Column

Wat jammer, geen pontjes in Rotterdam

De veerpont over het IJ in Amsterdam.Beeld anp

In de negen jaar dat ik nu in Rotterdam Charlois woon zijn er nauwelijks weekenden geweest dat ik niet in Amsterdam logeerde. Vandaar dat ik meen beide steden best goed te kunnen vergelijken. Als Rotterdamse mokumse (of andersom) vind ik dat ze een inspiratiebron voor elkaar kunnen zijn.

Amsterdam Noord is net als Rotterdam Zuid een lappendeken van volksbuurten, probleemwijken en opkomende hotspots, vanuit het hart van de stad gezien aan de overzijde van een gapend gat water, het IJ en de Maas. Amsterdam Noord is de laatste jaren volop in ontwikkeling, en in afwachting van de Noord-Zuidlijn die het centrum eindelijk snel bereikbaar maakt. Tot die tijd voldoen de pontjes, en die zijn geweldig.

Als Amsterdamse import in Rotterdam Zuid zeg ik: gun ook Rotterdammers pontjes van Noord naar Zuid. Ik weet niet wat het Nationaal Programma Rotterdam Zuid allemaal doet, behalve nogal bombastisch alle problematiek benoemen. Ik zou zeggen, begin met iets simpels. Ook in mijn buurt, waar creatieven neerstreken - omdat je hier nog een grootstedelijke omgeving hebt met ruime, uiterst betaalbare herenhuizen - steekt het fenomeen bakfietsmama de kop op. Laat staan op de Kaap en de Kop van Zuid, wat al yuppenenclaves zijn. En bakfietsmama's, hoogopgeleid, creatief, fladderig, wakkeren hoogstpersoonlijk de 'gentrification' aan, waar kansarme buurten zo naar snakken. Want het helpt, het verandert de sfeer in een buurt. Maar hoe krijg je dat voor elkaar als je niet eens die vermaledijde bakfiets naar hartje stad kunt meenemen?

Mijn buurvrouw L., ook Amsterdamse import, uitbaatster van een zeer verantwoord kunstcafeetje in ons Charloisse straatje, waar je de Groene kunt lezen en het NRC (tot mijn ontsteltenis geen Volkskrant), verzuchtte het laatst ook al: wat jammer dat er geen pontjes zijn in Rotterdam. Ik kreeg laatst een folder in de bus van een kunstenaarscollectief dat van Charlois naar de SS Rotterdam op Katendrecht wil varen. Katendrecht is in al zijn rauwe ruigheid inmiddels de hipste plek van Rotterdam, de Fenixloodsen komen in Nederland het dichtst bij de sfeer van New Yorks meatpackersdistrict. Maar wij willen ook gewoon naar de Noordoever. Liefst vanaf het Charloisse Hoofd, op een pontje naar Het Park onder de Euromast, zodat je die deprimerende fietstunnel niet in hoeft, die overigens voor de kroostrijke fiets best pittig omhoog helt. Het andere alternatief, met kinders op de fiets over de Erasmusbrug, is voor mama's het equivalent van de Mont Ventoux.

Het is misschien een leuke ludieke actie, wat tourvedettes de Erasmusbrug over laten zoeven in bakfietsen vol dierbaar kwetterend kroost. Zelf heb ik overigens niet eens een bakfiets, maar gewoon de groter wordende kleine achterop. Halverwege de Erasmusbrug moet ik altijd hijgend afstappen, tot ergernis van de sushibezorgscooters die ondanks hun moordhaast ook de fietsstroken moeten gebruiken. Juist als het mooi weer is, zou een pontje heerlijk zijn. Waar je, wind in de haren, heerlijk even kunt uitblazen, om aan de andere oever je fietstocht weer voort te zetten.

Maar goed. Eén ding hebben Rotterdam Zuid'ers voor op hoofdstedelingen; er is al vanaf 1968 een prima Noord-Zuidlijn. Met de metro ben je in 6 tot 8 minuten vanaf het Zuidplein downtown. In zeven jaar gebouwd voor 170 miljoen gulden. Juist nu Amsterdam daar zo mee worstelt, is het indrukwekkend om op YouTube naar oude polygoonjournaals over de eerste metrolijn van Nederland, Rotterdams Noord-Zuidlijn, te kijken. In flikkerend zwart wit. De typerende commentaarstem van Philip Bloemendal beklemtoont het woord 'metro' op zijn Frans, in zijn onnavolgbare, geaffecteerde jaren vijftig-dialect. Goldfingerachtige James Bond-jazz op de achtergrond. Knap, de hydraulische technologie die noest door zompige grond boort, onder de Maas door.

Veertig jaar later heet dat bij de Amsterdamse Noord-Zuidlijn 'een riskante bouwoperatie, door de drassige Amsterdamse grond, die in de wereld zijns gelijke niet kent'. Maar goed, ik ben een leek. 35 duizend passagiers in een uur, een trein van 120 meter, elke 2 minuten. Kijk. Dát is grootstedelijk openbaar vervoer, zo kom je van A naar B. In Londen, Parijs of, nou ja, Rotterdam. Iets waar Amsterdammers vooralsnog, inmiddels diep in de 21ste eeuw, alleen maar van kunnen dromen. 3,14 miljard euro verder en jaren achter. Hopelijk is de Noord-Zuidlijn klaar in 2017. Achteraf denk je bijna: jammer dat Amsterdam niet gewoon bestelde bij de Rotterdammers.

'Joh, doe ons ook zo'n Noord-Zuidlijn. En niet lullen hè. Maar poetsen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden