Was het kolonialisme zo gek nog niet?

Over:..

Het kolonialisme geniet een ware herwaardering. Na een halve eeuwkritiek, sinds het uiteenvallen van de koloniale rijken, op de kwalijkegevolgen van de Europese overheersing, bestuderen sommige historici nu ookde positieve effecten. Vooral in Groot-Brittannië wint de school die deeenzijdig anti-koloniale geschiedschrijving wil corrigeren terrein. InFrankrijk ligt de kwestie gevoeliger.

De koloniale tijd splijt Frankrijk zo, dat president Chirac er meteenna nieuwjaar over móest beginnen. Hij zei over een omstreden wetsartikeluit februari 2005, waarin 'de positieve rol' van het Franse kolonialismewordt verkondigd: 'De huidige tekst verdeelt de Fransen. Hij moet daaromworden herschreven.'

De nieuwe formulering zal 'de gemoederen tot bedaren brengen' hooptChirac. Dat valt te bezien. De aanvoerder van het verzet onder historici,emeritus-hoogleraar Claude Liauzu, waarschuwde onmiddellijk: we willen geennieuwe tekst die 'de kool en de geit spaart'; schrappen dat artikel. Destaat mag geen goedgekeurde visie op de geschiedenis decreteren, vindenLiauzu en zijn medestanders. (zie: ldh-france.org)

In het artikel staat dat op de middelbare scholen positief over hetkolonialisme moet worden onderwezen, alsmede over 'de offers van destrijders van het Franse leger'. In Frankrijk denkt iedereen dan vooral aan de bloedige vrijheidsstrijd in Algerije een halve eeuw geleden. Hetgaat hier om een 'eerherstel' voor de Franse kolonisten, de pieds-noirs,en de koloniale soldaten (Algerijnen die door hun landgenoten als verraderswerden gezien), de harki's. Die horen tot het electoraat van de rechtseregeringspartij UMP, de drijvende kracht achter de wet.

Woedende reacties kwamen vooral van de radicale jonge moslims van degroep les indigènes de la République (de 'indianen'). Geen wonder dat hetdebat pas na de banlieue-rellen van het afgelopen najaar oplaaide en desocialistische oppositie handtekeningen tegen de wet ging verzamelen, metsucces.

In Algerije stonden de kranten het afgelopen jaar vol over het affront(zie: algeria-watch.org). Duizenden studenten demonstreerden tegen de wetin het voormalige koloniale moederland. President Bouteflika ging over deschreef in zijn boosheid door de koloniale bloedbaden in zijn land met denazi-kampen te vergelijken. Op de Franse Antillen was de verontwaardigingzo groot dat minister Sarkozy vorige maand een bezoek aan TropischFrankrijk afzegde.

Al die verwikkelingen maakten het voor de historici niet gemakkelijkervanuit hun vakgebied een politiek neutrale actie tegen de wet te voeren.Velen wilden liever niet in een adem met de 'indianen' worden genoemd, enhet verwijt van 'politiek correcte geschiedschrijving' lag op de loer. (deeenzijdige nadruk op de slachtofferrol van de gekoloniseerde volken en delinkse morele verwerping van kolonialisme).

De filosoof Alain Finkielkraut is de aanvoerder van het rechtse kamponder intellectuelen, die de 'dominantie van het linkse politiek correctedenken' willen doorbreken. De wet over het kolonialisme vond hij 'stupide'zei hij eind oktober in een televisieprogramma (transcript opldh-toulon.net), 'daarom voeg ik mijn stem toe aan het protest van dehistorici. Maar ik voeg twee nuanceringen toe'. Dat zijn: het 'negatieveen hyper-kritische beeld van de kolonisatie' is wel degelijk verkeerd enook de eerdere wet (uit 2001) over de geschiedenis waarin detransatlantische slavenhandel achteraf als een misdaad tegen demenselijkheid wordt bestempeld, deugt niet. Waarom heeft niemand het overde Afrikaanse en de islamitische slavenhandel?

De vereniging van leraren geschiedenis en aardrijkskunde worstelde metdit dilemma. De vereniging eiste de intrekking van de wet - 'het is aan dehistorici om de geschiedenis te beschrijven en aan de leraren om die teonderwijzen' - maar veroordeelde ook de actiegroepen die de kwestie voorhun eigen doeleinden misbruiken (aphg.asso.fr). Zoals een collectief vanAntillianen, Guyanezen en Réunionais dat actie voert tegen de historicusOlivier Pétré-Grenouilleau die in 2005 een genuanceerd boek over deslavernij schreef. Zijn 'revisionisme' zou in strijd zijn met deslavernij-wet van 2001.

Het geschiedenistijdschrift L'Histoire kwam in oktober met een nummerover het kolonialisme en constateerde met een zekere verbazing deactualiteit van het thema. Ook hier het dilemma: de redactie wil nietwegvluchten voor de 'brandende kwestie': 'zijn er heden ten dage in onsland smarten en onrechtvaardigheden geërfd van het kolonialisme?' Deredactie wil noch de koloniale misdaden toedekken noch vervallen tot'anachronisme' (zeg maar: alle ellende van nu aan het verleden wijten).

De historica Sandrine Lemaire verwijt een deel van de historici zichte lang afzijdig te hebben gehouden.. Ze beschrijft in het jongste nummervan le Monde Diplomatique hoe de aanslag op de geschiedwetenschap door depolitiek al jaren aan de gang is. In die 'politieke therapie' over dekoloniale tijd proberen allerlei belangengroepen hun stempel op deherinnering te drukken. De onafhankelijke geschiedschrijving en hetonderwijs komen in het gedrang. De historici mogen zich niet verstoppen inhun academies en bibliotheken, vindt zij.

Er is ook een groep die de kwestie van het 'positieve kolonialisme'juist aangrijpt om meteen de intrekking van álle wetten met historischeonderwerpen te eisen. Ook die uit 1990 waarin het ontkennen van de shoahstrafbaar wordt gesteld. Daar is de groep rond Liauzu weer niet blij mee:eerst moet de wet van februari 2005 van tafel; grotere, onhaalbare doelenstellen, werkt dat tegen. Die principiële eis wekt ook de verkeerde indruk over historici, schreef hij in de krant Libération: alsof misdaden tegende menselijkheid hen koud laten.

In Le Monde Diplomatique van april had Liauzu al uiteengezet waar hetprotest volgens hem toe moet leiden: meer historisch onderzoek naar hetkolonialisme. Niet langer zoeken naar politiek acceptabele formuleringen.Geen ideologisch gekrakeel, zeker geen door de staat 'gecanoniseerde'versie van het verleden, 'strijdig met het vrije denken'. Ook 'moeten detekortkomingen van de antikoloniale geschiedschrijving onder ogen wordengezien', die 'heiligverklaring' van de slaaf en de immigrant, al is hungeschiedenis een essentieel onderdeel van de historische dynamiek. Net alskritische studies naar de dictaturen in de ex-koloniën, de onderdrukkingvan vrouwen na de onafhankelijkheid en ga zo maar door.

Het koloniale verleden laat zich via de immigranten voelen in hetheden, niet alleen in Frankrijk maar in heel Europa. Kritischegeschiedschrijving is meer dan ooit nodig.

Wim Bossema

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden