederlandse bedrijven uit de land- en tuinbouw, olie- en gassector, infrastructuur en de gezondheidsbranche volgden in meerdere missies, in de hoop te profiteren van het onontgonnen, relatief welvarende land met 80 miljoen inwoners.

Wat hebben die bezoeken opgeleverd? En wat blijft ervan over nu de Verenigde Staten uit het akkoord stappen dat investeringen en handel vanuit Europa mogelijk maakte in Iran?

Weinig opgeleverd

‘Wat het heeft opgeleverd? Weinig’, zegt Ronald van den Burg, directeur van Amsteland International. Hij ging begin 2016 mee met een mkb-handelsreis in de hoop kleine afvalwaterzuiveringsinstallaties te kunnen bouwen voor de Iraanse regering. Maar hij kon geen financier vinden. ‘Bij Nederlandse banken hebben we het niet eens geprobeerd, want die deden het sowieso niet’, zegt hij. ‘Dat werd meteen al duidelijk.’

Terwijl banken juist door het wegvallen van een aantal sancties weer zakentransacties met Iran konden ondersteunen. Maar ING bevestigt dat het beleid ook na het opheffen van de sancties bleef: ‘Geen transacties in of met betrokkenheid van Iran faciliteren.’ ABN Amro zegt altijd terughoudend te zijn geweest. ‘Er bleven een aantal sancties van kracht, het was uitkijken dat je niet per ongeluk iets financierde waar een verboden onderdeeltje in zat.’ 

Want voor een verdwaald Amerikaans boutje in een aan Iran verkochte tractor, kon de bank aansprakelijk worden gesteld, weet een woordvoerder van de Nederlandse Vereniging van Banken. ‘Die boetes uit de VS waren niet mals.’

Toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders ontmoet de Voorzitter van het Iraanse Parlement Ali Larijani (R) in Teheran in 2015 Foto ANP

Belangen in VS

Daar komt bij dat Nederlandse banken grote belangen hebben in de VS, en die zetten ze liever niet op het spel door zaken te doen in Iran, zegt Heijl van VNO-NCW. ‘Duitse en Oostenrijkse banken hebben dat minder, en dat zag je terug in hun activiteit in Iran.’ Bovendien zijn de systemen van Iraanse banken verouderd, waardoor internationale transacties ook in de sanctieloze periode maar moeilijk van de grond kwamen. De boel synchroniseren bleek nog niet zo gemakkelijk. 

De bedrijvigheid van Nederlandse bedrijven trok desondanks aan door het atoomakkoord, blijkt uit CBS-cijfers. Na de gefaseerde invoering van het sanctiepakket tegen Iran in 2010 kelderde aanvankelijk de export vanuit Nederland naar de Islamitische Republiek van 600 miljoen euro naar 250 miljoen in 2013. Maar met het akkoord van 2015 in het vooruitzicht steeg de export alweer langzaam richting het niveau van voor de sancties, om vorig jaar te pieken op ruim 1 miljard euro aan exportwaarde.

Want genoeg bedrijven zagen onder de complexe omstandigheden toch kansen in Iran. Doordat ook de barrières wegvielen voor de olie- en gassector, onderzocht bijvoorbeeld Shell welke rol het ‘binnen de kaders van de wet kon spelen in de ontwikkeling van Irans energiepotentieel', aldus een woordvoerder. Van boren naar olie en gas kwam het niet in de kleine tweeënhalf jaar van sanctieloosheid. Noodgedwongen wordt nu alweer op een nieuwe koers gebroed. Shell zegt 'de gevolgen van het uitvoeringsbevel van de Amerikaanse president te bestuderen'.

90 dagen

De boodschap uit het Witte Huis is nu duidelijk: ‘Amerikaanse én buitenlandse bedrijven krijgen 90 dagen om hun contracten in Iran te beëindigen.’ Bedrijven in de energiesector krijgen een half jaar om zich terug te trekken. De EU mag dan zeggen het atoomakkoord volledig te zullen blijven naleven, zakendoen in zowel Iran als de VS lijkt uitgesloten. ‘Wat je nu gaat merken’, voorspelt Heijl van VNO-NCW, ‘is dat bedrijven gaan inzien dat de zaken in VS risico kunnen lopen door Iran. En de belangen in de VS prevaleren dan, want die zijn doorgaans groter.’

Kassenbouwer VB Greenhouses, door een handelsmissie na jaren van sancties in 2015 teruggekeerd in Iran, hoeft het hoofd er niet meer over te breken. Eind vorig jaar trok het bedrijf zich terug, onder meer omdat het maar geen betalingen kon ontvangen vanuit Iran. Het bedrijf is bovendien al sinds 1971 actief in de Verenigde Staten, en directeur Edward Verbakel was bang dat het voorzetten van handelsrelaties met Iran de projecten in de VS negatief konden gaan beïnvloeden. ‘De beslissing van Trump is helaas een bevestiging van ons vermoeden dat het erg lastig zou gaan worden daar te blijven.’

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.