'Wat als ik opnieuw in de' verleiding kom?'

Marijke van Mulligen (36) uit Houten deed er twee jaar over om te stoppen met roken. Ze gebruikte alle mogelijke hulpmiddelen en volgde uiteindelijk een cursus....

'Laatst droomde ik dat ik in Rotterdam over de Erasmusbrug liep. Heel vreemd, ik kom daar nooit. Het was beklemmend, iedereen liep iedereen in de gaten te houden. Ik had een shaggie in mijn hand. Ik dacht: ik moet weer stoppen. Maar ook: nu kan ik gelukkig nog even roken. Ik droom wel vaker dat ik weer rook. Als ik wakker word, ben ik opgelucht: oh, het is niet echt. Het zit heel diep.

'Op 7 maart heb ik de knoop doorgehakt. Ik heb een definitief besluit genomen: het is nu écht afgelopen. Maar de angst blijft: als ik nou opnieuw in de verleiding kom, kan ik dan meteen weer stoppen? Of is het dan weer mis? Aan de ene kant ben ik blij dat ik ervan af ben, maar ik hoef maar op een terras te zitten, met een wijntje, en ik zie iemand een sigaret opsteken... Dat zou ik ook wel willen, denk ik dan.

'Het is iets dat helemaal in je leven zit. Van de lichamelijke verslaving schijn je na drie dagen af te zijn, maar het gaat om wat tussen je oren zit. De associatie: het is gezellig, of lekker een sigaretje na het eten. Als ik zou weten dat ik één ... twee sigaretjes per dag zou kunnen roken, zou ik het doen. Maar dat kan ik niet, ik zou morgen weer een pakje roken.

'Ik ben begonnen toen ik zestien was. Ik weet nog dat ik heel stellig zei: "Nee, daar begin ik niet aan." Daar heb ik later weleens aan teruggedacht: waarom ben ik toen meegegaan met de rest? Want ik heb het toch gedaan. Het was stoer, ik wilde het uitproberen en ik dacht: veel mensen doen het, dan moet het wel lekker zijn.

'En dan sluipt het erin. Je weet: nu rook ik. Ik maakte me er niet druk om. Het was ook wel lekker. Ik rookte Marlboro en later Marlboro Light. Een pakje per dag. Of twintig tot 25 shaggies. Zeg maar wat een goeie roker gemiddeld per dag kan verstouwen.

'Rond mijn twintigste begon het te knagen. Je hoorde steeds vaker dat het slecht was, ik dacht: dit wil ik niet. Toen ben ik een halfjaar gestopt. Van de ene op de andere dag. Ik weet nog hoe moeilijk ik het de eerste dagen had, constant die verleiding, want mijn vader, mijn broer en zus, vrienden, veel mensen in mijn omgeving rookten.

'Maar na verloop van tijd taalde ik er niet meer naar. Tot mijn vriendje het uitmaakte. Dat vond ik zo zielig. Ik zie mezelf nog zitten na drie sigaretten. Zonde, achteraf. Je houdt jezelf voor de gek, want je wordt er niet minder verdrietig van en je krijgt je vriendje er niet door terug.

'Ik heb doorgerookt tot ik zwanger werd. Tijdens de zwangerschap deed ik het met mate, twee tot drie per dag. Zat ik op de klok te kijken: wanneer mag ik weer? Minderen is veel moeilijker dan stoppen. Nu ik niet meer rook, zijn er dagen dat ik er niet aan denk. Het is uit mijn systeem. Ik hoef er niet meer bij stil te staan.

'Toen het kind er was, rookte ik uit het raam of onder de afzuigkap. Of ik ging met hem naar buiten. Zit je op een bankje, en dan voel je je zo asociaal. Ik keek ook altijd om me heen of ik niet iemand tegenkwam. Loopt daar zo'n asociaal wijf achter de kinderwagen, zullen mensen hebben gedacht.

'Toen begon ik serieus na te denken over stoppen. Wat me tegenstond, was het verslaafd zijn, het afhankelijk zijn, het gezeur met sigaretten. Dat heeft doorgesudderd tot de tweede kwam. Die bleek absoluut niet tegen sigarettenrook te kunnen, zijn longen zijn er te gevoelig voor, zei de kinderarts. Ik dacht: nu moet ik stoppen.

'En dan begint de ellende, het viel me zwaar tegen. Ik heb van alles geprobeerd: nicotinepleisters, daar merkte ik niets van; nicotinekauwgum, daar werd ik misselijk van. Ik kocht een boek, De Opluchting, in één dag van het roken af, van Jan Geurtz. Het was wel grappig, maar ik ben er niet door gestopt. Het laat zien hoe het mechanisme van de verslaving werkt, maar het was ook een beetje een geitenwollensokken-verhaal, lief zijn voor jezelf. Dat sprak mij niet aan.

'Ik ben er twee jaar mee bezig geweest. Dan rookte ik weer een paar weken, dan stopte ik weer een paar dagen of weken. Ik begon steeds opnieuw te roken omdat ik het stoppen wilde uitstellen, de gedachte: nu wil ik nog even. Of ik dacht: de volgende keer gaat het stoppen vast beter. Ik voelde me wel goed als ik niet rookte, maar het bleef trekken.

'Heel vaak zijn mijn man en ik samen gestopt, en dan was ik altijd degene die weer begon. Hem hoorde ik er niet over. Dan zei ik: "Zullen we nog één pakje?" Hij: "Nee, we zijn toch gestopt?" Maar ik ging het pakje uiteindelijk toch halen. Je bent bang dat de rest van je leven saai en ongezellig zal zijn.

'En elke keer als ik weer begon, voelde ik me een zwakkeling. Dan zag ik andere mensen die gemakkelijk waren gestopt, of althans, dat leek zo, en dan dacht ik: waarom kan ik dat niet? Andere rokers zeiden: "Waarom wil je dan stoppen? Je kunt toch ook onder de tram lopen?" Alsof ze niet willen dat je stopt.

'Het boek van Allen Carr, Stoppen met roken, sprak me aan, maar nadat ik het uit had, bleef ik maar twee weken van de sigaretten af. Toen besefte ik dat ik echt iets moest ondernemen, anders zou het me nooit lukken. Ik heb me opgegeven voor de cursus van Allen Carr. Ik zag er wel tegenop - dat ik moest stoppen ook al wilde ik het graag. Ik was ook bang dat die cursus bij mij niet zou werken. Maar ze geven garantie: als je binnen drie maanden weer begint, krijg je je geld terug. Dat vond ik goed.

'De cursus duurt bijna een hele dag, van tien tot vier, en je krijgt een heel verhaal te horen: waarom je rookt, waarom het zo moeilijk is om te stoppen, en waarom zij vinden dat het zo makkelijk is om te stoppen. Je wordt je ervan bewust wat roken is: het is niet gezellig, niet ontspannend en je kunt je er niet beter door concentreren. Ze leggen uit wat je denkt dat de sigaret doet, maar wat hij niet doet.

'De eye-opener was dat je de ontwenningsverschijnselen nooit helemaal weg kunt nemen. Het is water naar de zee dragen, dat is me heel erg bijgebleven. Als je rookt, voel je je ongemerkt steeds slechter. Als je een sigaret opsteekt voel je je wel even prettig, maar het slechte gevoel kun je nooit meer helemaal wegnemen. Je zakt steeds verder weg.

'Iemand die ook is gestopt, heeft eens tegen me gezegd: "Het enige leuke moment van roken is vlak voordat je een sigaret opsteekt. Als je hem opsteekt, is de behoefte bevredigd, en als je hem uitmaakt, voel je je slecht." Gadverdamme, dit wil ik niet meer, dacht ik.

'Aan het einde van die dag moesten we ons pakje weggooien. Ik was serieus van plan om te stoppen. Het duurde een week. Ik stond met een collega te praten en ik zei: "Goh, geef mij er een." Ik dacht: ik denk er later wel over na hoe slecht dit is. Meteen daarna heb ik de cursusleidster gebeld, ze zei: "Je had moeten bellen toen je zin had in die sigaret, ik had je er wel van afgepraat."

'De nazorg vond ik heel goed. Ik ben vier keer op herhalingscursus geweest. Steeds begon ik weer. Niet omdat ik het niet uithield, het kon me op zo'n moment gewoon niet schelen. En ik dacht: ik stop toch wanneer ik het wil.

'Dat was op 7 maart. Toen was ik het zo verschrikkelijk zat, 's avonds om acht uur heb ik de laatste peuk uitgedrukt. En dat was het. Ik was vastberaden. Ik wist: dit is de laatste keer, als ik nu weer begin, stop ik nooit meer. Dat stoppen, die ellende, wil ik nooit meer meemaken.

'Ik denk nog weleens: lekker! Maar het wordt minder. In het begin zat ik rokers te observeren, nu zijn er tijden dat ik er niet mee bezig ben. Ik heb het er zo moeilijk mee gehad, dat weerhoudt me ervan weer te beginnen. Ik weet het zeker hoor! Het doet me normaal gesproken niks als mensen in mijn omgeving roken, steek er dus gerust een op.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden