REPORTAGE'nieuwe hoofdstad palestina' abu dis

Wat Trump betreft wordt dit dorp de hoofdstad van de Palestijnse staat, ‘maar er is hier niets’

Een schildering van de Rotskoepel op de muur tussen het dorp Abu Dis en Jeruzalem. Vroeger kon je daar vanuit Abu Dis gemakkelijk naartoe lopen, maar door de muur is dat onmogelijk geworden. Beeld Daniel Rosenthal

Het stoffige Abu Dis, van oudsher een schaapsherdersdorp, werd onlangs op de wereldkaart gezet: volgens het ‘vredesplan’ dat president Trump onlangs presenteerde, kan dit de hoofdstad worden van de nieuwe Palestijnse staat. ‘Absurd’, zeggen de inwoners. ‘Dit is geen Jeruzalem. Hier is niets.’

Ooit was Abu Dis een prachtig dorp, zeggen de inwoners. Er stonden lage, witte huizen in uitgestrekte velden, en er was een adembenemend uitzicht op de Olijfberg en gouden Rotskoepel in Jeruzalem.

Dat uitzicht is nu verdwenen achter een acht meter hoge betonnen muur. ‘Vroeger konden we naar de Al-Aqsa lopen’, zegt Ahmed Abu Hillal, de burgemeester van Abu Dis, somber. ‘Nu moeten we ruim een uur in de auto zitten om er te komen – soms nog langer, als we worden opgehouden bij de controlepost.’

Deze week lieten de Verenigde Staten weten Israël te steunen bij de voorgenomen annexatie van de Joodse nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, maar drongen ze er bij Israël ook op aan met de Palestijnen te gaan onderhandelen volgens de lijnen van het ‘vredesplan’ dat Trump begin dit jaar heeft gepresenteerd. Daarin heeft wordt het stoffige Abu Dis, van oudsher een dorp van schaapherders, aangewezen als hoofdstad van de toekomstige Palestijnse staat. Maar Abu Hillal zit er niet op te wachten om te worden gepromoveerd tot burgemeester van een hoofdstad. ‘Nee, nee, nee’, zegt hij hoofdschuddend. ‘Dat is onacceptabel.’

Burgemeester Ahmed Abu Hillal (rechts) met een jeugdvriend op diens dak. Vroeger speelden ze onder de bomen aan de andere kant van de muur, maar voor hun kinderen en kleinkinderen zijn die onbereikbaar. Beeld Daniel Rosenthal

Het is een van de pijnlijkste en meest omstreden kwesties in het slepende conflict tussen Israël en de Palestijnen, want beiden zien Jeruzalem als hun hoofdstad. In zijn plan heeft Trump de knoop voor iedereen doorgehakt: Jeruzalem hoort bij Israël, maar de Palestijnen mogen twee buitenwijken houden. Die liggen weliswaar mijlenver uit elkaar, maar als ze door ondergrondse tunnels met elkaar en met het dorpje Abu Dis worden verbonden, kunnen ze er volgens Trump best een stad van maken. Die stad mogen ze dan Al Quds dopen, zoals Jeruzalem in het Arabisch wordt genoemd.

‘Het plan is absurd’, zegt de 26-jarige Rauhi Zaghari, die net aan het vrijdagsgebed heeft deelgenomen in een kleine moskee. ‘Al-Quds betekent ‘de Heilige’ in het Arabisch, en Jeruzalem telt talloze heilige plaatsen. Maar hier?’ Hij schudt zijn hoofd. ‘Hier is niets. Geen heilige plaatsen, geen zakenleven, geen werk, geen geld.’

Rauhi heeft een paar jaar in New York gewoond en is daarna teruggekeerd naar Abu Dis, ‘omdat hij hier hoort’. De jongeman is les gaan geven op een Palestijnse middelbare school, maar werkt nu in de supermarkt in een Israëlische nederzetting. ‘Vanwege de checkpoints duurt het anderhalf uur voor ik er ben, maar ik verdien er drie keer meer dan op school.’ En dan, met een droevig lachje: ‘Nee, inhoudelijk is het helaas niet zo bevredigend.’

Rauhi Zaghari gaf les aan een middelbare school in Palestijns gebieden, maar werkt nu in een supermarkt in een Joodse nederzetting, waar hij drie keer meer verdient. Beeld Daniel Rosenthal

‘Hoe kun je híér ooit een hoofdstad van maken’, verzucht de burgemeester, die achter het stuur van zijn auto zit en langs de grenzen van zijn dorp rijdt. De betonnen muur is overal: hij doemt op aan het einde van een straat, staat zomaar bij iemand in de achtertuin en slingert buiten de bebouwde kom als een slang door het heuvelachtige landschap. Forse stukken grond zijn sinds de Oslo-Akkoorden bestempeld als ‘Area C’, wat betekent dat het onder voorlopig Israëlische gezag staat en er niet gebouwd mag worden. ‘We barsten uit onze voegen, maar dit is allemaal Area C’, zegt Abu Hillal. ‘We mogen dus niet bouwen. Geen weg, geen school, geen huis. Feitelijk leven we in een grote gevangenis die door de jaren heen steeds drukker wordt.’

Benauwd

Het voelt net zo benauwd in de twee wijken die volgens het Trump-plan deel kunnen gaan uitmaken van de Palestijnse hoofdstad. De eerste is het overbevolkte vluchtelingenkamp Shuafat, waar de straten zo smal zijn dat er amper auto’s doorheen kunnen. De andere is Kfar Aqab, dat helemaal is volgebouwd met illegale flats.

Een suikerspinverkoper baant zich een weg over de drukke hoofdstraat van de wijk Kfar Aqab, die naar het checkpoint Kalandia leidt. Als ze het juiste pasje hebben, kunnen Palestijnen door deze controlepost naar werk of school in Israël, al duurt de tocht soms uren. Beeld Daniel Rosenthal

Deze wijken vallen officieel binnen de stadsgrenzen van Jeruzalem, maar liggen wel aan de andere kant van de muur. Dat levert een bizarre situatie op, vertelt Mounir Abu Ashraf Zghayer, een 70-jarige gemeenschapsleider. ‘De gemeente Jeruzalem is hier verantwoordelijk voor het afval, het onderhoud van de straten, de riolering, de veiligheid – alles! Daar betalen we ook belasting voor. Maar ze komen hier bijna nooit en doen bijna niets. Het is te gevaarlijk aan deze kant van de muur, zeggen ze.’

Magneet

Toch werkt de wijk als een magneet op Palestijnse families. In Jeruzalem zijn de woningen onbetaalbaar, maar omdat Kfar Aqab aan de andere kant van de muur ligt, zijn de woningen hier veel goedkoper. Tegelijkertijd behouden de inwoners wel hun rechten als Israëlische ingezetene, zoals bijvoorbeeld de goede zorgverzekering, omdat ze op papier in Jeruzalem wonen. Als ze zouden verhuizen naar een flat verderop in de straat, waar de grond net in Palestijns gebied valt, wordt hun vuilnis wel opgehaald (door de Palestijnse Autoriteit), maar zijn ze hun Israëlische rechten kwijt.

Gemeenschapsleider Mounir Abu Ashraf Zghayer (die in een straatje woont waar alle panden van hem en zijn broers of ooms zijn) praat met een groep jonge mensen. Beeld Daniel Rosenthal

De wijk is een doolhof: overvolle woningen die tegen elkaar aanleunen, straten zonder naam, steegjes vol modder en bouwmaterialen, en overal skeletten van nieuwe appartementencomplexen. De drukke hoofdweg leidt naar Kalandia, een enorm checkpoint, waar Palestijnen met het juiste pasje na controle doorheen mogen – al kost het ze soms uren.

‘Als het de kans krijgt, loost Israël ons met liefde’, zegt Zghayer bitter. ‘De autoriteiten nemen geen enkele verantwoordelijkheid voor deze wijk, wat allerlei problemen veroorzaakt die ze niet willen oplossen. Door dat plan van Trump zijn ze straks van die verantwoordelijkheid af.’

lees ook

Vijftig oud-regeringsleiders en buitenlandministers: ‘Trumps Midden-Oostenplan herinnert aan apartheid’
Het recente Amerikaanse plan voor vrede tussen Israël en de Palestijnen heeft kenmerken van apartheid. Dat is het harde oordeel van een brief die eind februari werd gepubliceerd en ondertekend door vijftig voormalige regeringsleiders en ministers van Buitenlandse Zaken uit heel Europa. 

Israëlische kolonisten over het plan van Trump: ‘We zijn hier al 3.500 jaar’
Duizenden jaren droomden Joden van terugkeer, en bewoners van de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever zijn blij dat Trump hun rechten heeft erkend. ‘Wij horen hier’, zeggen zij. ‘En het is goed als de Palestijnen horen dat wij nooit meer vertrekken.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden