Wat een bloedeloze boel in het glazen huis

Niet eerder had een tentoonstellingstitel onverwachts zo'n dubbele bodem als nu. Life in a Glass House heet de expositie in het Stedelijk Museum in Amsterdam, waarin de gemeente-aankopen 2001-2002 worden gepresenteerd....

Merel Bem

Gek genoeg sluit de titel ook aan bij de situatie waarin het Stedelijk zich op dit moment bevindt. Sinds de gemeente Amsterdam bekend maakte dat de geplande nieuwbouw van architect Alvaro Siza niet doorgaat, is het héle museum een glazen huis geworden waarin elke beweging zichtbaar is.

Tussen de bedrijven door moet Rudi Fuchs zich buigen over de gemeente-aankopen: de toekomst van de museumcollectie. Wat is geschikt om de verzameling van het Stedelijk te verrijken, en wat niet? De jury, onder leiding van conservator schilder- en beeldhouwkunst Jan Hein Sassen, heeft de museumdirecteur dit jaar geen strobreed in de weg gelegd. Aan het hoge percentage schilderkunst kan Fuchs als liefhebber van dit medium zijn hart ophalen.

Uit zeshonderd inzendingen selecteerde de jury 22 kunstenaars in de leeftijd van 26 tot 83 jaar, van wie zich dertien bezighouden met teken- en schilderkunst, of daarop voortborduren. Life in a Glass House is daarmee een tamelijk tamme tentoonstelling geworden.

Bekende namen te over. Van een groot aantal kunstenaars, zoals Michael Tedja, Marijke van Warmerdam en Loes van der Horst, is in voorgaande jaren al werk aangekocht. Ook de 'nieuwkomers' zullen niemand achterover doen slaan van verbazing of verontrusting. Het werk van de onbekende Russische Tatiana Yassievich (1968), volgens Sassen een 'eigenzinnige, opvallende variant' van het impressionisme, doet zelfs nogal ouderwets en nostalgisch aan.

Op de kwaliteit van de aangeleverde werken valt - uitzonderingen daargelaten - niet zoveel af te dingen. Het schilderij van Esther Tielemans (1976), één van de winnaars van de onlangs uitgereikte Koninklijk Subsidie voor de Schilderkunst, zit doortimmerd in elkaar; en achter de abstractie van George Korsmit (1953) en Jos van Merendonk schuilt ongetwijfeld een keur aan schilderkunstige verwijzingen en associaties. Bovendien heeft de jury vastberaden en met een bepaalde visie voor ogen gekozen.

Zo wordt de schilderkunst niet alleen vertegenwoordigd door de landschapsschilders Koen Vermeule (1965) en Hans Broek (1965), bewonderenswaardige illusionisten van het platte vlak, maar ook door schilders die zich juist daarvan hebben afgewend, zoals Twan Janssen en Fransje Killaars. De videokunst levert voornamelijk vertraagde beelden op, maar wél in de lijn van de tentoonstelling. Want een vertraagde video is toch zoiets als een langzaam bewegend schilderij.

Maar allemachtig, wat een bloedeloze boel daar in de Sandberg-vleugel. Alleen Roy Villevoye en Jan Dietvorst zorgen met hun gruwzame film, waarin een abces ter grootte van een flinke grapefruit van iemands neus wordt verwijderd, nog voor wat leven in de brouwerij. Net als Berend Strik, die in samenwerking met One Architecture een ontroerend huis ontwierp voor een Amerikaanse tweeling met het Gilles de la Tourette-syndroom. Verder is het akelig rustig.

Welke keuze Fuchs straks ook gaat maken, veel ophef zal het niet geven. Want dit voorstel tot kunstaankopen sluit naadloos aan bij de koers die Fuchs al jarenlang vaart. Zo wordt de collectie van het Stedelijk Museum bijgehouden en worden oeuvres netjes aangevuld. Het is een gemiste kans dat de onafhankelijke jury dit jaar niet geprobeerd heeft Fuchs een andere kant op te sturen, juíst nu het Stedelijk Museum letterlijk aan de voorbijgangers op straat kan bewijzen dat het wel degelijk een plek heeft in de wereld van de hedendaagse kunst.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden