ACHTERGROND

Wat is het plan van Obama?

Een analyse van zijn speech

Het hoge woord is eruit: de VS gaan ook in Syrië aanvallen uitvoeren op IS. Een analyse van president Obama's speech. Aan de hand van drie uitspraken, die hij woensdagnacht deed.

President Obama donderdag bij herdenking in Washington van de terreuraanslagen van 11 september. Bij de aanslagen, gisteren 13 jaar geleden, kwamen bijna 3000 mensen om het leven. Foto Jim Watson / AFP

Eén: is er een VN-resolutie nodig?

Met zijn besluit de terroristen van Islamitische Staat niet alleen in Irak te gaan aanvallen maar tevens in Syrië, heeft president Barack Obama nóg een grens overschreden: een juridische. Voor luchtaanvallen op Syrisch grondgebied ontbreekt immers een volkenrechtelijk mandaat.

Moskou sprak daarom donderdag van 'een daad van agressie en een flagrante schending van het internationaal recht'. Dat kan niet worden afgedaan als anti-westerse grootspraak. Ook de Franse regering liet weten zich te beperken tot steun aan de operaties in Irak, omdat voor militaire actie in Syrië een resolutie van de Veiligheidsraad nodig is.

Om precies die reden - het ontbreken van een VN-resolutie - veroordeelde Parijs in 2003 de Amerikaans-Britse inval in Irak. Amerika doopte french fries hatelijk om tot freedom fries, maar de geschiedenis heeft de Fransen gelijk gegeven. De regering-Balkenende sprong op de bagagedrager van George Bush en Tony Blair met 'politieke' steun voor hun optreden, en werd daarvoor zeven jaar later door de commissie-Davids op de vingers getikt: een adequaat volkenrechtelijk mandaat had ontbroken.

'Over twee weken zal ik bij een vergadering van de VN-Veiligheidsraad zijn om de internationale gemeenschap te mobiliseren om aanslagen van IS te voorkomen.'

Trappelen
En nu? Opnieuw een Amerikaanse aanval op een Arabisch land, en opnieuw zonder resolutie van de Veiligheidsraad. Het verschil is dat de meeste Nederlandse partijen die indertijd het Amerikaanse optreden afkeurden, woensdag in de Tweede Kamer stonden te trappelen om mee te mogen doen in Irak. Maar toen beseften ze niet dat ook Syrië in het pakket zou zitten. Obama had nog niet gesproken.

Het wrange is dat 3,5 jaar lang, terwijl het dodental in Syrië opliep naar bijna 200 duizend, de onmogelijkheid van een internationaalrechtelijk mandaat (in de vorm van een VN-resolutie) werd gepresenteerd als het finale argument voor niet-ingrijpen in de Syrische burgeroorlog. Het Westen heeft iets uit te leggen.

In zijn toespraak gisteren valt te proeven dat Obama daar al mee begonnen is. Impliciet werkt hij aan een juridische rechtvaardiging, ook al is hij zo wijs die kwestie niet expliciet te benoemen. Hij zegt 'terroristen te zullen opjagen die ons land bedreigen, waar ze ook zijn. Dat betekent dat ik niet zal aarzelen actie te ondernemen tegen ISIL (Islamitische Staat in Irak en de Levant, red.) in Syrië evengoed als in Irak'. Het internationaal recht heeft daar een woord voor: zelfverdediging.

Voor wat betreft de gevechtshandelingen op Iraaks grondgebied is instemming van de Veiligheidsraad - anders dan in 2003 - niet nodig. Het gewapend optreden van de Amerikanen tegen IS vindt plaats op verzoek van de Iraakse regering. Het staat Bagdad vrij andere landen om steun te vragen.

Voor de strijd in Syrië ligt dat anders. Maar hoewel een resolutie van de Veiligheidsraad had kunnen zorgen voor een breder draagvlak en twijfels over de rechtmatigheid zou hebben voorkomen, heeft de regering-Obama ervoor gekozen de VN-route niet te bewandelen. Een grote rol daarbij speelde ongetwijfeld de vrees voor een Russisch njet: Rusland heeft vetorecht. Rusland en het Westen hebben in Syrië tegengestelde belangen; de een steunt Assad, de ander wil van hem af. Moskou blokkeert al 3,5 jaar lang elk gesprek over militaire interventie in Syrië.

Dat de luchtacties niet tegen Assad gericht zijn maar tegen IS, zou de Russen mogelijk niet gerustgesteld hebben. Zij zijn extra achterdochtig geworden door het Libië-trauma van 2011, toen een VN-resolutie door het Westen in hun ogen werd misbruikt door haar maximaal op te rekken. Bovendien heeft de crisis in Oekraïne de betrekkingen tussen Moskou en het Westen afgekoeld tot onder het vriespunt.

Gezamenlijke vijand
Anderzijds worden de extremisten van IS ook door Moskou verafschuwd. De jihadisten zijn een gezamenlijke vijand van het Westen, Rusland en zelfs Iran. De door de Amerikanen uit de grond gestampte coalitie lijkt zo breed te worden, met Arabische landen en al, dat president Poetin het wellicht betreurt in z'n eentje buiten de groep te staan.

Dat de Russen bereid zijn de handen ineen te slaan tegen het extremisme, ook in VN-verband, hebben ze al bewezen. Zonder dat de wereld daar veel acht op sloeg, nam de Veiligheidsraad op 15 augustus een resolutie aan waarin landen worden verplicht jihadisme en het fenomeen van de jihadreizen hard aan te pakken. De resolutie werd zelfs aangenomen onder Hoofdstuk VII van het VN-handvest, wat betekent dat ze dwingende werking heeft.

Volgens persbureau Reuters hebben de VS een tweede, nog scherpere resolutie over het jihadisme opgesteld (hoewel zonder autorisatie voor militaire interventie). Obama zou die willen indienen als hij op 24 september een speciale zitting van de V-raad over jihadisme voorzit. Dan zal blijken wat hij nog kan herstellen van de diplomatieke schade die is aangericht door het besluit de luchtacties niet te beperken tot het Iraakse deel van het kalifaat.

Twee: Obama neemt de touwtjes in handen, maar is het geen missie zonder einde?

De wereld kijkt vol afschuw naar de gruwelen van Islamitische Staat. Toen de terreurgroep begin deze zomer opmarcheerde naar Bagdad en dreigde christelijke yezidi's af te slachten die vastzaten op een berg, sloegen de Verenigde Naties alarm en riep het Iraakse bewind om hulp. Niet voor het eerst en waarschijnlijk ook niet voor het laatst werd reikhalzend uitgekeken naar het moment dat de Amerikaanse cavalerie aan de kim zou verschijnen. Dat gebeurde. Obama haalde in zijn toespraak een yezidi-moeder aan die haar Amerikaanse redders dankte. 'Onze kinderen zullen zich altijd herinneren dat er iemand was die zich onze worsteling aantrok en van ver kwam om onschuldige levens te beschermen.'

Dat Amerika al snel in beeld komt als er ergens genocide dreigt, komt door twee dingen. Als enige land ter wereld beschikt het over een krijgsmacht met een global reach. Tot in de verste uithoeken van de aardbol kan het zijn macht doen gelden. Daarnaast heeft het een missionaire inslag. Zoals Obama zei: 'We staan voor vrijheid,voor gerechtigheid, voor waardigheid. Deze waarden hebben vanaf het begin richting gegeven aan onze natie.' Het is deze combinatie van politiek en militaire slagkracht die de president er nu toe brengt het voortouw te nemen in de strijd tegen IS.

'Als Amerikanen aanvaarden we graag de verantwoordelijkheid om de leiding te nemen.

...

Ons doel is duidelijk: we zullen IS verzwakken en uiteindelijk vernietigen met een alomvattende en langdurige contraterrorisme-strategie.

...

In juni heb ik een paar honderd Amerikaanse militairen naar Irak gestuurd om te bekijken hoe we het Iraakse leger het best kunnen steunen. Nu ze hun werk hebben gedaan, sturen we nog 475 militairen. Zij zullen geen gevechtsmissie doen en we zullen niet in een nieuwe grondoorlog verzeild raken.

...

De strategie om terroristen uit te schakelen die ons bedreigen, terwijl we partners aan de frontlijn ondersteunen, hebben we succesvol gevolgd in Jemen en Somalië.'

Maar hij beseft ook dat het Amerikaanse leiderschap een zwaard is waarmee de supermogendheid niet alleen veel goeds kan doen maar ook het nodige kwaad kan aanrichten. Bij anderen en bij zichzelf. Daarom wil Obama de campagne tegen IS heel beperkt en gericht houden. Hij wil voorkomen dat de Verenigde Staten net als eerder in Vietnam en Irak worden meegezogen in een slepende oorlog . Hij stelt nu een duidelijk doel en eindpunt: IS vernietigen.

Geen gevechtstroepen
Ter verdediging voerde Obama in zijn toespraak aan dat 'zijn' oorlog niet te vergelijken is met de oorlogen van George W. Bush in Afghanistan en Irak. Hij stuurt geen gevechtstroepen. 'We zullen niet meegesleurd worden in nieuwe grondoorlog in Irak.' Zijn strijdplan beperkt zich tot een 'anti-terreurstrategie'. Het gaat meer lijken op wat Amerika de afgelopen jaren heeft gedaan in Jemen en Somalië: de terroristen van afstand bestrijden met drones terwijl de strijd op de grond aan de regeringen wordt overgelaten. Schoon, overzichtelijk en succesvol. Het was goed geprobeerd van Obama, maar uit de eerste reacties blijkt dat hij niet helemaal wordt geloofd. 'Jemen en Somalië?', schreef een columniste.

Een feit is dat Amerika zich, dertien jaar na de aanslagen van '11 september', een nieuw front opent in zijn strijd tegen het islamitisch extremisme. 'Ik zal niet aarzelen actie te ondernemen tegen IS in Syrië, net als in Irak', zei Obama. Hij overschrijdt daarmee de rode lijn die hij vorig jaar voor zichzelf trok. Militaire inmenging in de Syrische burgeroorlog was toen nog een stap waar hij op het laatste moment voor terugdeinsde. Een jaar later breidt hij de rij islamitische landen waar Amerika sinds 9/11 militair actief was, met één uit: Afghanistan, Irak, Pakistan, Jemen, Somalië en vanaf heden Syrië. Houd het dan nooit op?, is een vraag die zich opdringt. Amerika lijkt ondanks Obama volledig verstrikt geraakt in een 'eeuwige oorlog' tegen het islamitisch terrorisme.

Een snelle uitweg is niet in zicht. De nieuwe missie is met veel onzekerheden omkleed. Als Amerika's partners op de grond het laten afweten, zal toch weer de druk ontstaan om zelf meer te gaan doen. Obama maakte in zijn toespraak bekend dat hij nog meer adviseurs naar Irak stuurt. Zij hebben geen gevechtsmissie, bezwoer hij. Maar altijd is er de schaduw van Vietnam.

De brandweer van de wereld willen zijn, is een nobel streven, maar zoals elke brandweerman weet, moet je maar afwachten wat je aantreft in het brandende huis en hoe je daar weer uitkomt.

Drie: wie gaan de VS in Syrië bewapenen?

Amerika gaat de Syrische oppositie bewapenen, zei Obama in zijn toespraak. Wat hebben Syriërs lang op die woorden gewacht, al sinds de tijd dat er nog een samenhangende gematigde oppositie was. Maar ruim drie jaar later is er van die gematigde oppositie weinig over. Met Assad wil Obama niks te maken hebben. Dus wie in Syrië gaat namens het Westen IS te lijf?

'Wij!', zei de Syrische Nationale Coalitie. De Coalitie is de papieren tijger die het verzet tegen Assad moet leiden. Maar haar leden, die vooral in dure hotels in de Golf vergaderen, zijn meer bedreven in onderling gekibbel dan in het leiden van de rebellie in Syrië. Het Vrije Syrische Leger, dat nominaal onder leiding staat van de Coalitie, smeekte tevergeefs om wapens van het Westen.

Daarom keerden steeds meer gematigde strijders zich af van de Coalitie en het Vrije Leger. Ze gingen naar de radicalen. Die hebben wel wapens en munitie. Met dank aan geld vanuit de Golf. Qatar en Saoedi-Arabië financierden de afgelopen jaren conservatieve islamisten, een paar gradaties lichter dan IS. Rijke burgers van Golflanden stuurden op eigen houtje koffers met geld naar Al Qaida en het toenmalige ISIS. Zo bloeide radicalisme in Syrië op.

'In Syrië hebben we onze militaire steun aan de oppositie opgevoerd. Ik vraag het Congres ons extra bevoegdheden en middelen te geven om deze strijders te trainen en te bewapenen. In de strijd tegen IS kunnen we niet vertrouwen op het regime van Assad dat zijn eigen volk terroriseert - een regime dat nooit de wettigheid zal terugkrijgen die het verloren heeft.'

Geen democraten
Misschien kunnen de Coalitie en het Vrije Syrische Leger met intensieve begeleiding en financiering op termijn wat gaan betekenen. Voor wie direct actie wil, zijn de opties in weinig praktisch. Het Al Nusra Front is de Al Qaida-afdeling in Syrië, slechts één gradatie lichter dan IS. De grootste en machtigste rebellencoalitie in veel delen van Syrië is het Islamitisch Front. Dat zijn salafisten, uit op een islamitische staat in Syrië. Het zijn geen koppensnellers, maar bepaald geen democraten.

De VS kunnen proberen delen van die groep terug te halen naar een eventueel Vrije Leger-in-wederopbouw. Nu zou een goed moment zijn: vrijwel het hele leiderschap is deze week opgeblazen, waarschijnlijk door IS. Maar het blijft verraderlijk: wapendonaties zouden makkelijk kunnen verdwijnen in de warenhuizen van het Islamitisch Front, dat in het verleden heeft samengewerkt met Al Nusra. Die gijzelden in augustus nog een stel VN-soldaten.

Als de VS geen betrouwbare weg door het Syrische rebellenmoeras weet te vinden, is kopiëren van het Irak-model een optie. In Syrië zijn ook Koerden, in de vorm van het PYD. En ook die vechten tegen IS, zij het zonder Amerikaanse steun. Maar de PYD in Syrië is nauw verwant met de PKK in Turkije, dat het Westen ziet als een terroristische organisatie. Bewapenen is juridisch lastig en riskeert de toorn van Turkije. Maar misschien moet het maar.

Vertrouwen
Wat Irak na 2006 redde van Al Qaida, was de 'Sahwa', het Ontwaken. Amerikanen bewapenden, trainden en financierden soennitische tribale strijders om tegen hun extremistische geloofsgenoten in Al Qaida te vechten. Dat was een groot succes. Maar Nouri al-Maliki, toenmalig premier van Irak, brak later zijn belofte om de achterban van deze mensen een eerlijk aandeel in de Iraakse regering te geven. Nu sluiten ze zich veelal weer aan bij Al Qaida's opvolger in Irak: IS.

In Irak proberen de VS en Bagdads nieuwe regering het vertrouwen van soennitische stamleden te herwinnen, zonder succes. Misschien is een Syrische sahwa wel een idee? In het oosten van Syrië zijn soennitische stammen sterk. Probleem is dat die weinig zin hebben om heel Syrië te ontdoen van IS, laat staan van Assad. Het gaat ze vooral om hun eigen stukje woestijn. Net als de Koerden. Wie weet creëren die nog hun eigen staatjes met Amerikaanse wapens.

Allemaal groepjes, allemaal opties met onvoorspelbare maar ongetwijfeld nare bijwerkingen. Het is wat Amerika zolang heeft weerhouden van actie in Syrië. Maar niets doen heeft ook nare consequenties. Zoveel is duidelijk. De vraag is alleen hoeveel voor Amerika geschikte rebellen er nog rondlopen in Syrië, en of Obama ze kan vinden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.