Was hij niet gewoon de zoon van Thatcher? Labour Van grote euforie naar diepe desillusie

Komende donderdag gaan de Britten naar de stembus, en alles wijst erop dat Labour de verkiezingen dit keer níet gaat winnen....

In de nacht van 1 op 2 mei 1997 vierde Groot-Brittannië een bevrijdingsfeest. Althans, zo zag het eruit voor buitenlanders. Tony Blairs New Labour had een enorme overwinning geboekt in de verkiezingen en met 419 van 659 zetels in het Lagerhuis een einde gemaakt aan achttien jaar Conservatief bestuur.

‘It can only get better’, luidde de campagnesong van Labour dat voorjaar, en dat gaf goed de stemming weer. De Britten waren de conservatieven beu, en het kon alleen maar beter worden.

De eerste dag van zijn kabinet, 6 mei, viel samen met zijn 44ste verjaardag en Blair liet er geen gras over groeien. Hij maakte meteen de Bank of England onafhankelijk, zodat het afgelopen was met het inzetten van het rentemiddel door de politiek.

Hij was er nog maar net, of het begon al. Groot-Brittannië verkeerde in een roes van hoop en optimisme en wenste daaruit voorlopig niet te ontwaken. New Labour? New Britain! Nieuw? Een Cool Britain was van onder de puinhopen van de Tories tevoorschijn gekropen. Het land was na de harteloze neo-liberalen (‘Er bestaat niet zoiets als een samenleving’) weer in handen van het volk gekomen.

Labour was de People’s Party, Blair was de People’s PM en Diana was – na haar dood in augustus van dat eerste wonderjaar, dat wel – de People’s Princess.

In september 1997 bereikten Blair en Labour nooit eerder vertoonde scores in de polls. Maar liefst 93 procent van de Britten vond de premier fantastisch, 4 procent twijfelde nog een klein beetje en een te verwaarlozen groepje idioten (3 procent) vond hem niet fantastisch.

Op 30 september hield Blair in Brighton zijn befaamde ‘A beacon to the world’- toespraak. Toen wist iedereen het zeker: hier was de Messias, en hij ging van Groot-Brittannië de hemel op aarde maken, ‘de modelstaat van de 21ste eeuw’. Schotland kreeg een parlement en Wales een assemblee. En alle Britten het minimumloon. Blair leek Harry Potter wel, die andere in 1997 aangetreden tovenaarsleerling.

Maar in november 1997 ging er voor het eerst iets mis. De Formule I-baas Bernie Ecclestone bleek in januari 3 miljoen pond in het verkiezingsfonds van Labour te hebben gestort. En hoe Blair ook ontkende dat daarvoor toezeggingen waren gedaan, er kleefde opeens iets vuils aan zijn maagdelijk witte kleed. De bij Britten aangeboren scepsis jegens politici van elke kleur stak de kop weer op. De wittebroodsmaanden waren voorbij.

In de media werd steeds vaker een ander beeld van Blair geschetst: dat van een gladde en onbetrouwbare ijdeltuit. Was hij niet gewoon de zoon van Thatcher, een als sociaal-democraat vermomde neoliberaal? Een one-nation-conservatief, net als zijn vader? Toen Blair in 1998 zijn ‘Derde Weg’-concept presenteerde, een soort sociaal-democratie zonder alle linkse last, nam het wantrouwen verder toe, bij links én rechts. Wie was deze man?

‘Wij zijn de radicalen van de 21ste eeuw’, zei Blair, maar het was niet meer zo duidelijk in welke richting die radicaliteit Groot-Brittannië zou voeren.

Op 18 april 1998 boekte Blair zijn grootste succes: de ondertekening van de ‘Belfast Agreement’, beter bekend als het Goede Vrijdag-akkoord. Dat opende de weg naar blijvende vrede in Noord-Ierland. Anderhalf jaar – en een bloedige bomaanslag in Omagh – later trad in Belfast het eerste Noord-Ierse kabinet aan. Hij versterkte er zijn imago in het buitenland mee.

Maar in eigen land was de scepsis groeiende. Cool Britain was al vervangen door Naff Britain, het slonzige Groot-Brittannië waar de scholen en ziekenhuizen in miserabele staat bleven verkeren.

Het gevoel van teleurstelling dat na de extreme euforie wel móest komen, sloeg genadeloos toe. Elke Messias wacht de kruisiging, dat was voor Blair niet anders. Zeker toen hij zich in zijn derde regeringsjaar meer op het buitenland ging richten, en zich ontpopte als een havik. In Kosovo en, toen al, samen met Clinton jegens Irak.

De leugens rond de oorlog in dat land zouden uiteindelijk, jaren later, zijn ondergang inluiden en van Tony Blair, die de mensen bij zijn aantreden liet dansen in de straten, een gehaat man maken.

Bert Wagendorp

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden