Wat de gifgasaanval op Douma anders maakt, is het aantal slachtoffers: mogelijk tientallen doden

Vijf vragen over de vermoedelijke chloorgasaanval in Syrië

Aanvallen met chemische wapens zijn in Syrië geen zeldzaamheid. Maar meestal vallen daarbij slechts een paar gewonden.

Een reddingswerker draagt een kind dat het slachtoffer zou zijn van de chloorgasaanval van het leger van Syrië op de stad Douma. Beeld ap

Waarom bestaat de verdenking dat Syrië chemische wapens heeft gebruikt?

Op zaterdagavond 11 april, tussen 19.00 en 20.00 uur, kwamen in Douma, de laatste stad in handen van de rebellen in de belegerde regio Oost-Ghouta, tientallen mensen om het leven bij een bombardement op een flatgebouw. Volgens bronnen in het rebellenkamp gaat het om een aanval met een chemisch wapen, vermoedelijk chloorgas. De hulporganisatie White Helmets – gelieerd aan de rebellen, onder meer betaald door westerse overheden – verspreidde via sociale media dramatische beelden van stikkende slachtoffers.

Het Syrische regime en bondgenoot Rusland ontkennen dat er chemische wapens zijn gebruikt. Woensdag stelde de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) op basis van contacten in Douma dat 43 mensen zaterdag om het leven zijn gekomen ‘vanwege symptomen die wijzen op blootstelling aan zeer giftige chemische chemicaliën’. Nog eens circa 500 slachtoffers zijn behandeld wegens ademhalingsproblemen en zenuwuitval vanwege blootstelling aan ‘chemische stoffen.’

De Amerikaanse president Trump dreigt met militair ingrijpen in Syrië. Wat maakt deze vermoedelijke chloorgasaanval anders dan andere?

Aanvallen met chemische wapens zijn in Syrië schering en inslag. Chloorgas is daarbij een favoriet middel. Ook in Oost-Aleppo, heroverd op de rebellen in 2016, gebruikte het Syrische regime waarschijnlijk chloorgas in de laatste dagen van de strijd. In Oost-Ghouta vond op 22 januari ook al een vermoedelijke chloorgasaanval plaats, en ook in Idlib op 5 februari. Meestal leiden dit soort aanslagen slechts tot internationaal schouderophalen. Maar wat de aanval op Douma anders maakt, is het aantal slachtoffers: mogelijk tientallen doden. Meestal vallen bij een chloorgasaanval slechts een handvol gewonden.

Syrië moest al zijn chemische wapens toch inleveren?

Dat klopt, maar chloorgas stond niet op de lijst met verboden chemische wapens. Chloorgas kent namelijk ook veel industriële toepassingen. Overigens is het verboden om chloorgas in bommen te verwerken. Toen in 2014 duidelijk dat het Syrische leger hoogstwaarschijnlijk chloorgas inzet tegen de eigen bevolking, begon de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) een feitenonderzoek.

Kan het zijn dat niet de Syrische president Assad, maar de rebellen achter de aanslag zitten?

Dat is niet uit te sluiten. De Syrische overheid beweert al jaren dat de rebellen chloorgas gebruiken om het regime van de Syrische president Bashar al Assad in diskrediet te brengen. In Oost-Aleppo waren er inderdaad aanwijzingen dat niet alleen het leger, maar ook rebellen beschikten over chloorgas. Volgens een VN-rapport is er daarnaast bewijs dat rebellen tenminste een keer een aanval met chemische wapens in scene hebben gezet. De oppositie zou volgens meerdere getuigen ‘fake berichten’ hebben verspreid over een chloorgasaanval bij Al Tamanah in 2014.

Maar in het geval van Douma is het onwaarschijnlijk dat de rebellen de dader zijn, of dat de aanslag is geënsceneerd. Onderzoeksbureau Bellingcat publiceerde woensdag beelden van de huls van de vermoedelijke gasbom. Qua uiterlijk – een soort geel vat – oogt die identiek aan vergelijkbare projectielen die eerder door hoogstwaarschijnlijk de Syrische luchtmacht zijn afgeworpen boven Oost-Aleppo. Volgens Bellingcat zijn vlak voor de aanval twee zogenaamde Hip-helikopters van het Syrische leger gezien boven Douma. Hip-helikopters zijn in het verleden vaker gebruikt om chloorgasbommen mee te droppen. De rebellen beschikken niet over helikopters.

Wat gaat de OPCW doen?

De OPCW is dinsdag door de Syrische regering en Rusland uitgenodigd om onderzoek ter plaatse te doen naar het gebruik van chemische wapens in Douma. De onderzoekers maken zich op om ‘op korte termijn’ naar Syrië af te reizen. De OPCW heeft de afgelopen jaren meerdere gevallen bewijs gevonden voor de inzet van chemische wapens in Syrië, onder meer vorig jaar in Khan Sheikhoun, waar zeker 74 bewoners stierven na een aanval met saringas. De OPCW heeft geen mandaat om te benoemen wie de dader is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.