Wat betekent de Brexit voor de Britse economie?

De lichten gaan uit in het Verenigd Koninkrijk. Reuzenradbezoekers hangen ondersteboven in de London Eye, want de trekpleister langs de Theems is gestopt met draaien door een stroomstoring. In Birmingham en Manchester plunderen mensen de supermarkten op zoek naar de laatste mozzarella, Bordeaux en Edammer kaas.

Beeld afp

Dat zijn natuurlijk niet de economische gevolgen van de Brexit. Maar hoe zal het vertrek van de Britten uit de EU wel uitwerken op hun economie?

Minder groei?

Van alle leden van de G7 (Japan, Duitsland, de VS, Italië, Frankrijk, Canada en het Verenigd Koninkrijk) kenden de Britten de laagste economische groei voordat ze in 1973 tot de EU toetraden. Sindsdien groeide de economie van de toenmalige zieke man van Europa juist het snelst van de G7.

Of dat allemaal te danken was aan het Britse EU-lidmaatschap is dan weer de vraag. Volgens het Leave-kamp hebben de Britten hun voorspoed juist aan Margaret Thatcher en haar hervormingen te danken. Een onderzoek waaruit het Remain-kamp dankbaar putte toonde dan weer aan dat de EU de Britse welvaart met 10 procent heeft opgestuwd, vooral dankzij meer concurrentie en toegang tot de gemeenschappelijke Europese markt.

Het gezaghebbende blad The Economist waarschuwt vanochtend voor een recessie, met minder banen, minder belastinginkomsten en dus meer bezuinigingen als gevolg. De Londense City, een van 's werelds meest vooraanstaande financiële centra, zal mogelijk minder interessant worden voor banken en investeerders op het Europese vasteland. En daar profiteert de Nederlandse financiële sector dan misschien weer een beetje van, voorspelde de Rabobank vorige week met enig wensdenken.

Handelsverdragen

Zwitserland, Noorwegen en toekomstig EK-tegenstander IJsland zijn ook geen lid van de Europese Unie, and doing just fine, thank you. Maar toegang tot de Europese markt zal wel moeilijker worden voor de Britten, en ook de handel met andere landen kan op korte termijn in de knel raken. President Obama heeft al aangekondigd dat het Verenigd Koninkrijk bij een Brexit 'achteraan in de rij zal moeten aansluiten' voor een eventueel Brits-Amerikaans handelsverdrag. De VS en de EU zijn momenteel al in onderhandeling voor een handelsverdrag, TTIP geheten.

Voorstanders van een Brexit zullen blij zijn dat de Britten af zijn van de bureaucratische regeltjes van de EU, maar het is de vraag hoeveel voordeel hun economie daarvan zal hebben: in geen enkel westers land is de maakindustrie bijvoorbeeld aan zo weinig regeltjes gebonden als in het Verenigd Koninkrijk, op Nederland na dan.

Tegelijkertijd is het de vraag hoe hard de afgedankte EU-lidstaten het spel zullen spelen. Duitsland en Nederland leunen sterk op de export naar het Verenigd Koninkrijk, dus deze landen zal er veel aan gelegen zijn om de Britten te vriend te houden. Na de Duitsers zijn de Britten onze belangrijkste exportpartner, vorig jaar goed voor ruim 20 miljard euro winst. Rutte & co zullen Nederlandse zuivelboeren, bankiers, leerproducenten, microscopenmakers en andere veelverdieners aan de Britse export niet het brood uit de mond willen stoten.

De pond

Maar exporteren naar het Verenigd Koninkrijk zal sowieso een stuk lastiger worden voor de Nederlanders als de Britse pond fors in waarde daalt. Na het nieuws over de Brexit tuimelde de pond richting het laagste niveau in ruim dertig jaar ten opzichte van de dollar. Mocht de waardedaling permanent zijn, is dat gunstig voor de Britse export, omdat Britse producten goedkoper worden voor het buitenland. Zelfs het schreeuwend dure Londen zal dan misschien iets goedkoper worden, wat mooi meegenomen is voor toeristen. Voor de Nederlandse export is het dan weer ongunstig, omdat Nederlandse producten door de sterkere euro minder makkelijk te betalen zullen zijn door Britten.

Minder geld naar Brussel

Het Verenigd Koninkrijk is net als Nederland een nettobetaler aan de EU. De Britten betaalden vorig jaar 10,5 miljard euro meer aan Brussel dan ze binnenkregen, oftewel ruim 200 miljoen euro per week. Dat geld kunnen ze nu in eigen zak houden. Maar als een Brexit daadwerkelijk de economische groei zal schaden, dan zou dit wel eens een kwestie van 'pennywise, pound foolish' kunnen zijn. Het Institute for Fiscal Studies bijvoorbeeld becijferde dat een Brexit de Britse belastingbetaler tussen de 25 en 50 miljard euro gaat kosten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.