Wat betekent de hervorming van de arbeidsmarkt voor u?

De ministerraad heeft vandaag ingestemd met de plannen van minister Asscher van Sociale Zaken voor hervorming van het ontslagrecht en de WW. Stapsgewijs veranderen vanaf 2015 de regels voor ontslag, flexwerk en werkloosheid. Op ontslag volgt straks een wettelijk vastgelegde vergoeding, tijdelijke contracten mogen elkaar minder vaak opvolgen en de WW wordt (stapsgewijs vanaf 2016) teruggebracht van 38 naar 24 maanden. Wat betekenen de veranderingen voor u?

Vanaf 2015 volgt op ontslag een wettelijk vastgestelde vergoeding. Beeld ANP

Bij het begin van de arbeidsrelatie
U krijgt een baan aangeboden. Niet meteen een contract voor onbepaalde tijd, zoals een vaste baan formeel heet, maar een tijdelijk contract, een flexbaan. Nu nog geldt de 3x3x3-regel: maximaal drie tijdelijke contracten mogen elkaar opvolgen in drie jaar. Daarna volgt een pauze van drie maanden. Als die pauze er niet is, is het vierde een contract voor onbepaalde tijd - 'een vaste baan'. Dat gebeurt ook als de drie contracten samen langer duren dan drie jaar. Vakbond en werkgever kunnen in de cao andere afspraken maken.

De formule wordt 3x2x6 oftewel drie contracten in twee jaar en daarna verplicht zes maanden pauze. Dit kan in cao's niet worden aangepast. Wel kan in cao's het aantal contracten worden opgerekt tot zes in vier jaar, en daarna zes maanden pauze. Dan wordt de formule 6x4x6.

Nu geldt vaak een proeftijd, ook voor korte contracten. Die wordt afgeschaft voor contracten korter dan een halfjaar. Voor kortlopende contracten wordt het 'concurrentiebeding', waarmee werkgevers de flexkracht verbieden na vertrek bij de concurrent te gaan werken, afgeschaft.

De 'nulurencontracten' worden in de zorg verboden. Bonden en werkgevers kunnen voor andere sectoren ook om zo'n verbod vragen. Voor de arbeidscontracten voor onbepaalde tijd verandert niets.

 
Het flexcontract: van 3x3x3 naar 3x2x6
Minister van Sociale Zaken Lodewijk Asscher. Beeld ANP

Aan het eind van de arbeidsrelatie
Aan elk contract komt een eind, ook aan een arbeidscontract, soms tijdens het werkzame leven, soms bij pensionering. Voor tijdelijke contracten van 6 maanden of langer, nu nog zonder opzegtermijn, komt een opzegtermijn van een maand of de werknemer krijgt een maandsalaris mee. Werknemers van zogenoemde payrollbedrijven krijgen dezelfde bescherming als werknemers van het inhurende bedrijf. Deze veranderingen worden op 1 juli 2014 ingevoerd.

Voor werknemers met een vaste baan zijn de veranderingen in het ontslagrecht belangrijk. Als de werkgever hen wil ontslaan, kan hij kiezen tussen uitkeringsinstantie UWV en de kantonrechter. Bij het UWV gaat het meestal om ontslag om economische reden, bij de rechter om persoonlijke redenen vanwege een verstoorde arbeidsverhouding. De kantonrechter werkt snel en kent een ontslagvergoeding toe. Het UWV neemt langer de tijd, geeft geen vergoeding aan de werknemer, maar meestal geldt een sociaal plan. Het midden- en kleinbedrijf (mkb) kiest meestal voor de UWV-route omdat die goedkoper is.

In het nieuwe systeem moet het UWV nog steeds ontslag om economische reden goedkeuren en de kantonrechter ontslag om persoonlijke reden. Werkgever en werknemer kunnen tegen de uitspraak in beroep gaan.

Vrijwel iedereen krijgt na ontslag een vergoeding van de werkgever: eenderde maandsalaris per gewerkt jaar met een maximum van 75 duizend euro of een jaarsalaris als dat hoger is. Iedereen krijgt zo'n vergoeding na minimaal twee jaar werken bij ontslag op initiatief van werkgever. De regeling maakt de ontslagprocedure simpeler en de uitkomst voorspelbaar.

Bonden, werkgevers en kabinet spreken nog over de kosten voor het mkb, omdat die oplopen ten opzichte van de huidige UWV-route. Nu is jaarlijks zo'n 3 miljard euro gemoeid met de 'gouden handdrukken' die de kantonrechters toekennen.

De verwachting is dat de vergoedingen in het nieuwe systeem jaarlijks 2 miljard kosten. De winst voor de werkgevers is door het kabinet al afgeroomd met een hogere WW-premie in 2014.

Als de werknemer zelf opstapt, kan hij een vergoeding opeisen 'bij ernstige verwijtbaarheid van de werkgever'. Als de werknemer zich misdragen heeft, hoeft de werkgever niet te betalen en ook niet als de werknemer jonger is dan 18 jaar, minder dan 12 uur per week werkte, na het ontslag gepensioneerd wordt of als in de cao een gelijkwaardige vergoeding is afgesproken.

Om te voorkomen dat oudere werknemers in de eerste jaren van het nieuwe systeem worden ontslagen, omdat ontslag van ouderen voor werkgevers veel goedkoper wordt, kondigt het kabinet voor hen een tijdelijk hogere ontslagvergoeding af.

 
Gouden handdruk wordt aan maximum gebonden

Na de arbeidsrelatie
De werkloosheidsuitkering die werknemers na ontslag krijgen, wordt ook aangepast. Nu duurt de WW-uitkering maximaal 38 maanden. Dat wordt stapsgewijs ingekort tot 24 maanden. Te beginnen in 2016 wordt de uiterste uitkeringsdur elk kwartaal een maand verkort, zodat die op 1 juli 2019 twee jaar is.

Om recht te hebben op de maximale WW-looptijd moet nu 38 jaar zijn gewerkt. Dat blijft 38 jaar, ook als de WW straks maximaal twee jaar duurt. Nu wordt per gewerkt jaar voor een maand WW-recht opgebouwd. Dat blijft de eerste tien jaar werken zo, maar daarna wordt nog maar twee weken WW-recht per gewerkt jaar opgebouwd. De WW-rechten die tot 2016 zijn opgebouwd, blijven staan.

WW'ers mogen nu een jaar werk op hun oude niveau zoeken, daarna moeten ze elk werk accepteren. Deze regel is bij gebrek aan controle een dode letter. Dat verandert. Na juli 2015 moeten ze na een halfjaar elk werk accepteren en de controle wordt verscherpt. De speciale bijstand IOW voor oudere werklozen, 60+, na afloop van hun WW blijft in ieder geval tot 2020 bestaan. Deze bijstand kijkt niet naar spaargeld of andere inkomens in het huishouden.

Nu betalen alleen werkgevers premie voor de WW. Per 2016 gaan ook werknemers premie betalen, steeds iets meer totdat de premieverdeling in 2020 fiftyfifty is. De Sociaal-Economische Raad van vakbeweging, werkgevers en kroonleden gaat bedenken hoe dit zonder gevolgen voor de koopkracht kan. Ook bedenkt de SER plannen voor bemiddeling van werkzoekenden naar nieuw werk.

De vakbeweging wil de WW-duur op 38 maanden houden. Als hierover in cao's voor hele sectoren afspraken worden gemaakt, zal het kabinet die aan alle bedrijven opleggen.

 
WW-uitkering: van 38 maanden naar 24 maanden
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden