'Wat Dalrymple zegt over emo-cultuur is onzin'

Volgens Dalrymple leven we in een doorgeschoten 'emo-cultuur'. De behoefte om verdriet te laten zien is groter dan het verdriet zelf. Onzin, vindt columniste Aleid Truijens.

© THINKSTOCK

Het deprimerendste werkje uit de Nederlandse literatuur is Zondagsrust, uit 1902, van Frans Coenen. Deze novelle schetst een zondag uit het leven van een arbeidersechtpaar. Alles draait om zuipen, eten en seks. Beurtelings klagen de echtelieden, vol zelfmedelijden, over hun leven: hij heeft een hondse baas, zij te weinig mooie spullen. Ze maken ruzie. Toch wekken de lelijkerds een onbegrijpelijke geilheid bij elkaar op, al geeft de vrouw pas toe als de man haar een sieraad belooft: 'zijn gespreide vingers om haar heup, terwijl hun glimmend rood opgezette kloppen samenkleefden met zuchten en zuigende zoenen.' Tussendoor snauwen ze hun kind af, en proppen het vol snoep.

Het is ook opwekkende lectuur: na lezing zijn je eigen gezinsleden wonderen van vriendelijkheid, zelfbeheersing en beschaving, en een lust voor het oog bovendien.

Op Tweede Kerstdag moest in aan Coenens boekje denken. Ik keek naar Wintergasten, met Theodore Dalrymple als gast. De fragmenten die de Britse psychiater en cultuurcriticus koos, weerspiegelden precies zijn favoriete thema's: een satire over de bureaucratie in een Brits staatsziekenhuis, zuipende jongeren op Ibiza, de Londense rellen en plunderingen, het dramatische afkicken van drugs - een mythe volgens de psychiater - en de onoprecht sentimentele toespraak van koningin Elizabeth bij de dood van Diana. De wereld volgens Dalrymple: verwende, hebzuchtige, drankzuchtige, dikke, wellustige, agressieve mensen, verongelijkt bovendien.

Verloedering
Ze leken als twee druppels water op Coenens personages. Veel zijn we dus niet opgeschoten in een volle eeuw 'verheffing van de onderklasse'. Net als bij Coenen kun je je bij Dalrymple verlustigen aan zijn geselende beschrijvingen van groteske verloedering. Of Dalrymple nu gelijk heeft of niet, zijn boeken en artikelen zijn een triomf van stijl en humor.

Volgens Dalrymple is het de romantische utopie van de verzorgingsstaat die tot moreel verval heeft geleid. Mensen voelen zich niet langer verantwoordelijk voor hun eigen succes of mislukking, zelfs niet voor hun levensonderhoud en gezondheid. Daardoor hebben we een maatschappij van slapjanussen en slachtoffers gecreëerd. Opvoeders durven hun schatjes niets te weigeren, leraren stellen geen eisen, de media spelen gretig in op het gevoel.

Er zit veel waars in Dalrymples analyse. Natuurlijk kun je er tegenin brengen dat ook de rechtse ideologie schuldig is aan de verloedering. Het is twijfelachtig of 'minder staatsbemoeienis' met onderwijs, cultuur en gezondheidszorg tot het gewenste beschavingsoffensief leidt. Toch: aan Dalrymple de eer dat hij het moreel verval genadeloos heeft benoemd.

Maar in Wintergasten zei hij iets merkwaardigs. Als voorbeeld van doorgeschoten 'emo-cultuur' schetste hij het verschil tussen een kindergrafje in de jaren vijftig en een van nu. Toen een simpele grijze steen met een kruis en een roos, nu een met kunstbloemen, waxinelichtjes, smartelijke briefjes en teddyberen overwoekerd grafje. 'Die mensen willen laten zien hoe verdrietig ze zijn', zei hij. 'Die behoefte is groter dan het verdriet zelf.' Interviewer Raoul Heertje knikte instemmend.

Smakeloze troep
Het is onzin wat Dalrymple zegt. Waarom zou verdriet over hun dode kind van ouders die het grafje tooien met smakeloze troep minder groot en echt zijn dan het verdriet van ouders met een sober, smaakvol graf? Die laatste verwijt je toch ook niet te koketteren met hun ingetogenheid? Verdriet is verdriet, dood is dood.

Dalrymple, thuis in ziekenhuizen, zou eens een tijdje moeten rondlopen op afdelingen waar volop jong wordt gestorven. Daar kun je ervaren dat de scheidslijn tussen mensen die zich liefdevol wijden aan hun stervende kind en degenen die het liefst weglopen en de artsen beschuldigen dwars door alle klassen, rassen en beschavingsniveaus heenloopt. Dat geldt ook voor afdelingen met dementerenden. Daar zijn het niet speciaal leden van de 'onderklasse' die hun ouders verwaarlozen of na drie minuten vertrekken.

Mensen die zich volproppen met patat, van afschuwelijke muziek houden en nooit een boek lezen, kunnen een zegen voor hun omgeving zijn.

Dalrymples beeld van het sobere grafje is eigenlijk net zo'n romantisch cliché als dat van de rondborstige, eerlijke arbeider. Valse symboliek, geen tegengif tegen het narcisme.

Aleid Truijens is columniste van de Volkskrant.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.