‘Wat heb ik zitten janken na Halle’

Manon Flier..

SCHEVENINGEN Ze had het in 2006 al voorspeld: niets zou er zo inhakken als een uitschakeling voor de Olympische Spelen. Manon Flier (24) draagt – onbedoeld – zwarte kleren, als ze het aan het strand van Scheveningen nog eens heeft over de drie maanden na de mislukking van Halle.

‘Direct na de beslissende wedstrijd tegen Duitsland besefte ik het niet zo heel goed. Ik reageerde op de automatische piloot en kwam bij de pers wat koeltjes over. Als je daarvan los bent en je gaat naar je familie en vrienden, dan pas knap je.

‘Die nacht zat ik er helemaal doorheen. En die weken en maanden erna bleef dat zo. Ik verzorgde mezelf niet goed, het kon me allemaal niks schelen. Ik had geen zin om te trainen. Het was heel zwaar. Ik kon me hooguit voor een wedstrijd opladen, voor een uurtje of twee. Daarna was het pff, morgen weer naar de zaal.

‘Er waren huilbuien. Wat heb ik zitten janken. Als we iets leuks aan het doen waren, dacht ik opeens weer terug aan die uitschakeling, het missen van Peking. Dan werd ik weer helemaal chagrijnig.

‘Ik was niet meer de Manon die ik altijd was. Ik was veel aan het klagen. Reinder (haar partner, de beachvolleyballer Reinder Nummerdor), zei: ik hoor jou anders nooit klagen. Ik wilde altijd graag naar de zaal, vond het nooit erg om te trainen. Het zonnetje in huis? Ja, eigenlijk wel.

‘Nu was ik lusteloos. Ik had minder plezier in het leven. Normaal ga ik altijd wel even onder de zonnebank, en ben ik aan het tutten en met kleren bezig. Nu niet. Ik was mezelf niet.’

Ze heeft een kekke tas naast zich staan, in vrolijke kleuren. Manon Flier, 1 meter 91 lang, staat weer wat steviger op de benen. Ze lacht, al is het niet hardop. Ze praat, al is het met veel zuchten en op zachte toon. ‘Weet je, je kunt wel blijven treuren. Maar het blijft net zo erg.

‘Het is zo hartstikke jammer. Ik was al eens uitgeschakeld, in de vorige olympische cyclus. Toen was ik veel jonger. Dat was heel anders. Nu hadden we een structurele aanpak, een echte Road to Beijing, een plan waarvoor we echt gingen.

‘Het was een investering van drie jaar, we deden alles om het te halen. En we waren op de goede weg. Minder dan een jaar geleden wonnen we de GP in China. We waren even de sterkste ploeg van de wereld. Na de mislukte EK in België en Luxemburg bleek dat we maar één kans kregen om ons te plaatsen. Het moest in Halle gebeuren.

‘Natuurlijk hadden we beter moeten presteren, dat hebben we niet gedaan bij het EK en bij het OKT in Halle. Maar het zat ons ook wel tegen. Ik vind dat wij een tweede kans hadden verdiend. Maar volleybal op internationaal niveau is net het Eurovisie Songfestival. Het is zo politiek.

‘Er werd gekozen voor Polen, omdat zij veel tv-kijkers hebben. Dat is lucratief voor de wereldvolleybalbond. Zij krijgen geld voor de tv-rechten. Misschien is er wel geld betaald, het zou me niks verbazen.

‘Dus doet Polen mee in de derde olympische kwalificatieronde. Het is al hun derde kans. Er was nog een plaatsje vrij, een plek die Kenia of Peru zou bezetten, maar daar zijn andere landen voor gevraagd: Egypte, Puerto Rico, Dominicaanse Republiek. Ze komen niet bij ons met de vraag of wij die plek willen hebben. Terwijl we op de ranglijst de eerstvolgende zijn die in aanmerking komen. Frustrerend.’

En zo wordt het een zomer die Flier zich heel anders had voorgesteld. Met vijf weken vakantie, reizend in de delegatie van de Nederlandse beachvolleyballers naar Stavanger, Gstaad en Parijs. Peking laat ze schieten. ‘Het was, ook na onze uitschakeling, de bedoeling met Reinder mee te reizen. Hij heeft zich met Richard Schuil geplaatst voor het olympisch beachtoernooi. Maar het zouden voor mij Spelen zijn, op een manier die ik niet voor ogen had.

‘Ik mag niet in het olympisch dorp. Ik heb geen officiële kaart om mijn nek. Kaartjes voor de wedstrijden zijn lastig te krijgen. Hij moet na zijn wedstrijd direct weer weg, naar het olympisch dorp, zodat ik hem nauwelijks zie.

‘Ik had er best veel geld voor over, maar het is te lastig. Ik geef nu de voorkeur aan andere toernooien. Samen op een hotelkamer, lekker eten. Dat is het voordeel van beachvolleybal. Als Reinder met de nationale vrouwenploeg meereist, zie ik hem niet zomaar gezellig op mijn kamer slapen.’

Ze zucht nog eens en proeft de gemiste kans: samen naar de Spelen. ‘Het zou voor ons heel bijzonder zijn geweest. Heel speciaal om als olympische deelnemer ook bij hem te kunnen kijken.

‘Over vier jaar is Reinder 35. Dan wil hij er nog wel bij zijn. Dat kan ook best in het beachvolleybal. Ik kan zelf nog twee Spelen mee. Ik ben nu 24. Als ik fit blijf, ben ik er in 2016 nog wel bij.’

Er gaat veel veranderen in het Nederlandse vrouwenvolleybal. De naam Bankrasmodel, voor het team van Martinus, zal wat Flier betreft blijven bestaan. Nieuwe, jonge speelsters zullen in dat team het speltype van Oranje moeten leren aan de hand van de routiniers Caroline Wensink en Francien Huurman. De rest vliegt uit.

‘Debby Stam, Kim Staelens, Chaïne Staelens, Jip van Tienen en Alice Blom zijn volwassen genoeg om naar het buitenland te gaan. Die moeten weg. Susanne van den Heuvel wil weg. Sanne Visser twijfelt tussen het buitenland en een maatschappelijke carrière. Riëtte Fledderus stopt. En Ingrid Visser gaat nog door, in Rusland. Die wil nog wel een toernooitje meepikken met de nationale ploeg.’

Ondanks al die ervaring in de ploeg lukte het niet de horde in Halle te nemen. Het blijft verbazingwekkend. ‘Als wij over Halle napraten, zeggen we dat het team niet functioneerde. Niet zoals het zou moeten. We waren, stuk voor stuk, veel te veel bezig met onszelf. Er waren eilandjes.

‘Iedereen was zo voor zichzelf aan het knokken dat we niets voor elkaar konden doen. Hoe we dat ook probeerden. Dat voel je in het veld. We waren machteloos.’

Nog een verklaring: ‘Wat ons voordeel had moeten zijn ten opzichte van Duitsland of Polen, is dat we zoveel bij elkaar waren. Zij kwamen pas een paar maanden voor dat toernooi samen. Maar misschien waren zij daardoor wel frisser in hun hoofd.

‘Bij ons was bij wijze van spreken de dag voor het toernooi dezelfde als twee maanden ervoor. Het werd een sleur. Je werkte ernaar toe, naar zo’n beslissend OKT in Halle. Maar het gevoel ernaar toe was te gewoontjes.’

Het is allemaal voorbij, allemaal besproken. Ze onderhandelt met clubs in Turkije en Italië en denkt deze maand de knoop door te hakken over haar toekomst. Haar marktwaarde is gestegen, dat staat vast. Ze is een betere volleybalster geworden. Vorig jaar werd ze tot waardevolste speelster in de Grand Prix uitgeroepen, hoger kan bijna niet.

Met coach Selinger heeft ze veel nabesproken. Ze waren het erover eens dat Nederland het beste team van de wereld was, maar niet op de beslissende momenten. Selinger werd aangesproken op zijn coaching. Flier: ‘Een eindoordeel over Avital? Nou misschien een tussenoordeel.

‘Ik denk dat hij een heel goede trainer is. Maar toen het er coachend op aan kwam, met wissels en zo, heeft het niet allemaal heel goed uitgepakt. We hebben ook toernooien wat minder goed gespeeld.

‘Maar ik heb nog steeds alle vertrouwen in hem. Ik vind dat hij de komende vier jaar maar moet bewijzen dat hij naast een heel goede trainer een heel goede coach is.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden