TipsDuurzaam op reis

Wat doe jij met je vakantie-CO2-budget in 2020? Een keertje vliegen kan best

We installeren zonnepanelen, eten minder vlees en scheiden ons afval. Maar minder op vakantie? Dat is een ander verhaal. Want reizen is verrijkend. Toch moeten we ook ons vakantiegedrag aanpassen. Dit vakantie-CO2-budget helpt je op weg.

Beeld Matthias Phlips

‘Düsseldorf-Wien!’ ‘Passagiere für ­Krakau!’ Op het winderige, schimmig verlichte parkeerterrein naast station Sloterdijk schreeuwen stewards boven het geronk uit van de af en aan rijdende internationale nacht-Flixbussen. Bij de halte wachten een paar Aziaten met reuzenkoffers, een groepje studenten met halve liters Heineken en Oost-­Europeanen die voor de Kerst naar huis gaan.

‘Ausweis!’, blaft de chauffeur. ‘Ticket!’ Mijn dochter (15) trekt haar wenkbrauw op. Dit is niet de zachte donsdeken van de luchtvaart-hospitality, al betalen we bijna hetzelfde ­bedrag voor een enkeltje (69 euro) en zal onze reis, ook zonder vertraging, vijftien uur langer duren dan een vlucht naar Wenen. Maar we reizen zonder schuldgevoel, zeg ik goedge­humeurd tegen haar uitgestreken ­gezicht. En, de duurzaamheidsgoeroes napapegaaiend: ‘Je moet er ook anders naar kijken. Reizen is een onderdeel van de vakantie. Als je in Thailand ­samen met de locals de bus neemt, is het een belevenis.’ Ze gnuift. Trouwens, we reizen met deze nachtbus zo goed als slapend. Ik druk op de ‘ligstandknop’ van haar stoel die hardnekkig in zijn 90-gradenhoek blijft staan.

Toen ik vorig jaar aangekondigde dat ik niet meer wilde vliegen, keek mijn dochter me ontsteld aan. ‘En dan gaan we zeker alleen nog maar naar Frankrijk?’ Wij wáren vergeleken met haar vriendinnen (‘wereldreis’ van drie maanden door Azië, campertocht door Amerika, wintersport in Lapland) al onwaarschijnlijk saai omdat we nooit buiten Europa op vakantie gingen, maar het kon dus nog een tandje erger. Als curling-ouder – zo een die ­iedere mogelijke teleurstellende ­hobbel voor haar kind probeert weg te poetsen – beloofde ik een oplossing.

Want eerlijk is eerlijk: op fietsvakantie naar een boerencamping in Midden-Frankrijk leek mij zelf ook de hel. Maar interrailen door Oost-Europa, was dat wat? Dat klonk avontuurlijk ­genoeg, toch? Dus gingen we rond Kerst op proef naar Wenen (de stad waarop de eerste nachttrein vanuit ­Nederland in 2020 weer gaat rijden) om de nacht-Flixbussen en nachttreinen uit te proberen.

‘Liebe Fahrgäste’, klinkt het krakend door de luidspreker als we tegen twaalven toch zijn weggedommeld. ‘De volgende stop is Frankfurt.’ En zo gaat het de hele nacht door: München, Würz­burg, Nürnberg, Regensburg, ­Passau – iedere twee uur draait de bus een verlaten parkeerplaats op en roept de chauffeur om dat we kunnen roken en welke versnaperingen hij in de aanbieding heeft. Als we ’s middags geradbraakt en 2,5 uur later dan gepland – waarover geen uitleg of excuus – aankomen in ons groene hotel (6 kilogram CO2-uitstoot per nacht, tegen 15 kilogram ­gemiddeld) moeten we ons, tegen de regels van het duurzaam reizen, alsnog haasten om die dag nog iets van de stad te ­kunnen zien.

Normen en waarden? Nu even niet

Dat er iets moest veranderen aan het vakantiegedrag van de gemiddelde Nederlander was me inmiddels duidelijk. Je hoefde alleen maar een uurtje te praten met Eke Eijgelaar, ­onderzoeker duurzaam toerisme aan Breda University (en zelf fervent duurzaam toerist). ‘We sussen onszelf in slaap met het feit dat vliegen maar 2 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot veroorzaakt’, vindt hij. Want in 2018 stootten Nederlanders met hun vakanties 18,5 megaton CO2 uit. ‘Dat is zo’n 11,5 procent van de uitstoot van de ­totale Nederlandse economie, met de aantekening dat een flink deel ervan in het buitenland wordt uitgestoten.’ En die hoeveelheid neemt ieder jaar toe. Volgens onderzoeksbureau CE Delft zullen de vliegverkeersemissies de ­komende dertig jaar verdubbelen. ­Terwijl de Nederlandse industrie tegen die tijd klimaatneutraal moet zijn. Alle ‘vliegschaamte’ en lokale protesten ­tegen massatoerisme ten spijt gaan we elk jaar meer en verder op vakantie.

Beeld Matthias Phlips

Zelfs degenen die het klimaat echt aan het hart gaat, kunnen het niet ­laten. D66-stemmers blijken het vaakst te vliegen, weliswaar ­gevolgd door VVD’ers, maar direct daarna komen de GroenLinks-stemmers, zo bleek vorig jaar uit onderzoek van I&O Research onder 2.500 Nederlanders. Hoe kan dat en vooral: hoe breng je daar verandering in?

Vakantie associëren we met niets moeten en dat ‘vrijwaart de toerist van morele verantwoordelijkheid’, zegt Ruud Welten, hoogleraar filosofie aan de Erasmus Universiteit en schrijver van het boek Het ware leven is elders: filosofie van het toerisme. ‘Zodra het over reizen gaat, zetten we onze normen en waarden en gedrag tussen haakjes – zo van: nu even niet. Thuis gaan we wel weer minder vlees eten, afval scheiden en kort douchen.’ En dat geldt ook voor duurzame en betrokken mensen, merkt Lonneke de Kort van book­different.com, net uitgeroepen tot World’s Leading Online Travel Agency for Responsible Tourism 2019. Op haar site kun je het hotelaanbod van ­Booking.com doorzoeken op groene accommodaties. ‘Vakantie is vrij hebben van je dagelijkse beslommeringen. Ook mijn hoogopgeleide, groene klanten willen dan even niet met duurzaamheid bezig zijn’, merkt ze. En het lastige is, zegt Welten, dat dit soort overtuigingen grotendeels onbewust zijn.

Duurzame reis plannen

Wie duurzaam wil reizen, plant zijn vakantie anders. Bekijk eerst waar je gemakkelijk kunt komen met het openbaar vervoer (bijvoorbeeld op de nachttreinenkaart op noordwestexpress.nl of greentickets.app, een reisplanner waar je bus, trein en vliegtuig qua reistijd, kosten en CO2-uitstoot kunt vergelijken). Hoe vroeger je boekt, hoe goedkoper de tickets. Hoewel vervoer de meeste emissie veroorzaakt, maakt de accommodatie ook uit. Kamperen, huizen ruilen (huizenruil.com of homeexchange.com) of in een niet toeristisch gebied overnachten in een Airbnb zijn de groenste keuzes. Wie liever in een energiezuinig hotel of appartement verblijft, kan zoeken op bookdifferent.com. Vuistregel: hoe eenvoudiger, hoe milieuvriendelijker. Activiteiten als wandelen, mountainbiken, zeilen, snorkelen en museumbezoek belasten de natuur nauwelijks. Duiken, golfen, (jet)skiën en rondtoeren met de auto wel.

Kosmopolitische houding

Daarbij verbinden we reizen met een progressieve, kosmopolitische houding. We denken: door te reizen kom ik in aanraking met andere landschappen, culturen en gewoonten. ‘Reizen verschaft inzicht en kennis die niet uit boeken te halen is’, zegt Welten. ‘Dat idee stamt al uit de 16de eeuw, toen ­welgestelde jongeren een grand tour naar Italië maakten, maar het heeft ­inmiddels breed postgevat.’

Reizen zou ons daarom ook ruimdenkender maken; opener naar andere culturen en gewoonten. ‘Vakantie is geen luxe, het zorgt voor meer begrip voor elkaar, maakt dat we de schoonheid van de wereld zien, dat we anders naar dingen om ons heen kijken’, vindt Saskia Griep van duurzame reisorganisatie Better Places. Reizen maakt inderdaad creatief, blijkt uit verschillende wetenschappelijke experimenten, juist door de verwondering die toeristen in een nieuwe omgeving ervaren. En het kweekt begrip en vertrouwen. ­Hersenwetenschapper Ap Dijksterhuis, zelf verslingerd aan verre reizen, ­beschrijft in zijn boekje Wie (niet) reist is gek hoe mensen tijdens een wetenschappelijk experiment een spel doen waarbij ze meer geld kunnen verdienen naarmate ze andere spelers meer vertrouwen. Achteraf bleken de ­winnaars in hun leven meer verschillende landen te hebben bezocht.

Het is precies waarom veel mensen die verder heel milieubewust leven, het verre reizen nooit zullen opgeven, denkt Griep, die dit jaar als reactie op het ontstaan van ‘vliegschaamte’ voor het eerst ook reizen binnen Europa aanbiedt en bij alle verre reizen de ­binnenlandse vluchten zo veel mogelijk heeft geschrapt. ‘Ikzelf wil eigenlijk ook niet ver vliegen, maar ik ben toch op zoek naar ‘het andere’, het onbekende, omdat het me verrijkt. Je kijkt op zo’n moment met andere ogen naar de wereld om je heen. Ik kwam tijdens een trektocht met mijn kinderen door Nepal bijvoorbeeld in een dorpje waar vrijwel nooit westerlingen komen. Dan word je binnengevraagd en krijg je thee en snoepjes: mensen zijn oprecht nieuwsgierig. Geld maakt niet gelukkig, krijg je dan weer ingepeperd. Of je realiseert je midden in de woestijn van Jordanië hoe mooi de aarde is en hoe belangrijk het is dat we haar beschermen.’

Maar ja, als je er voor dat besef eerst heen moet vliegen, bind je het paard achter de wagen, vindt onderzoeker Eijgelaar. ‘Juist die 7 procent die een verre reis maakt, veroorzaakt ruim eenderde van alle vakantie-emissies.’

Treintickets boeken

Nachttreinen kun je het best via de Oostenrijkse of Duitse spoorwegen kopen (via NS internationaal kostte een enkele reis Amsterdam-Wenen vlak voor Kerst 546 euro voor twee personen, via de Oostenrijkse ÖBB was het 320 euro, al stapten we in Düsseldorf over op een Flixbus vanwege een slechte treinaansluiting). Hoe vroeger je boekt, hoe goedkoper, en het is voordeliger om een ticket in tweeën te boeken: een ticket naar Düsseldorf en een voor de slaaptrein. Je kunt kiezen voor een zitplaats (soms al vanaf 59 euro), een ligplaats (een soort bank) of een slaapplaats (bed): de zitplaats is het goedkoopst, de slaapplaats het duurst. Kinderen krijgen korting.

Onze reis:
Flixnachtbus enkele reis Amsterdam-Wenen 2 x 69 euro
Nightjet Wenen-Düsseldorf 2 x 160 euro (incl. welkomstdrankje en ontbijt)
Flixbus Düsseldorf-Amsterdam 2 x 16 euro
Hotel 2 nachten (excl. ontbijt) 137 euro

Bevestigen van ideeën

Je kunt ook wel wat kanttekeningen plaatsen bij de verheffende werking van reizen. ‘Natuurlijk is het ­leren kennen van andere beschavingen mooi’, zegt Welten. ‘Maar je kunt in ­Nederland de hele wereld ontmoeten – daarvoor hoef je heus de wereld niet over te vliegen.’

Er zit een raar kantje aan die toeristische zucht om zich met andermans ­cultuur te verrijken, vindt hij. ‘We willen de Marokkaanse cultuur opsnuiven, maar wel in Marrakech, niet in Nederland.’ En het gaat ons ook om een ­bepaald deel van de cultuur: de marktjes en de theehuizen vinden we pittoresk, op de straatcultuur zitten we niet te wachten. ‘Toeristen zijn vooral op zoek naar historische clichés over het land, naar het bevestigen van hun ideeën – en zijn dus helemaal niet zo open-minded.’

In Wenen vragen mijn dochter en ik ons af of een bezoek aan het Mozarthuis daar ook onder valt: is dat ook zo’n bevestiging van ons clichébeeld van Wenen als hoofdstad van de klassieke muziek? In Nederland hebben we nog nooit, zoals hier, een Uber-fietskoerier onder begeleiding van keiharde Beethoven-muziek door de straten zien crossen. We gaan ook al naar een concert. En sachertorte eten – ook tamelijk voorspelbaar. Al doen we dat in een ander koffiehuis dan café ­Sacher, waar ondanks de regen een rood afzetlint een paar dozijn wachtenden in het gareel houdt die er een nat pak voor overhebben om hun chocoladetaartje juist daar te nuttigen.

Want dat is een ander probleem van de moderne toerist. Hoewel we obsessief claimen dat ene nog onontdekte plekje te hebben gevonden, doen we eigenlijk allemaal hetzelfde (check #sachertorte op Instagram). Ook omdat er nog maar weinig onontdekte plekken zijn. ‘Op Bali bezoeken we allemaal de Tanah Lot-­tempel en de terrassenrijstvelden. En gaan we allemaal naar dat ene vegan lunchtentje, waar Amsterdam van vergeven is’, zegt Griep. ‘Daarvoor hoef je niet naar Bali!’

Sloppenwijkselfie 

Sommigen gaan zo ver in die drang naar authenticiteit dat het grenst aan ramptoerisme – het zogenaamde dark tourism. ‘De sloppenwijkselfie is inmiddels een fenomeen’, zegt Welten. Bezoekers aan het voormalig concentratiekamp Auschwitz werden vorig jaar opgeroepen om geen lollige balans-selfies meer te maken op de rails. Onlangs meldde het NOS Journaal dat het ­toerisme terugkeerde naar Syrië en toonde een bus Chinese toeristen die met eigen ogen kwamen kijken hoe IS de citadel van Palmyra vernietigd had. ­Tijdens de overstroming van Venetië liet een toerist de verslaggever van datzelfde journaal weten dat het hoge water wel wat toevoegde aan de vakantiebeleving van haar en haar zoon: dit was het echte Venetië.

Reizen is inmiddels een collectieve dwangneurose, concludeert Welten. En zelfs reisondernemers Griep en De Kort beamen dat het tegenwoordig zo is dat als je niet in Thailand bent geweest, je niet meetelt. ‘Reizen is een manier om onze identiteit te laden’, ­verklaart Welten die massale drang. ‘Wie niet reist is niet interessant, niet vrij, geen wereldburger. Studenten móéten wel op tussenjaar naar Australië, en als je als 65-plusser niet met een camper door Europa toert, zit je zeker weg te suffen achter de geraniums. Het gaat de meeste mensen helemaal niet om die geestverruimende reiservaringen zelf, maar om de perceptie ervan door de buiten­wereld.’ Sociale media als Instagram en ­Facebook versterken dat.

Zelfs voor het argument dat toerisme bijdraagt aan armoedebestrijding, is weinig wetenschappelijk bewijs. Hoogleraar Paul Peeters, collega van Eijgelaar aan Breda University, deed er samen met Duitse en Canadese collega’s onderzoek naar. En de wereldtoerismeorganisatie UNWTO kwam tot eenzelfde ­conclusie. Toerisme spekt weliswaar de staatskas van arme landen en die van grote internationale hotelketens, maar komt de lokale bevolking nauwelijks ten goede: als ze in het toerisme werk ­vinden, zijn de lonen nog steeds laag. De komst van toeristen kan bovendien de prijs van dagelijkse voedingsmiddelen omhoog­stuwen.

Het toerisme moet dus anders, vinden Eijgelaar en de groene toerismeonder­nemers. Duurzamer – in allerlei opzichten, te beginnen met het reizen zelf. De simpelste manier om dat te doen is ­volgens Eijgelaar om binnen Europa te blijven en niet meer te vliegen. Maar hij weet ook hoe moeilijk dat klaarblijkelijk voor veel mensen is.

Beeld Matthias Phlips

Vakantie-CO2-budget

De Volkskrant heeft hem daarom ­gevraagd een verantwoord vakantie-CO2-budget te berekenen, waarmee mensen wel nog vakantie kunnen vieren en eventueel zelfs kunnen vliegen, maar toch bijdragen aan vermindering van de CO2-emissie. Eijgelaar denkt dat het daarbij handig is om uit te gaan van het Klimaatakkoord, waarin is afgesproken dat Nederland in 2030 49 procent minder CO2 uitstoot ten opzichte van 1990. Maar omdat er geen vakantie-emissiecijfers bestaan uit die tijd, stelt hij voor om uit te gaan van 2018: ‘Dat biedt ­mensen ook een beetje handelingsperspectief en dan hoeft niet in een keer ­alles anders.’

De gemiddelde voetafdruk van de ­Nederlandse vakantieganger was in dat jaar 1.200 kilogram CO2 (verdeeld over 2,6 vakanties). Als we in 2030 49 procent minder willen uitstoten en dus op 612 kilogram per persoon willen uitkomen, moeten we elk jaar 5,5 procent minder uitstoten. Dat betekent 1.073 kilogram in 2020 en 1.014 kilogram in 2021. ‘En daarmee kun je best nog leuk vakantie vieren’, zegt Eijgelaar. ‘Een week wintersporten en twee weken met de auto naar Italië bijvoorbeeld. Maar je kunt er ook voor kiezen om twee jaar niet op vakantie te gaan of alleen in ­Nederland te kamperen, en dan toch een keer die verre reis naar Indonesië te ­maken.’ Een substantiële vliegtaks zou meer zoden aan de dijk zetten, maar tot die tijd kunnen mensen uit de voeten met een persoonlijk quotum.

‘Zo’n CO2-budget maakt creatief; dat gepuzzel kan misschien onderdeel van de lol worden’, denkt Lonneke de Kort van bookdifferent.com. Want duurzaam reizen moet uit de hoek komen van duur en saai, vindt ze. ‘Het moet echt een soort alternatieve bucketlist worden, zo van: ga jij nog naar Machu Picchu in Peru? Waarom niet naar Bulgarije?!’ Ook ­Saskia Griep vindt een persoonlijk CO2-budget wel een leuke manier om ­inzichtelijk te maken wat zij altijd al ­tegen haar klanten zegt: ‘Ga ook eens dichterbij op vakantie en als je een verre reis maakt, ga dan zo lang mogelijk. En zorg dat je geld lokaal terechtkomt. ­Kwaliteit moet weer boven kwantiteit komen.’ Al moet ze er niet aan denken dat zo’n budget van hogerhand wordt opgelegd.

Door het vliegen zijn we vergeten dat je verplaatsen ook leuk is en niet iets hoeft te zijn dat zo snel mogelijk voorbij is. ‘Stel dat je naar Roemenië gaat’, zegt Griep. ‘Dat is echt nog een goeddeels ­onontdekt stuk Europa. Dat duurt met de trein twee dagen. Maar als je dat ziet als onderdeel van je vakantie – het landschap dat aan je voorbijtrekt en langzaam verandert, de boeken die je on­gestoord kunt lezen, de onverwachte ­ontmoetingen die je er misschien zult hebben – dan hoeft dat geen probleem te zijn. Of de nacht doorbrengen in de trein, dat is toch puur avontuur? Je komt langzaam in een ander ritme.’

Wat kun je doen met 1.073 kg CO2? Om in te schatten wat er mogelijk is met je CO2-vakantie-budget van dit jaar, kun je gebruikmaken van deze lijst met gemiddelde voetafdrukken per vakantie. Het aantal kilogram CO2-uitstoot is berekend op basis van vervoer, accommodatie en activiteiten en gebaseerd op een representatieve steekproef uit 2018. Bron: Breda University of Applied Sciences.Beeld Volkskrant Infographics

Alternatieve activiteiten

Ons korte tripje naar Wenen komt ­ongeveer neer op 110 kg per persoon, zo checken we via de tool klimaatwijsop­vakantie.nl van Milieu Centraal. Omdat we heen met de bus en terug met de slaaptrein gaan, beoordeelt de site onze vakantie als ‘erg klimaatbewust, complimenten!’ Met het vliegtuig zou het 410 kg zijn geweest. En dan is onze ­accommodatie nog als gewone hotelovernachting gerekend (niet als een ­milieuvriendelijke die we via bookdifferent.com hebben geboekt). Onze activiteiten zijn wel meegenomen, maar ­gelden blijkbaar als volkomen onschuldig: stedentripjes zijn, legt Eijgelaar uit, over het algemeen niet zo vervuilend omdat je vooral rondloopt, musea en historische gebouwen bezoekt. Mits je er met het ov naartoe gaat.

Dat is anders bij safari’s, excursies met motorboten of quads, golfen, duiken, met de auto verschillende steden bezoeken of (jet)skiën. ‘Het loont dan echt om een alternatieve activiteit te zoeken’, zegt Eijgelaar. ‘Langlaufen is bijvoorbeeld veel minder belastend voor het ­milieu dan skiën. Skiliften gebruiken ­natuurlijk flink veel energie, maar dat is nog niets vergeleken met de sneeuwkanonnen. 75 procent van de Europese pistes wordt inmiddels kunstmatig besneeuwd omdat door klimaatveran­dering de sneeuwgrens ­opschuift.’ Naar schatting kost dat 20 duizend kWh stroom en 1,5 miljoen liter water per ­besneeuwde hectare. ‘Voor dat laatste worden hoog in de bergen grote waterbassins aangelegd, wat ten koste gaat van natuurgebied en leefgebied van dieren.’

Volgens Griep en De Kort is het ook belangrijk om als het even kan te kiezen voor een lokale ondernemer als je gaat eten, slapen of een excursie boekt – dan komt het geld tenminste ten goede aan de bevolking ter plekke en niet aan grote internationale ketens. Lokaal voedsel ­betekent in Wenen trouwens vooral: ­wienerschnitzels, formaat pannenkoek, met friet – niet buitengewoon milieu­bewust. Gelukkig vinden we een lokale Griek die welgeteld één vegagerecht heeft.

Maar hoe klimaatbewust onze ­Wenentrip qua uitstoot ook mag zijn, ­eigenlijk deugt-ie van geen kanten. Dat voel je bijna fysiek als je voor zo’n traag vervoermiddel kiest: bijna veertig uur reizen voor een stedentrip van drie dagen is absurd. Het adagium van de duurzame reisondernemers is dan ook: ga minder en langer en ren niet van de ene must-see naar de andere, maar doe een paar dingen goed. En doe vooral ook eens iets anders dan de overvolle top­attracties bezoeken.

Vakantiebeurs

Van 16 tot en met 19 januari wordt in de Jaarbeurs Utrecht voor de vijftigste keer de Vakantiebeurs georganiseerd. Dit jaar met veel aandacht voor het thema duurzaamheid. Zo is er in hal 11 en 12 de Reis Bewust Zone met groene reisorganisaties en bijvoorbeeld de mogelijkheid om te berekenen wat jouw (reis)keuzes betekenen voor het klimaat. Daarbij sloten elf (internationale) reisorganisaties zich deze week aan bij het collectief Tourism ­Declares a ­Climate Emergency, waarmee ze zich ­verplichten hun CO2-uitstoot in 2030 met 55 procent te hebben teruggebracht.

Ga eens naar de supermarkt bijvoorbeeld, zegt Johan Idema, schrijver van het boek How to Be a Better Tourist. ‘Nergens leer je een land beter kennen dan daar. Of ga met een tram mee tot het eindpunt. Vaak beland je dan in een woonwijk en zie je hoe mensen echt leven; hoe kinderen spelen, hoe bewoners de was buiten ­hangen. Waar leer je Nederland bijvoorbeeld beter kennen: in het Rijksmuseum of tijdens een wandeling door de Amsterdamse nieuwbouwwijk IJburg? Dat maakbaarheidsdenken van ons, dat zie je dáár. En knoop praatjes aan. In Denemarken zat een organist te oefenen in een kerk die we bezochten. Dan weet je dat je even contact moet maken. Zo iemand vindt het natuurlijk hartstikke leuk om uit te leggen hoe zo’n groot orgel werkt; mijn dochtertje mocht even proberen. Zoiets vergeet je nooit meer.’

Huizen van componisten en schrijvers vindt hij ideale plekken, minstens zo leuk als musea. Vaak zijn ze ook veel ­minder drukbezocht. ‘Het zijn een soort tijdcapsules: Mozart heeft deze zelfde trap beklommen, heeft naar dit uitzicht gekeken.’ Idema probeert ook altijd ­gewone dingen te doen. ‘Ik raadpleeg meestal de culturele agenda: zijn er leuke festivals of concerten waar je heen kunt? Maar doe ook eens een dag niets, of werk een dag op je vakantieadres. Zo ervaar je jouw omgeving ook eens anders, met de blik van een bewoner of werknemer.’

Als we aan het eind van de laatste dag door en door koud op het station aankomen (omdat we geheel in de geest van de Better Tourist in een buitenwijk naar de uitzonderlijke architectuur zijn gaan ­kijken van een vuilverbrandingsinstal­latie), wacht ons een verrassing. In de tweepersoonscouchette van de Nightjet naar huis zijn de bedden nog niet uit­geklapt, maar staan een flesje prosecco, ­water en wat zoutjes klaar. Een rijdend hotelkamertje met zelfs een fonteintje waar je je tanden kunt poetsen. ‘En een goodiebag!’, roept mijn dochter en haalt er glunderend een paar sloffen, een handdoekje en oordoppen uit. Om 22.30 uur komt iemand de bedden neerlaten zodat we slapend richting huis schommelen en om half 8 gewekt worden met koffie en verse broodjes. Dat de reis nu ook lang duurt en aan de prijs is, maakt ons niet uit. Dit is vakantie!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden