Wassende water dreigt voor zowat het gehele land

Vanuit de lucht is pas goed te zien hoe kwetsbaar we zijn...

De spuugzakjes in de Hawker Beechcraft 1900 D worden aangesproken, maar plaatsvervangend directeur-generaal van Rijkswaterstaat Luc Kohsiek blijft onaangedaan tijdens het ochtendlijke, turbulente vliegtochtje boven de Hollandse Delta. Wankelend tussen de twee stoelenrijen praat hij vrolijk voort over zandhonger, suppleties, bypasses voor rivieren, terwijl het vliegtuigje schommelend de route vervolgt.

Op de ochtend dat orkaan Gustav in de VS toch minder vernietigend bleek dan gevreesd en op de ochtend dat India rouwt over de gevolgen van een zoveelste overstroming, biedt Rijkswaterstaat een vliegtocht aan boven Nederlandse wateren. Dat ook Nederland zich meer moet wapenen tegen het water wordt onvoldoende beseft, luidt de boodschap, daags voor de presentatie van het advies van de Deltacommissie.

Kleigrond
Het is dan ook geen toeval dat de vlucht ook de Hoekse Waard aandoet, het gebied waar Cees Veerman, voorzitter van de Deltacommissie, woont. Zompige kleigrond, omringd door water, weet Kohsiek. Waarmee maar gezegd moet zijn dat Veerman uit ervaring kan meepraten over watervraagstukken.

]]>

Zo vanuit de laagvliegende Hawker lijkt heel westelijk Nederland een aaneenschakeling van plassen en waterwegen. Dat is het in essentie ook. Zo’n 10 miljoen mensen wonen in ‘overstroombaar’ gebied. Amper 1.500 jaar geleden was nagenoeg heel ‘Holland’ een onbewoonbaar gebied, waar de verzakte veengronden overspoeld waren door water. Nu nog ligt het grootste deel van het land onder NAP, met de Zuidplaspolder bij Nieuwerkerk aan den IJssel als diepste punt (-6,76 meter).

Hoe Holland er ruwweg tweeduizend jaar geleden uitgezien moet hebben, is het best te zien bij de Biesbosch, het eerste doel van de vliegtocht. Tot de vijftiende eeuw was dat een veengebied met bedijkte gedeelten die steeds verder zakten. Totdat de Sint Elisabethsvloed (1421) alles overstroomde.

Vrij spel
Recentelijk heeft het water aan de noordkant van de Biesbosch meer vrij spel gekregen. Door een bypass bij de polder Noordwaard stroomt water van de Merwede naar het Hollands Diep . Het gaat hier om een zogeheten koploperproject uit het rijksprogramma Ruimte voor de Rivier. Met dat programma, dat de waterafvoercapaciteit van de grote rivieren moet vergroten, is 2,2 miljard euro gemoeid.

Het afdammen van de Oosterschelde heeft naast internationale prestige (de stormvloedkering wordt alom beschouwd als een waterstaatkundig meesterwerk) ook tot problemen geleid. Er komt geen zand meer binnen in de Oosterschelde en dat is wel nodig voor de getijstroom. Gevolg: de zandplaten worden lager, er komen minder kokkels, scholeksters laten die platen meer en meer als foerageergebied links liggen.

Om de kustprovincies te beschermen tegen het water (zeespiegelstijging, krachtiger golven) hanteert Rijkswaterstaat de filosofie ‘zacht waar het kan, hard waar het moet’. Een ‘harde’ aanpak geldt bijvoorbeeld voor de Westkappelse Zeedijk. Die dijk wordt met steen bekleed om te voorkomen dat klei in die dijk door de zee wordt weggevoerd.

Erosie
Dat de kustlijn erodeert is vanuit de lucht goed te zien bij Voorne. Twee bunkers van de Duitse Atlantikwal, indertijd op duinen gebouwd, liggen nu in zee. Even noordelijker leidt menselijk ingrijpen ertoe dat de kustlijn verandert. Maandag is begonnen met de aanleg van de Tweede Maasvlakte, tweeduizend hectare nieuw land dat, na de Veluwe, het hoogstgelegen deel van Nederland moet worden.

Voor de Zuid- en Noord-Hollandse kust geldt in algemene zin dat die met zandsuppleties wordt versterkt. Nu gebeurt dat met ongeveer 22 miljoen kub per jaar, bij de verwachte zeespiegelstijging (het KNMI houdt rekening met zestig centimeter voor de komende eeuw) is minimaal het tweevoudige benodigd. Als daartoe wordt besloten zijn de kosten van alleen suppleren 225 miljoen euro per jaar.

Bij het suppleren worden nu al zwakke schakels in de kustverdediging aangepakt. In Noordwijk is een in een duin verpakte dijk aangelegd, in Scheveningen wordt de boulevard versterkt en het strand opgehoogd. Ter compensatie van de aanleg van de Tweede Maasvlakte wordt bij Terheijde een nieuwe duin aangelegd. Vanuit de lucht is heel goed waarneembaar dat nergens aan de Noordzeekust de duinenrij zo iel is als bij dit Zuid-Hollandse plaatsje. Als het hier doorbreekt, zijn 1,6 miljoen Nederlanders in last, weet Rijkswaterstaat.

Ook bij de Hondsbossche en Pettemer Zeewering zijn ‘harde ingrepen’ nodig, want zandsuppletie alleen is niet toereikend. Bij dit deel van de Noordzeekust is het probleem dat het zand wordt ‘weggezogen’ door de Waddenzee.

Afsluitdijk
Ingrepen zijn ook nodig bij de Afsluitdijk. De 75 jaar oude dijk voldoet niet meer aan de nieuwe eisen en moet worden opgehoogd. De capaciteit van de spuisluizen moet worden vergroot, maar bij forse stijging van de zeespiegel valt er straks niets meer te spuien. Dat moment lijkt in 2050 te komen. De oplossing volgens Rijkswaterstaat en de Deltacommissie: peilverhoging in het IJsselmeer.

En dat heeft dan weer gevolgen voor de dijken aan dat meer (met name aan de oostelijke kant) die nu wel veilig zijn, maar dan weer moeten worden opgehoogd.

Voor de grote rivieren geldt per definitie dat er ruimte moet worden gecreëerd, weet Rijkswaterstaat. Dat besef is pas écht gegroeid na de overstromingen in 1993 en 1995. De ruimte om water te bergen in geval van extreem hoogwater is de laatste anderhalve eeuw voor de Maas gehalveerd en voor de Rijn(-takken) zelfs meer dan dat. Terwijl de klimaatsveranderingen ertoe leiden dat er steeds meer rivierwater moet worden afgevoerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden