Wat is snowboarden?

Wat is snowboarden?

Een verzamelnaam voor uiteenlopende sneeuwsporten die sinds 1998 aan het olympische programma zijn toegevoegd, vooral om de jeugd te interesseren voor de Winterspelen. In Sotsji staan vijf disciplines op het programma: de snelheidsonderdelen slalom, reuzenslalom en boardercross (SBX), en de freestyle-onderdelen halfpipe en slopestyle (dat voor het eerst olympisch is).


Alle disciplines maken gebruik van het snowboard, een brede glijplank waaraan de sporters met beide voeten vastzitten. Per onderdeel verschillen de snowboards, de kleding en de beoefenaars. Er zijn geen topatleten die de slalom combineren met de halfpipe of slopestyle.


De (reuzen)slalom heeft het meest weg van een skiwedstrijd, met het verschil dat er altijd twee snowboarders tegelijkertijd afdalen (parallel) over een parcours dat is bezaaid met poortjes. Die moeten zo snel mogelijk worden gerond. Het gaat om de snelste tijd.


Bij de boardercross wagen zes sporters zich tegelijkertijd aan een afdaling over een speciaal ontworpen parcours met kuipbochten, springschansen en hinderlijk bedoelde bobbels. SBX heeft veel weg van fietscross, ook wel BMX genoemd.


In halfpipe en slopestyle is snelheid ondergeschikt aan behendigheid. Het zijn jurysporten. De snowboarders worden beoordeeld op de sprongen, salto's en schroeven die ze maken als ze door de lucht zweven: de zogeheten tricks. De beoordeling gebeurt niet volgens een nauwkeurig omschreven puntensysteem, zoals in het turnen. De jury beoordeelt een algemene indruk. Het moet er mooi uitzien.


De halfpipe heeft veel weg van een langgerekte sneeuwkuil, met vijf meter hoge wanden. Snowboarders glijden van zijkant naar zijkant en springen hoog boven de wanden uit. Ze maken doorgaans vijf sprongen.


Slopestyle is een afdaling met obstakels die worden gebruikt om tricks te vertonen. Er zijn in Sotsji drie springschansen en drie rails; metalen stangen van wisselende breedte waar de snowboarders overheen glijden.


Wat voor materiaal?

Bij de slalom en de boardercross is de vorm van het snowboard toegesneden op het maken van snelheid. Ze zijn doorgaans gebouwd naar de wensen van de sporters. Het zijn stijve boards, met scherpe zijkanten zodat het board van richting kan veranderen. Springen is gevaarlijk, achteruit glijden onmogelijk.


In de freestyledisciplines luistert het minder nauw. Olympische snowboarders halen hun materiaal gewoon uit het schap van de winkel. De boards rijden flexibeler en ronder, wat helpt bij het springen en draaien.


Aan de kleding worden in het snowboarden aparte eisen gesteld. Stijl gaat voor snelheid, vorm voor functionaliteit. Aerodynamische pakken, zoals in schaatsen of skiën, zijn verboden. De kleding moet los zitten, uit twee delen bestaan en losse plooien hebben. Met de zogeheten creditcardtest onderzoekt de jury of er tussen de stof en huid voldoende ruimte zit.


Die kledingregel is vooral op de snelheidsonderdelen controversieel. Veel snowboarders proberen tijdsvoordeel te halen door strakke pakken te ontwikkelen, van aerodymisch materiaal. Het is onduidelijk of die in Sotsji gedragen mogen worden.


Wat is de kunst?

Elke onderdeel vraagt specifieke vaardigheden. De snelheidsonderdelen stellen hoge eisen aan de lichaamsbeheersing, sneeuwkennis en mentale kracht. In de directe duels is het een kwestie van risico's afwegen en grenzen opzoeken. Op de freestyle-onderdelen speelt lef een grote rol. Bondscoach slopestyle Milan Verhoop omschreef zijn discipline zo: 'Het is buiten spelen, maar dan in een wedstrijd gestopt.' De vraag is dus: wie durft zich bij de Winterspelen als een onbevangen kind te gedragen?


Telt Nederland mee?

Bij de vorige Winterspelen veroverde Nicolien Sauerbreij goud op de reuzenslalom, de eerste medaille in het snowboarden voor Nederland. Sauerbreij is opnieuw van de partij, als lid van de grootste Nederlandse sneeuwdelegatie ooit. Er doen zes snowboarders mee: twee op de slalom, een in SBX, twee in de halfpipe, een op slopestyle.


Vooral in het freestyle is Nederland kansrijk, met Dimi de Jong en Cheryl Maas. Maar de uitslagen van die onderdelen zijn grillig. Het is lang niet altijd duidelijk hoe het oordeel van de jury tot stand komt.


WANNEER OP TV?

zaterdag 9 februari, 10.15 uur: finale slopestyle vrouwen


dinsdag 11 februari, 18.30 uur: finale halfpipe mannen


zondag 16 februari, 10.45 uur: finale snowboard cross vrouwen


woensdag 19 februari, 11.43 uur: finale parallel reuzenslalom vrouwen


zaterdag 22 februari, 11.58 uur: finale parallel slalom vrouwen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden